artikel

Biogroothandel Udea neemt zorgvuldig de tijd voor WMS implementatie

Warehousing 1108

Biologische groothandel Udea staat aan de vooravond aan de implementatie van een nieuw goods-to-man shuttlesysteem Adapto in het nieuwe omnichannel distributiecentrum in Veghel. Bijzondere hieraan is dat het bedrijf als een van de eerste gebruikers ter wereld binnen dit systeem, afkomstig van buurman Vanderlande, gebruik maakt van verschillende temperatuurzones. Zover is het nog niet want eerst vindt de gefaseerde uitrol plaats van een nieuw omvangrijk WMS-systeem.

Biogroothandel Udea neemt zorgvuldig de tijd voor WMS implementatie

Vorig jaar april begon Udea, het bedrijf achter supermarktketen Ekoplaza, met de bouw van een duurzaam BREEAM-gecertificeerd distributiecentrum van 32.000 vierkante meter dat een ware blikvanger is op het Foodpark in Veghel. Voornaamste reden is dat het bedrijf een consolidatie slag wil maken, wat zoveel betekent dat vier magazijnen verdeeld over Veghel en Harderwijk (dat Udea verkreeg na de recente overname van branchegenoot Natudis, red.), worden geïntegreerd in de nieuwbouw. “Het magazijn in Harderwijk is inmiddels volledig geïntegreerd in onze nog operationele magazijnen hier in Veghel, waar we verdeeld overdrie locaties versproducten en AGF-picken en DKW (droge kruidenierswaren) gepickt dus alle producten die je niet gekoeld terugvindt in het supermarktschap. We moeten dus nog op en neer pendelen tussen de drie magazijnlocaties om vrachten samen te voegen”, zegt Elske van Hoeckel, business IT process manager bij Udea.

Elske van Hoeckel (Udea): “Meest spannende in dit hele traject wordt de uiteindelijke koppeling van het WMS met het Adapto-shuttle systeem. Dat is voor ons nog een echte blackbox.”

Onrendabel omnichannel pickproces

Het biologische groothandelsbedrijf levert volgens Van Hoeckel naast Ekoplaza supermarkten ook biologische producten aan een uiteenlopende klantenkring. “Het omnichannel gedeelte dat we de komende jaren fors willen uitbreiden, is alleen bedoeld voor de online klanten van de biologische supermarktketen. Dat is nu nog een omslachtig en niet rendabel pickproces en aan verandering toe aangezien we een stijging verwachten de komende jaren van het aantal online orders van Ekoplaza-klanten.” Daarmee kan het goods-to-man shuttlesysteem van Vanderlande Udea van dienst zijn. Van Hoeckel: “In die zin dat we dan wel per consument orders kunnen verzamelen zonder dat het ons pijn doet, want in het huidige proces worden consumentenorders eerst als verzamelbatch gepickt, vervolgens uitgevent om daarna wéér te picken per consument. Dat is weinig efficiënt en vandaar onze nadrukkelijk wens om te komen tot een efficiënter pickproces en dit systeem helpt ons daarbij. Eenmaal operationeel kunnen we straks voor alle stromen in Adapto gaan picken. Dat kan de ene keer voor een individuele consument zijn maar een order later kan het ook zijn dat een orderpicker een rolcontainer moet vullen.”

Hoe ziet de Adapto-shuttle bij Udea eruit?
Vanderlande installeert in het dc van Udea een Adapto met een scheidingsvloer (met 23 verdiepingen in totaal, red.), waarbij de twee zones met elkaar samenwerken dankzij een liftsysteem. Normaal gesproken bestaat een shuttlesysteem uit één grote kubus. “Het unieke aan deze Adapto is dat de installatie wordt onderverdeeld in een twee graden zone bedoeld voor de opslag van bijvoorbeeld vleeswaren en kip en een warmere zone die oploopt naar een maximale temperatuur van 12 graden”, zegt Elske van Hoeckel. Voordeel hiervan is dat producten die op zes graden mogen worden opgeslagen – zoals margarine – ook verplaatst kunnen worden naar de twee graden zone. Udea kan in het shuttle-systeem – dat beschikt over 12 pickstations en 100.000 kratposities – niet de volledig voorraad kwijt. “We streven naar een vulgraad van 90 procent. Bepaalde fastmovers waar we twee pallets per dag voor draaien brengen we logischerwijs niet onder in de Adapto omdat dat alleen maar voor zorgt voor extra handling.”

Gecombineerde WMS-WCS oplossing

Om dit voor elkaar te krijgen, is er een belangrijke rol weggelegd voor de gecombineerde Astro WMS-WCS oplossing die op dit moment wordt geïmplementeerd. Dit pakket is de backbone voor het shuttlesysteem dat op dit moment wordt opgebouwd in het nieuwe distributiecentrum. Volgens Van Hoeckel is bewust gekozen voor een gecombineerde WMS-WCS oplossing. “We konden ook het WCS (Warehouse Execution System. red.) kiezen van Vanderlande. Daar hebben we vanaf gezien omdat wij een dusdanig eisenpakket hebben dat een WMS oplossing zoals Astro van Consafe, beter in staat is om de juiste artikelselectie te maken.” Als voorbeeld haalt Van Hoeckel een order voor een rookworst aan. “Dit product heeft een beperkte THT. Het kratje met daarin de rookworsten met de kortste houdbaarheidsdatum moet ook als eerste weg. Er moet dus een systeem achter hangen die die selectie kan maken. Een WMS -zoals Astro- is daar veel beter toe in staat dan alleen een WCS. De combinatie Adapto en Astro was ook bijna een vereiste om dit hele project aan te gaan.”

 

WMS in standaard pickproces

De overstap naar een echt WMS-pakket is voor Udea volledig nieuw. Voorheen werd gewerkt met een op maat geschreven ERP-pakket voor specifiek voor AGF ‘groente’ groothandels. Van Hoeckel: “Dit pakket fungeerde prima maar op een gegeven moment zijn er aan ons assortiment meer productcategorieën toegevoegd en werd onze bulkvoorraad ook steeds groter. Daar was het WMS gedeelte in dit pakket niet helemaal op berekend. De software herkent namelijk alleen maar grondlocaties en geen hoogtelocaties. Dat was niet handig voor ons. Met dit WMS systeem, wat later ook in combinatie met het shuttlesysteem kan, kan dat dus wel. Dat was ook de reden dat we het WMS vooruitlopend op de mechanisatie zijn gaan implementeren in ons standaard picking proces want de voordelen daarvan zijn aanzienlijk.”

 

Livegang voor slow movers

Een bewuste keuze alvorens er wordt gestart met de laatste fase, is het koppelen van het WMS met het shuttle systeem van Vanderlande. Van Hoeckel: “We zijn eerst begonnen met overzetten van het WMS-gedeelte uit ons oude ERP-pakket in Astro. Daar is nog een lang traject aan vooraf gegaan zoals de inventarisatie van wensen, wat willen we behouden, wat zijn de procedures en wat zijn de huidige richtlijnen voor onze orders. Op basis daarvan heeft Consafe aangegeven welke gegevens nodig zijn voor het WMS-systeem vanuit ons ERP-pakket.” Vervolgens heeft Udea samen met de ERP-leverancier de warehouse management-data van een bepaald magazijn en bedrijfsafdeling naar het nieuwe WMS gestuurd. “Dat kostte flink wat ontwikkel- en programmeertijd maar uiteindelijk zijn we kort geleden live gegaan in het nieuwe dc met onze slow movers, een kleine 2.500 artikelen in totaal. Dat is ook de enige productcategorie die op dit moment in de nieuwbouw op voorraad ligt.”

 

Eerste WMS fase was een mijlpaal

Volgens Van Hoeckel is bewust gekozen voor de slow movers. “Een veilige route want als deze producten een week niet zouden worden uitgeleverd, omdat het systeem plat ligt, dan was er nog geen man overboord geweest. Natuurlijk gaan klanten dan klagen, maar zij hebben liever dat de melk wel wordt uitgeleverd in plaats van het bouillonblokje dat bijna op is, maar waar eigenlijk toch weinig vraag naar is.” Die omzetting is zonder al te veel problemen afgerond. “Laat onverlet dat dit een mijlpaal was want we zijn in de eerste fase van deze WMS-implementatie erin geslaagd om Astro in ons standaard pickproces te integreren.”

Combinatie WMS-Adapto is blackbox

Volgende fase is dat de voorraad in het DKW-magazijn in Veghel wordt overgeheveld naar de nieuwbouw. “De artikelen uit dit magazijn, dat overigens nog altijd draait op het oude ERP-pakket, worden hier ingeboekt in het WMS van Consafe. Dat is een relatief eenvoudig proces. Zodra we hier vers willen gaan draaien dan moeten we dat magazijn helemaal live trekken. Dat wordt nog even billenknijpen. Dat gaan we volgend jaar doen, maar zeg nooit, nooit. Het kan ook eerder plaatsvinden.”

Koppeling WMS-shuttle: ‘black box’

Meest spannende in het hele traject wordt volgens Van Hoeckel de uiteindelijke koppeling van het WMS met het Adapto-shuttle systeem. “Dat is voor ons nog een echte blackbox. In principe koppelen beide implementatie partners hun systemen aan elkaar op basis van de logica die we met hun delen. Belangrijk daarbinnen is vooral de interfacing. In april volgend jaar moet de ‘hardware’ van het shuttlesysteem draaien. De hele aansturing met betrekking tot het WMS zal nog enige tijd in beslag nemen.” Ook hier geldt weer dat er in fases wordt gewerkt. “We hebben ook voor deze fase een ramp up plan gemaakt wat zoveel betekent dat we starten met artikelen in het Adapto systeem, waar we ons geen buil aan kunnen vallen. Mochten we in Adapto niet bij desbetreffend artikel kunnen komen dan kunnen we het nog altijd handmatig picken op een andere locatie in het magazijn, hiertoe faciliteert Astro automatisch.”

Vervangende functies voor orderpickers

Van Hoeckel geeft aan dat het goods-to-man orderpick shuttle systeem er niet per definitie voor zorgt dat een verlaging komt van loonkosten. “Dit systeem is efficiënter omdat we daarmee sneller aan onze groeicapaciteit kunnen voldoen, zonder dat we inzet van orderpickers hoeven te verhogen – er worden in Adapto meer regels gepickt per uur dan in het standaard pickproces. Er komen echter andere functies voor in de plaats zoal onderhoudsfuncties en supportfuncties, waardoor naar verwachting loonkosten niet zullen dalen.”

 

Minder handling dankzij mechanisatie

Ook qua orderpick heeft de IT-specialist hoge verwachtingen. “Het wordt een stuk efficiënter, want in onze huidige omnichannel aanpak hebben we een product drie keer in onze handen voordat het überhaupt bij de consument terecht komt. Straks is dat stukken minder want dan stoppen we datzelfde product in de shuttle en komt het er op een gegeven moment uit en dan gaat het rechtstreeks naar de consument. Realistisch gezien verwacht ik dat we eind volgend jaar zover zijn dat we hiertoe in staat zijn en dat een groot deel van de orders uit dit systeem komt.”

Lees ook: De stille revolutie in warehousing

Reageer op dit artikel