blog

Waarom staat de bottle-neck-machine zo vaak stil?

Supply chain

Verbijstering bij Paul Durlinger tijdens zijn rondgangen bij productiebedrijven: “Zelden of nooit zie ik een machine werken. Goldratt zou zich tien keer omdraaien in zijn graf.”

Waarom staat de bottle-neck-machine zo vaak stil?

In het kader van de HBO Minor Voorraadbeheer kom ik bij heel veel bedrijven. We (collega Jan Kraaijeveld en ik) krijgen dan altijd een rondleiding door het magazijn en als we geluk hebben is het ook een productiebedrijf. En iedere keer leren we wat bij: de mooie kruisbestuiving van theorie en praktijk.

Verbijstering: stilstaande machines

Eén ding blijft me bij productiebedrijven altijd verbijsteren: zelden of nooit zie ik een machine werken. Behalve in procesmatige omgevingen waar alles werkt. Maar in ‘normale’, discrete omgevingen is het vaak verdacht stil. Dat is met name heel vreemd als het om bottle-neck-machines gaat. Voor alle duidelijkheid: een bottle-neck-machine is díe machine, die de output van de fabriek bepaalt. Heel eenvoudig gezegd: als de bottle-neck-machine stil staat kost het geld. Goldratt heeft hier een hele theorie (Theory of Constraints) aan opgehangen, beschreven in zijn bestseller ‘Het Doel’. Ook de reductie van de omsteltijd binnen de JiT-filosofie hangt hier mee samen. Zover de theorie, terug naar de praktijk.

Pauze, onderhoud, omstellen, vreemd

Eerst dacht ik dat het aan mij lag dat de bottle-neck-machine altijd stil staat maar collega Jan merkte hetzelfde. Op mijn vraag aan de rondleider waarom die machine stil staat, krijgen we altijd mooie antwoorden: ‘Het is pauze’ (maar de rest van de fabriek werkt lustig door), ‘het is in onderhoud (maar in een straal van 200 meter geen monteur te zien), ‘hij wordt omgesteld’ (opnieuw in een straal van 200 meter geen monteur te zien), ‘er is geen materiaal'(terwijl de pallets ‘Onderhanden Werk’ het dak lijken te ondersteunen) of het meest briljante antwoord ‘eigenlijk wel vreemd’ (waarna de rondleider, vaak de afdelingschef, doorgaat met de rondleiding).

Goldratt zou zich tien keer omdraaien in zijn graf. Nogmaals in procesmatige omgevingen komt dit niet voor. Een Nafta-kraker wordt zelden stilgelegd omdat de operators een broodje gaan eten. Een papiermachine wordt nooit stilgelegd omdat er geen oud papier beschikbaar is. En bij de omstelling van een spuitmachine zal er genoeg personeel aanwezig zijn. Nu is de relatie tussen stilstand en productie- (en dus geld-) verlies hier heel duidelijk. Maar er is geen principieel verschil tussen de procesindustrie en de discrete industrie: de bottle-neck-machine moet continu draaien. Liefst 24 uur per dag.

Overcapaciteit

Nu kan het natuurlijk zo zijn dat alle capaciteiten in een te ruim jasje zitten. Met andere woorden: er is overcapaciteit. Dat is heel mooi want dan kunnen we nadenken wat we met die extra uren kunnen gaan doen. We kunnen bijvoorbeeld gaan inbesteden. We kunnen andere producten op deze machine maken en ze goedkoop de markt opgooien. Of we doen wat de Japanners zouden doen: vaker omstellen en dus in kleinere series gaan draaien. Dit heeft een dramatisch (positief) effect op de doorlooptijd van het product en daarmee op voorraden of servicelevel naar de klant. Moraal van het verhaal: Jan Kraaijeveld en ik willen geen stilstaande bottle-neck-machines meer zien bij ons volgende bedrijfsbezoek. U bent gewaarschuwd!

Reageer op dit artikel