blog

GS1 standaarden voor MKB: nuttig of noodzakelijk?

Supply chain

GS1 standaarden voor MKB: nuttig of noodzakelijk?
Barcode

Het MKB worstelt met de invoering van GS1 standaarden en ervaart het vooral als een noodzakelijk kwaad dat vooral geld kost en niets oplevert. Jeroen Donkers vraagt zich af: Is dat wel zo?

Al sinds jaar en dag biedt GS1 handvaten voor standaardisatie van coderingen, barcodes en elektronische berichtenuitwisseling met als belangrijkste doel het sneller en beter later samenwerken van logistieke partners. Meer en meer worden de grotere marktpartijen op dit vlak veeleisender richting hun leveranciers.

Welke standaard?
Al direct bij de eerste stappen in de wereld van GS1 dreigt een gemiddelde MKB-er het spoor bijster te raken door het gebruikte jargon: GS1 Databar, EAN13, EAN128, GS1 Verzendlabel, SSCC, DESADV is slechts een kleine greep uit de totale terminologie. De eerste vraag die dus beantwoord moet worden, is: "welk doel wil ik bereiken en welke standaard helpt daar bij?". Uitgaande van geluiden uit de markt en eisen richting leveranciers van grote spelers als Albert Heijn (per 1-1-2011), richt de meeste aandacht zich op dit moment vooral op het verbeteren van de magazijnprocessen door te focussen op een betere samenwerking tussen de ketenpartijen op het gebied van ICT. In de praktijk betekent dit dat met de toepassing van het SSCC, GS1 Verzendlabel en DESADV die eerste stappen naar verbetering kunnen worden gezet.

 

Efficiëntere proces
Is de volgende situatie herkenbaar? Ontvangen goederen zijn reeds voorzien van een barcode, maar worden bij het ontvangstproces nogmaals voorzien van een barcode met een eigen (pallet)codering. Daarna worden alle ontvangen artikelen, aantallen, pallets, houdbaarheden, etc. geadministreerd. Dit ontvangstproces ziet er een stuk efficiënter uit als de barcode van de leverancier één-op-één bruikbaar is en gerelateerd kan worden aan een vooraf ontvangen digitale pakbon. Eén scan per pallet en alle ontvangen artikelen, aantallen, pallet, houdbaarheden, etc. liggen vast.

   

Dit veel efficiëntere proces is technisch zeker niet complex, maar komt in de dagelijkse praktijk toch (te) weinig voor. Een enkel initiatief in de keten om niet de eigen (bar)codering toe te passen, maar de GS1 richtlijnen voor het GS1 Verzendlabel en SSCC te volgen, biedt al direct kansen voor optimalisatie in de rest van de keten, terwijl de complexiteit en kosten voor deze extra inspanning beperkt zijn. Door het gebruik van een SSCC codering is een wereldwijk unieke identificatie van de verzendeenheid (doos, pallet, etc.) geborgd. In combinatie met de richtlijnen voor het uniforme GS1 Verzendlabel, weet uw klant hoe de aangereikte informatie geïnterpreteerd dient te worden en dat gegevens niet in conflict zullen zijn met de bestaande gegevens van de ontvanger. Hierdoor verdwijnt de noodzaak voor het opnieuw aanbrengen van een eigen (pallet)codering.

  
Voordeel loopt hard op

Na het zetten van de eerste stap op het gebied van GS1 standaardisatie met het uniform (bar)coderen en labelen van de uitgaande goederenstromen, is de volgende stap het elektronisch vooruit sturen van informatie over de aanstaande zending. Hier komt de digitale pakbon om de hoek kijken. DESADV is hiervoor een eenduidige definitie. Nu kan het voordeel voor zowel de klant als leverancier hard oplopen. Een herbruikbare (bar)codering op de uitgaande goederen in combinatie met een digitale pakbon, betekent immers voor de klant dat een enkele scan direct te relateren is aan gegevens uit de digitale pakbon en direct administratief verwerkt kan worden. Geen administratieve activiteiten dus. Hooguit een periodieke steekproef. De klant bespaart dus kosten bij de afhandeling van goederenontvangsten, terwijl de leverancier sneller betaald kan worden. Ook de vervoerder kan voordeel behalen, doordat deze werkwijze een bijdrage levert aan het verkorten van de wachttijden voor de chauffeur.

 

ICT als onderscheidend vermogen
De recente ontwikkeling dat grote marktspelers eisen stellen aan de standaardisatie binnen de logistieke keten, betekent niet alleen dat bestaande ketenpartners hier op moeten anticiperen. Een steeds duidelijker wordende trend is dat in de zoektocht naar een logistieke partner, fabrikanten en groothandels, steeds nadrukkelijker beoordelen hoe een potentiële partner geautomatiseerd is en of deze zich kan conformeren aan de GS1 standaarden. Het bieden van flexibele ICT en het faciliteren van GS1 standaarden biedt in deze situatie dus verkoopkansen in een markt waarin het onderscheid steeds moeilijker te maken is.

Hoewel er dus situaties zijn waarin min of meer wordt geëist dat GS1 standaarden noodzakelijk zijn, kan er met een stapsgewijze invoering wel degelijk sprake zijn van nuttige procesverbeteringen. Het is dus niet nut of noodzaak, maar vooral nut en noodzaak.

Reageer op dit artikel