blog

Ton de Kok kraakt IDC-voorspellingen

Supply chain

“ICT cruciaal voor operational excellence? Je moet maar durven! Ik zou zeggen: ICT, terug in je hok.”. In dit expertartikel geeft professor Ton de Kok een kritische reactie op het rapport “EMEA Manufacturing 2010 Top 10 predictions” van IDC. “Een van mijn hobby’s is om van tijd tot tijd boude uitspraken te doen.”

In een recent rapport met de titel ‘EMEA Manufacturing 2010 Top 10 predictions’ doet IT-analistenbureau IDC een aantal voorspellingen. Een van mijn hobby’s is om van tijd tot tijd boude uitspraken te doen over waar het naar toe zou moeten met Supply Chain Management, zoals het verplaatsen van voorraden naar het eind van de keten, het uitsluitend sturen op efficiency aan het begin van ketens, het ophouden met kreten als "real-time event-driven planning" en het slopen van ERP systemen tot ze niets meer zijn dan transactieruggegraten en we eindelijk eens kunnen beginnen echte plannings- en beheersingsfunctionaliteit te creëren. Ik zeg dit alles erbij omdat ik dus een eigen referentiekader opgebouwd heb, goed of fout, in welk licht ik de voorspellingen plaats en beoordeel. Laten we ze een stap voor stap doorlopen en becommentariëren.

 

1) Operational Excellence is cruciaal om als productiebedrijf voordeel te hebben van de opkrabbelende economie

 

Dit is een voorbeeld van een lege bewering: Operational Excellence is een pluriform begrip en efficiënt en effectief produceren is eigenlijk veel relevanter als de economie instort.

 

2) Realtime inzicht in de supply chain en intelligente systemen om deze informatie te duiden, is cruciaal om tot operational excellence te komen

 

Hier komt het IT-analistenbureau’s eigenbelang naar voren. De gesuggereerde causaliteit is dat ICT cruciaal is voor operational excellence. Je moet het toch maar durven. Na 50 jaar ICT implementaties in Operations is genoegzaam bekend dat denken vanuit informatiesystemen eerder tot minder "operational excellence" leidt dan meer. Het is niet voor niets dat zowel JIT als haar afgeleide Lean gebaseerd zijn op "fysieke" informatieoverdracht, zoals kaarten, vlakken op de grond, kleuren, etc. Ik zou zeggen: ICT, terug in je hok.

 

3) Productiebedrijven zullen lean-principes toepassen om hun bedrijfsstrategie te ondersteunen

 

Kijk, dit gaat al beter. Maar laten we wel wezen: zo’n voorspelling is altijd goed. Ik zou zeggen:  Deden ze, vergaten ze te doen, gaan ze doen en zullen ze weer vergeten te doen. Als begeleider van afstudeerders in het WO is dit proces aan de ene kant de garantie dat mijn studenten voor hen uitdagende en uitvoerbare opdrachten krijgen en aan de andere kant een garantie voor een lichte frustratie om voor de zoveelste keer hetzelfde probleem te helpen oplossen. Borgen van de bedrijfsvoering blijft een issue.

 

4) Productiebedrijven beschouwen hun eigen fabrieken steeds meer als slechts een schakel binnen het totale voortbrengingsketen

 

Hoe bedoelt U? Het zal wel om het woordje "slechts" draaien. Maar wat is hiervan de implicatie? En hoe verhoudt dit zich tot de beoogde real time supply chain inzichten? Volgende voorspelling graag.

 

5) Ondersteunende systemen voor productie en logistiek zullen steeds meer naar elkaar groeien

 

Vanuit een vliegtuig op 10 km hoogte is alles hetzelfde. Alles is blauw, ofwel SAP. Ik ben het hier volstrekt mee oneens. Als het gaat om de functionaliteit van ondersteunende systemen, dan geldt: "The devil is in the detail". Magazijnbeheer is totaal anders dan productiescheduling, massa-assemblage vraagt om een andere werkorderstructuur dan enkelstuksfabricage. Juist hierin liggen kansen voor echte bedrijfsprocesbesturingsinnovatie. Nu nog ondernemende supply chain managers gezocht.

 

6) Productiebedrijven zullen hun wereldwijde supply chain-structuur heroverwegen en inspelen op de ‘nabijheid van toeleveranciers’-benadering

 

Gezien de extreem lange ketens die zijn ontstaan door productie in lage lonen landen als China en de Oekraïne, lijkt zo’n voorspelling nauwelijks riskant. Overigens was deze voorspelling midden 2008 veel actueler door de hoge olieprijs. Grote ondernemingen formuleerden weer visies gebaseerd op local-for-local. Die staan weer even in de ijskast. De enige structurele trend is die van de intrinsiek laagste kosten: uiteindelijk is voor de supply-chain-structuur bepalend waar grondstoffen uit de grond worden gehaald, waar energieopwekking het goedkoopst en duurzaamst is, waar grond voor landbouw en veeteelt het ruimst voorhanden is. In dat opzicht mogen we onze ligging aan zee en in de delta van twee grote rivieren koesteren.

 

7) Productiebedrijven zullen inzetten op duurzaamheid en hierin desnoods verder gaan dan wettelijk is voorgeschreven

 

Zolang de analisten het voor het zeggen hebben is alleen wat het meeste oplevert bepalend. Duurzaamheid die resulteert in minder materiaalgebruik, minder energiegebruik en minder personeel leidt tot een hogere winstgevendheid. Duurzaamheid die vraagt om meer registratie, meer veiligheid, complexere processen, leidt tot hogere kosten. Daarom blijft wetgeving en consumentendruk nodig. We zullen het zien.

 

8) Productiebedrijven zullen als bedrijf mobieler worden om sneller te kunnen inspringen op nieuwe markten

 

Volgens mij is de maximale mobiliteit bereikt. Nog mobieler betekent nog minder loyaliteit van de ondernemingsleiding aan haar personeel. Gezien de arbeidsmarktsituatie voor de komende 30 jaar lijkt mij dit schieten in eigen voet. Ik verwacht een tegenbeweging, gebaseerd op het veel gehoorde "slimmer werken". Ik zie het nu al bij bedrijven als ASML en P&G. Het laatste bedrijf hanteert het "growth from within" principe. Het eerste bedrijf ademt R&D, ook in de bedrijfsvoering. Bij P&G zie je dit alles resulteert in een enorme sociale cohesie en tegelijkertijd is er voortdurende beweging van mensen van marketing naar fabriek naar supply chain, van operationeel manager naar "process owner" naar project manager en terug naar operationeel management. Ik zie bij ASML eenzelfde beweeglijkheid. Op deze manier ontstaat een "bedrijfsvoeringssysteem", misschien wel ecosysteem, dat gebaseerd is op "tacit knowledge" ofwel ervaringskennis, informele, maar o zo effectieve communicatie, dat vrijwel onmogelijk te kopiëren is. Daarin ligt voor deze bedrijven en bedrijven met eenzelfde HRM-visie een duurzaam concurrentieel voordeel. Dat slimmer werken is dus m.i. niet gebaseerd op basale principes als die van Lean (wel doen hoor!) of gebaseerd op veel ICT, maar op een combinatie van zowel goede, zich bewezen hebbende, bedrijfsvoeringsprincipes en bedrijfsspecifieke informele kennis die, doordat die in de haarvaten van de organisatie en in het ruggemerg van iedere medewerk(st)er is verankerd, in staat stelt voortdurend op veranderingen in te spelen op effectieve wijze. Taak van het top management is voortdurend te zorgen voor een naar buiten gerichte houding van de organisatie. In dat opzicht kunnen veel bedrijven veel leren van de wetenschap. Daar is een naar binnen gerichte houding dodelijk voor de productiviteit en kwaliteit van het geleverde werk. Immers, productiviteit en kwaliteit wordt bepaald door citaties en publiceren in toptijdschriften. En citaties komen alleen als anderen jouw werk de moeite waard vinden en dat moet het sowieso eerst voor publicatie door onafhankelijke collega’s worden geaccepteerd. Het zou de moeite waarde zijn om zo’n peer review systeem voor de bedrijfsvoering in te voeren. En dat is volgens mij niet benchmarken.  

 

9) De IT-managers van productiebedrijven zullen meer inzetten op zogenaamde consumption- based afrekenmodellen, waarbij alleen voor het daadwerkelijk gebruik van software wordt betaald.

 

Deze stelling gaat alleen op voor standaardservices, zoals gebruik van transactiesoftware, wordprocessing, email, e.d. Zodra het bedrijfsspecifiek wordt, zal de software ofwel worden aangeschaft en op maat gemaakt, dan wel ingebracht worden in een totaalservice, waarbij het bedrijfsproces als geheel zal worden uitbesteed. Maar ja, als er een successtory komt, waarbij een groot bedrijf claimt hierdoor veel geld te verdienen, dan kan het hard gaan. We zullen zien.

 

10) De IT-investeringen zullen weer toenemen, maar niet in die mate als voor de crisis

 

Deze stelling roept bij mij vooral de vraag op hoe de omvang van IT-investeringen zich sinds begin jaren zestig heeft ontwikkeld, en dan gecorrigeerd voor inflatie. Ik vermoed dat vooral Y2K heeft geleid tot een IT-investeringsboost. Daarnaast was er in de jaren tachtig sprake van explosieve groei, doordat zelfgebouwde informatiesystemen steeds meer onderhoud vergden door onvoldoende beheersing van de aanpassingen van de software. Deze groei was niet zichtbaar, omdat deze zich binnen individuele productiebedrijven afspeelde. Het onderhoudsprobleem leidde tot de grootschalige ERP implementaties. Nu ieder bedrijf deze standaardsystemen heeft, voorzie ik dat bedrijven de ERP leveranciers zullen dwingen tot steeds verdere kostenverlagingen, zoals het geval is bij iedere standaardservice. Daarnaast gaat het nog om relatief kleinschaliger "best-of-breed" investeringen. Ik verwacht dus dat IT-investeringen zullen afnemen.

 

Het lijkt mij dat zowel de stellingen als mijn commentaar aanleiding zijn voor andere professionals hun visie naar voren te brengen. Ik denk dat het ontwikkelen van een gezamenlijke visie op bedrijfsvoering belangrijk is voor de rol van Nederland als plek waar internationale bedrijven hun operationele planningsknooppunten (denk aan 4C) vestigen. Als wij blind achter de ene uit de VS afkomstige visie na de andere aanlopen, kunnen we zo’n rol vergeten. Daarnaast is het essentieel om zo’n visie om te zetten in heel praktische methoden om haar in te bedden in organisaties. Ik acht de tijd rijp: recent onderzoek van McKinsey heeft uitgewezen dat winnende bedrijven met name goed zijn in "executie". De geformuleerde strategie blijkt niet te correleren met succes. Met dank aan Rob Theunissen van McKinsey die dit onderzoek deze week presenteerde op de Annual Meeting van het European Supply Chain Forum van de TUE.

Meer informatie over het rapport staat op de website van IDC.

Reageer op dit artikel