blog

De verborgen kosten van global sourcing

Supply chain

Al piepend en krakend lijkt de wereldhandel begin 2009 naar een lagere versnelling te schakelen. De overgeslagen volumes in zee- en luchtvracht zijn in duikvlucht, en dalingen van 20-30 procent zijn inmiddels meer standaard dan uitzondering.

De verborgen kosten van global sourcing
klik op de afbeelding voor een vergroting

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 6 maart 2009.

De hoofdreden van de scherp dalende volumes ligt natuurlijk in de afnemende vraag van consumenten, maar verschillende bedrijven vragen zich af of het wel verstandig is om op de lange termijn overzees te blijven produceren. De kostenvoordelen van global sourcing blijken namelijk nogal eens tegen te vallen.
 
Zo verkocht de Amerikaanse retailer Floor & Decor marmeren tegels voor $ 1.73 per square feet, en een Chinese leverancier bood aan dit voor $ 0.63/sq ft te produceren. Dat klonk als een interessant aanbod, maar toen de containers binnen kwamen, bleken de integrale kosten $ 1,84/sq ft te zijn en moesten de tegels met verlies verkocht worden.

 

Hoe komt dit nu?

Wat zijn de ‘verborgen’ kosten in global sourcing?

De Procurement Strategy Council, een samenwerkingsverband van Amerikaanse multinationals, heeft begin 2009 de ‘verborgen’ kosten van global sourcing in kaart gebracht. Multinationals die aan global sourcing doen, gaan vaak uit van gemiddeld 25 procent aan integrale kostenbesparingen.

De overzeese productie leidt tot 50 procent kostprijsbesparing, en dit komt door de besparingen op arbeidskosten (25 procent), materiaalkosten (15 procent), minder afschrijvingen op machines, gebouwen e.d. (7,5 procent) en extra subsidies voor productie buiten de USA (2,5 procent).

 

Mooi, die 50 procent kostenbesparing, maar er staan 25 procent extra kosten tegenover over voor het langere vervoer (15 procent), meer aandacht van het management (7,5 procent) en invoerheffingen (2,5 procent). Kortom, bij elkaar opgeteld dus 25 procent aan integrale kostenbesparingen door global sourcing. In de praktijk werd deze 25 procent aan kostenbesparing vrijwel nooit gerealiseerd door deze bedrijven, maar is het gemiddeld slechts 5 procent of minder, zoals het voorbeeld van Floor & Decor laat zien.
  

Waar zitten nu deze 20 procent extra aan ‘verborgen’ kosten van overzeese productie? Een verrassende uitkomst is dat een flink deel in interne afstemmingsproblemen bij multinationals zit. Zo worden er 8 procent aan extra kosten gemaakt doordat er onvoldoende samenwerking is in global sourcing tussen business units van de multinationals, terwijl daarnaast 6 procent aan extra kosten wordt gemaakt doordat business units, ondanks het global sourcing contract, andere afspraken maken. De resterende 6 procent aan ‘verborgen’ kosten komt door de extra niet-geplande begeleiding (4,5 procent), en de risico’s bij global sourcing, zoals kwaliteitsproblemen of arbeidsomstandigheden (1,5 procent).

 

Uit recente projecten weten we bij TNO dat de situatie voor Nederlandse be–drijven niet veel anders is: de kostenbesparingen door global sourcing vallen veel vaker tegen dan mee. Mijn ervaring is dat Nederlandse bedrijven minder te maken hebben met afstemmingsproblemen, maar dat de risico’s (veel) meer kosten opleveren dan 1,5 procent. Al met al is het van groot belang om de business case tot in details door te rekenen alvorens te gaan investeren in global sourcing!

Reageer op dit artikel