artikel

Wat kun je met Distributed Order Management (DOM)?

Supply chain

Bij het uitvoeren van de distributie houdt de intelligentie vaak op: Bestellingen uit één order worden bijéén gehouden, en afgehandeld door het dichtstbijzijnde dc. Vaak is dat goed, maar lang niet altijd. In theorie is veel winst te boeken door díe voorraadlocaties als startpunt te kiezen, die op dat moment leiden tot de laagste voorraad- en transportkosten. Boven de bestaande WMS- en TMS-oplossingen moet daartoe een Distributed Order Management (DOM) systeem komen.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 7 september 2007.

Méér verkoopkanalen, internationalisering, en dus méér dc’s – order fulfilment wordt complexer. Tweederde van de bedrijven in deze situatie kampt, volgens de Aberdeen Group, met stijgende distributiekosten en dalende service-niveaus1.

          

Toch is er hoop. Uit het onderzoek van Aberdeen blijkt ook dat een kleine groep bedrijven de distributiekosten in de hand houdt. Een onderscheidende factor blijkt daarbij een multi-site visibility systeem. Hierdoor is snel zichtbaar welke opties er zijn om een bepaalde opdracht te vervullen. Soms worden orders daartoe zelfs gesplitst, en pas daarna toegewezen aan meerdere dc’s.

       

Opvallend is dat dit geen zaken zijn die te maken hebben met het ontwerpen van distributienetwerken of het voorspellen van het vraagpatroon. Daaraan is volgens Aberdeen de laatste jaren voldoende aandacht besteed. Beslissend is meer vrijheid bij het uitvoeren van de distributie, om optimaal in te spelen op de actuele situatie.

           

Daartoe wordt het idee van één dedicated dc per klant losgelaten. Elke order kan in theorie via elke route worden vervuld, en zich zelfs verdelen over meerdere routes. Zo ontstaat een situatie die lijkt op het versturen van een bestand over internet: Hierbij wordt altijd de snelste route gekozen, op grond van de actuele verkeerssituatie. Bovendien wordt het bestand in stukken geknipt, die later weer bijéén worden gevoegd. Fysieke bestellingen zou je op een soortgelijke manier kunnen aanpakken. Eerst kijk je wat de actuele status is van je distributienetwerk: welke voorraden en logistieke capaciteit zijn waar beschikbaar. Pas daarna wordt een afhandelingsroute toegewezen met zo laag mogelijke kosten.

          

Feitelijk gaat het om een routeplanningsprobleem met een be- langrijke extra variabele: de start. Die vindt plaats vanaf één of meerdere voorraadpunten in het netwerk. Het kan gaan om een magazijn van een fabrikant of een schip dat nog onderweg is. Het bepalen van wat op een bepaald moment de meest gunstigste startplaatsen zijn, wordt aangeduid met de term distributed order management (DOM).

        

“DOM begint pas, nadat een order is ontvangen”, benadrukt Ian Hobkirk, senior analist bij de Aberdeen Group. “Vaak is toewijzing aan het dichtstbijzijnde dc het beste, maar dat geldt niet altijd. Soms is het bijvoorbeeld beter overtollige of kort houdbare voorraad weg te werken uit een ander dc. De transportkosten zijn dan hoger, maar je vermijdt extra voorraden. Boven- dien heeft de klant zijn bestelling soms eerder in huis.”

       

Het bijbehorende route-optimalisatieprobleem is helder: Zoek per order de beste startpunten, zodanig dat de kosten (qua voorraad, handling, administratie- en transportkosten) zo laag mogelijk zijn, en de leverbetrouwbaarheid zo hoog mogelijk. Hierbij dient het totale distributienetwerk in beschouwing te worden genomen. Denk ook aan opslag- en transportcapaciteit bij logistiek dienstverleners.

        

Veel bedrijven hebben diverse WMS en TMS-systemen. Op lokaal niveau ondersteunen die de distributie prima, maar de verschillende applicaties kennen elkaars situatie niet en spelen dus niet op elkaar in. Vandaar het idee om DOM als overkoepelende laag te installeren. Informatie over de beschikbare voorraden en capaciteit wordt dan ingelezen vanuit de verschillende WMS- en TMS-systemen. Hierna worden de orders toegewezen en vervolgens teruggesluisd, zo is het idee.

         

“Feitelijk is DOM gewoon een onderdeel van SCM, maar bed–rijven blijken dit onderdeel veel minder op orde te hebben dan de strategische en de planningsaspecten”, aldus Hobkirk. “Dit verklaart de toenemende aandacht voor DOM. Ook de op- mars van de service oriented architecture draagt daaraan bij. De meeste DOM-systemen ge–bruiken namelijk SOA-achtige technieken om te kunnen interfacen met WMS en TMS.”

Ook Brian Kinsella van Manhatten Associates ziet de implementatie van een DOM- systeem als een logische tweede stap. “Eerst moest op lokaal niveau de supply chain executie (SCE) op orde zijn. Nu de meeste bedrijven WMS- en TMS-applicaties hebben ingericht, kan de informatie daaruit worden gebruikt om het order fulfilment naar hoger niveau te tillen.”

         

Complexer

“Distributienetwerken zijn complexer geworden, onder meer door de toename van het aantal verkoopkanalen”, aldus Kinsella. “Bovendien wil de consument zelf kiezen, bijvoorbeeld een product via internet bestellen, en dit laten afleveren via een bepaalde winkel. Silo’s in de distributie, bijvoorbeeld één dc voor bepaalde kanalen, moeten daarom worden doorbroken. Dat is precies wat een DOM-systeem doet, het geeft je meer flexibiliteit.”

      

DOM kan in theorie ook vruchten afwerpen aan de toeleverzijde. Kinsella geeft daartoe een fictief voorbeeld van een retailer, die zijn producten bestelt in China. “Zo’n retailer kan op grond van actuele informatie beslissen waar die artikelen het beste heen kunnen. Het eerste beslismoment, bij aankomst van het schip, is de verdeling van de goederen over de dc’s. En bij aankomst in die dc’s bepaal je wat de meest optimale verdeling is over de winkels.” 

          

Early Adoption

Aberdeen Consulting noemt de volgende voorbeelden van DOM-leveranciers: Manhatten Associates, Red Prairie en Sterling Commerce. Bedrijven dus, die zich van origine richten op de ondersteuning van SCE.

        

Kinsella ziet DOM als een markt die nog maar nauwelijks de fase van early adoption voorbij is. “De ontwikkeling van ons eigen DOM-systeem startte eind 2003. Twee jaar geleden vond de eerste implementatie plaats, bij een retailer van feestartikelen in de VS.”

         

De huidige lichting software is nog volop in ontwikkeling. “Vooral het aankoppelen van een TMS heeft soms veel voeten in de aarde”, weet Hobkirk. “Toch is dat belangrijk, want bij het toewijzen van orders wil je niet alleen de voorraadniveaus meewegen, maar ook de vervoerskosten. Bovendien wil je via het TMS zicht hebben op rollende, vliegende of varende voorraden. Immers, misschien kun je artikelen daaruit direct of via crossdocken bij een klant laten afleveren.”

          

De inrichting van het DOM-systeem is een andere bottleneck. De gebruiker moet het pakket namelijk zélf vertellen op grond van welke business-rules de orders worden toegewezen.

               

Het aantal bedrijven dat DOM toepast, is gering. Kinsella laat weten dat Manhatten geen klanten heeft in Europa. Ook Hobkirk kent weinig cases: “Norges- gruppen, een coöperatie van drogisterijketens in Noorwegen, gebruikt software van IMI Supply Chain. Die software bepaalt of hun orders het beste kunnen worden toegewezen aan een regionaal of een centraal dc, óf dat het beter is om de producten rechtstreeks te bestellen bij de fabrikant. Interessant is, dat de orders vaak worden gesplitst, en dus worden gepicked op meerdere locaties. Later worden de goederen per klant in transit weer bij elkaar gevoegd.”

          

Hi-tech industrie

Roy Lenders, consultant bij Capgemini, denkt dat DOM voor veel bedrijven nog een brug te ver is. “Tenzij je het hebt over supply chain visibility. Internationale hightech bedrijven met relatief dure voorraden, zoals Nokia, Dell en Sony Ericsson, hebben zo’n systeem al vijf jaar. De software die zij gebruiken, komt echter niet van de SCE-leveranciers. Vaker zie je oplos–singen van supply chain event management (SCEM) aanbieders zoals E2Open, Vizional en Viewlocity. Hun software biedt een redelijk volwassen ondersteuning voor visibility. Wil je echter dat het systeem ook distributiebeslissingen neemt, zoals DOM beoogt, dan is toch vaak maatwerk nodig.”

      

Sandra Krupe, logistiek consultant bij TNO, betwijfelt of er veel bedrijven zijn die zo’n oplossing nodig hebben. “Ik twijfel niet aan het nut van visibility. Natuurlijk moet je kunnen kijken of een product misschien bij een ander dc op voorraad ligt. Meer moeite heb ik met het per bestelling berekenen van optimale pick-locaties. Als dat veel oplevert, dan heb je volgens mij iets niet goed gedaan. Ik denk dan aan een slecht ontworpen distributienetwerk, of aan een klant-order ontkoppelpunt dat te ver stroomopwaarts ligt. Een goed voorbeeld is het mengen van verf bij Gamma. Dat gebeurt pas als de klant de verf bestelt.”

          

1) zie www.aberdeen.com

            

Kaders bij artikel: SUBARU BELEVERT IN VS VIA DOM

Subaru belevert in de VS 600 autodealers vanuit 6 dc’s met 50.000 reserve-onderdelen. Software van Red Prairie beslist daarbij op grond van business-rules hoe een bestelling het beste kan worden afgehandeld.

            

Regel één: Toewijzing aan het zogenaamde facing-dc, waartoe de dealer hoort. In 7 procent van de gevallen zijn niet alle ge–vraagde artikelen op voorraad.

Regel twee: Kijk in het ERP-systeem of een vervangend onderdeel ook kan.

Regel drie: Lukt ook dat niet, dan wordt voor het vervullen van de héle order uitgeweken naar een ander dc.

Regel vier: de laatste optie is om de order te splitsen, en dus artikelen te betrekken van meerdere dc’s.

Door toepassing van dit vier-stappen plan blijkt Subaro 99 procent van de gevraagde onderdelen uit voorraad te kunnen leveren!

          

PARALLELLE TOELEVERKETENS IN OPMARS

Roy Lenders van Capgemini wijst op de toenemende populariteit van parallelle toeleverketens. Ook voor de aansturing daarvan is DOM-achtige software nodig. “Hightech bedrijven bestellen hun commodities meestal in China, maar voor een fast respons hebben zij parallelle supply chains vanuit Oost-Europa ingericht.”

Ook in de kledingindustrie wint het toepassen van zo’n duale toeleverketen aan populariteit. “Voorafgaand aan elk seizoen wordt de bulk van de kleding besteld in China. Aanvullingen tijdens het seizoen worden in verband met de levertijd echter besteld in Oost-Europa. Een DOM-systeem beslist op grond van de actuele situatie in de winkels wat er het beste kan gebeuren. Het systeem fungeert daarbij als een soort verkeerstoren. Als er heel veel bestellingen binnenkomen, dan kan het goedkoper zijn om ook tijdens het seizoen een deel van de orders uit het Verre Oosten te laten komen.”

Door Dr. Ir. Jaap van Ede

Reageer op dit artikel