blog

Snelle acceleratie naar (bio)LNG met wetenschappelijke ondersteuning

Logistieke dienstverlening

Snelle acceleratie naar (bio)LNG met wetenschappelijke ondersteuning

De transportsector staat aan de vooravond van een transitie naar het gebruik van nieuwe brandstoffen. Dat moet gaan leiden tot een lagere milieubelasting. (Bio)LNG is een van de opkomende brandstoffen, die aan de nieuwe (Europese) wetten voor emissiereducties kunnen voldoen. Logistiek gezien brengt dat echter enorme uitdagingen met zich mee.


Uit: Logistiek Magazine oktober

Om brede acceptatie van (bio)LNG mogelijk te maken is een nieuw netwerk van distributiepunten nodig, zoals bunkerterminals voor schepen en tankstations voor het zware vrachtverkeer. In de huidige situatie constateren alle stakeholders echter een klassiek ‘kip en ei’ probleem: gebruikers kunnen niet overstappen op LNG als er geen infrastructuur is, terwijl investeringen in die nieuwe infrastructuur nog weinig gedaan worden, omdat er nauwelijks duidelijkheid is over toekomstig gebruik. In het Dinalog project ‘Design of LNG networks’ wordt in een samenwerking tussen de Rijksuniversiteit Groningen, TU Eindhoven en het bedrijfsleven getracht deze dreigende impasse te voorkomen, middels werk aan netwerkontwerpen en het analyseren van mogelijke businessmodellen.

De ontwikkelingen rondom het gebruik van LNG als brandstof voor de transportsector staan hoog op de agenda. Europees beleid schetst de kaders waarbinnen de komende jaren een uitgebreid netwerk van meer dan 180 LNG-stations en meer dan 40 LNG-terminals dient te worden uitgerold en nieuwe bunkerschepen en tanktrucks dienen te worden opgeleverd.
De Nederlandse ambitie is duidelijk verwoord door toenmalig minister Verhagen bij de ondertekening van de Green deal in 2012: “Nederland kan door grootschalige inzet van LNG als transportbrandstof zijn positie als Gasrotonde van Noordwest-Europa verder versterken. Maar dan moeten we wel snel handelen, want ook andere landen willen een centrale rol spelen op de markt voor vloeibaar gas”. Inzetten van de hoogwaardige kennis en expertise op het gebied van logistiek en supply chain management die in Nederland van oudsher aanwezig is, kan daar een belangrijke rol in gaan spelen.

Dinalogproject ‘Design of LNG Networks’

In het nieuwe  Dinalog R&D-project ‘Design of LNG Networks’ werken universiteiten met die kennis samen met bedrijven met de benodigde specifieke expertise en ervaring. Het project richt zich op de logistieke aspecten rondom de distributie en transport van LNG. Centrale doel is het leveren van input voor ondersteuning bij investerings- en infrastructurele beslissingen en economische marktanalyses. Er is speciale aandacht voor het ontwikkelen van technieken, tools en modellen om de daadwerkelijke overslag en opslag van de nieuwe brandstoffen en de toegankelijkheid naar de eindgebruiker zo efficiënt en goed mogelijk te maken. Daartoe zullen theorieën en academische kennis worden ontwikkeld en toegepast, bijvoorbeeld bij het bepalen van de beste bevoorradings-routeringen voor LNG-stations, als ook de ontwikkeling van instrumenten die de juiste vorm van transport van LNG in een synchromodaal netwerk moeten kunnen selecteren.

LNG supply chain en stakeholders

(Bio)LNG is een van de schonere brandstoffen die momenteel beschikbaar zijn. De logistieke aspecten in de supply chain van (Bio)LNG, die worden bestudeerd, betreffen de opslag, transport, distributie en teruglevering. Na extractie uit reservoirs over de gehele wereld, wordt het gewonnen aardgas in lokale productieterminals gezuiverd en vloeibaar gemaakt door het te koelen tot -162 ºC en wordt het opgeslagen voor verder transport. Omdat LNG een veel lager volume kent dan aardgas, is daartoe overzees transport door schepen mogelijk. In de meeste gevallen is de bestemming een importterminal (bijv. de GATE-terminal in Rotterdam), waar korte pijpleidingen worden gebruikt om de overdracht van het schip naar de onshore verdampingsinstallaties en opslagfaciliteiten bij de importterminal te maken. Vanuit daar kan binnenlands vervoer van LNG naar (drijvende) tankstations voor uiteindelijk eindgebruik worden georganiseerd via schip, spoor en/of truck. Bio-LNG of LBG (Liquified Bio Gas) is een duurzaam alternatief voor fossiele LNG, waarbij het belangrijkste verschil de bron van winning is. Bio-LNG kan namelijk zonder gebruik van fossiele producten in industriële biovergisters worden geproduceerd door vergisting van mest of afval. Het kan uiteindelijk als onderdeel van de LNG brandstof-mix zelfstandig worden gebruikt als brandstof voor zowel zwaar wegvervoer als maritiem transport. Voor tanklocaties voor de maritieme sector bestaan twee opties: offshore oftewel ‘schip-naar-schip (STS)’ overbrengen of via bunkerterminals aan de wal. Belangrijk voordeel van ship-to-ship (STS) is dat overdrachten kunnen worden gemaakt op plaatsen zonder enig land in zicht, waarmee de extra afstand om te tanken kan worden verminderd.

Bouwstenen voor business cases

Veel seinen voor een grootschalige transitie naar LNG staan al op groen. Europees en nationaal beleid heeft de kaders waarbinnen het LNG-netwerk dient te worden ontworpen reeds geschetst. Zowel de aanbieders van de infrastructuur als de potentiële gebruikers zijn echter op zoek naar de bouwstenen om hun business cases rond te krijgen. Het Dinalog R&D project ‘Design of LNG networks’ is er op gericht first movers in zowel aanbod en gebruik van (Bio)LNG te voorzien van relevante kennis. Om aansluitend bedrijven uit de logistieke sector in Nederland in de voorhoede van LNG-netwerken in Europa te plaatsen en Nederland als ketenregisseur voor LNG-transport en opslag te kunnen profileren.

Op 14 oktober was de kick-off van het project en op 1 november werden tijdens het COPE-congres in Apeldoorn de eerste activiteiten nader toegelicht.

Reageer op dit artikel