artikel

Samenwerking moet logistiek Nederland aan de top houden

Logistieke dienstverlening Premium

Samenwerking moet logistiek Nederland aan de top houden

Globalisering en outsourcing van productie dwingen prestaties van hoog niveau af. De markt wordt competitiever en complexer. Nederlandse bedrijven moeten dé ketenregisseur van Europa worden om concurrerend te blijven en de toppositie als logistieke draaischijf tussen de wereld en Europa niet te verliezen. Samenwerking tussen Nederlandse bedrijven en instanties is het sleutelwoord.

Volgens Jannie van Andel liggen  er voldoende kansen voor logistieke  Nederland om blijvend  toonaangevend te zijn. Zij is  voorzitter van de werkgroep  Cross Chain Control Center  (4C’s). De werkgroep is door de  Commissie Van Laarhoven in het  leven geroepen.  Van Andel gelooft in de slagkracht  van Nederland. “We stellen  Nederland voor als regisseur  met zijn mainports en sterke netwerken.  Samenwerking is daarbij  onontbeerlijk. Samen met de  universiteiten, die de werkgroep  leiden voor het opzetten van een  topinstituut, vormen we straks in  Nederland een supply chain valley.  We ontwikkelen hiermee een  nieuwe bedrijfstak.” 

 

Vijf uitgangspunten 

De werkgroep 4C’s heeft vijf uitgangspunten  om Nederland nog  aantrekkelijker te maken om zich  als global hotspot te manifesteren.  Het gaat om minder kilometers  maken door bundeling,  minder voorraad houden, ‘waste’  beperken, betere service leveren  en samen werken aan innovatie.  Om de samenwerking handen en  voeten te geven heeft 4C’s als  bindend instrument de zogenoemde  gedeelde supply chain  cockpit in het leven geroepen. 

 

Cockpit 

Die cockpit geeft een helikopterview  en is een plek van waaruit  de regie over supply chains van  meerdere bedrijven wordt  gevoerd.  Een gedeelde cockpit biedt voordelen  omdat meerdere ketens  worden aangestuurd. Op die  manier kunnen stromen worden  gebundeld, zoals transport naar  warehouses, of last-mile afleveringen.  Ook gezamenlijke  inkoop, afstemming van voorraadniveau’s  en het delen van de  informatie structuur behoort  hiertoe.  Het fysiek vestigen van de cock  cockpit  op één locatie moet tot  onderlinge kruisbestuivingen  tussen partijen leiden. 

 

Businesscase

De werkgroep 4C’s is inmiddels  volop aan de slag. Onder leiding  van Jannie van Andel, in het  dagelijkse leven supply chain  development manager bij Unilever,  heeft deze club samen met  bedrijven uit de financiële- en  logistieke wereld, de consultancy,  de voedingsmiddelenbranche en  de modebranche inmiddels  vorm gekregen.  Begin 2007 is het idee uitgewerkt. 

De groep staat nu aan de  vooravond van de businesscase.  Verwacht wordt dat eind 2008 er  een concrete pilot is opgetuigd.  In 2010 moet de cockpit er staan.  Bedrijven die zitting nemen in de  werkgroep zijn Friesland Foods,  Hero, AT Kearney, DHL, Cordys,  Quentiq, Wolverine, Mexx, ING  en Bakker Logistiek. Er werken  een aantal studenten mee aan  verschillende deelprojecten.  Onder meer wordt onderzocht  of de cockpit een fysieke plek  moet krijgen en hoe er omgegaan  moet worden met databescherming. 

 

Geloof in concept

De ‘bemanning’ van de cockpit,  zoals die nu is samengesteld,  gelooft in het concept, omdat  deze een platform biedt waarop  duurzame, logistieke innovaties  kunnen ontwikkelen. Samenwerking  is daarbij onontbeerlijk.  Volgens Van Andel zit er de juiste  power in.  “Veel keteninitiatieven zijn verkokerd.  Een brede aanpak, waarbij  een laag erboven gecreëerd  wordt, moet gaan werken”, stelt  Van Andel. Een voorwaarde om  de kans van slagen groot te  maken, is óók de samenwerking  met overheden, kennisinstellingen  en bedrijven waarbij markten  ketenkennis wordt gedeeld.  Van Andel wil dat het cockpitconcept  een nog bredere aanpak  krijgt. Nu is het zo dat leden van  de Commissie van Laarhoven de  werkgroep vertegenwoordigen.  Het is de bedoeling dat iedereen  kan aanhaken. Op 3 april wordt  een congres gehouden over het  innovatiethema 4 C’s in het provinciehuis  in Den Bosch. 

 

Hybride netwerken

“We nodigen collega-bedrijven  uit en dagen ze uit om mee te  doen. We willen op korte termijn  een groep vormen die een pilot  wil gaan uitvoeren.”  Eind 2008 hoopt de werkgroep  onder leiding van Van Andel de  businesscase klaar te hebben en  de pilot opgestart. Het uiteindelijke  doel is om een gedeelde  cockpit te vormen.  Het lijkt allemaal nog ver weg,  voordat de cockpit effectief van  start gaat. Maar Van Andel heeft  al wel een idee hoe die er straks  uitziet. “De cockpit faciliteert en  regisseert. Er worden hybride  netwerken opgezet en daarbij  worden gezamenlijk procesinnovaties  gerealiseerd. Het doen van  een gezamenlijke forecast is verder  een belangrijk onderdeel.  Banken en adviseurs zijn bij de  werkgroep aangehaakt om bancaire  en fiscale vraagstukken op te lossen.” De cockpit kan fysiek of virtueel vorm krijgen. Indien fysiek, dan  ligt het voor de hand dat het in  de buurt van het topinstituut  komt. “Je zit dan dicht bij het  talent. Die moet je kweken en stimuleren  zodat ze in de logistieke  sector terecht komen en blijven.”  Top supply chain managers in  het buitenland zijn vaak Nederlanders.  We hebben, volgens Van  Andel, een achterstand als het  gaat om mensen binnen houden. 

 

Onafhankelijkheid

De cockpit zelf bestaat straks uit  een consortium van bedrijven  die onafhankelijkheid moeten  uitstralen. Het moet een afspiegeling  zijn van verschillende  componenten in de keten. De  data van de onderlinge bedrijven  moet worden beschermd, maar  ook uitgewisseld en gedeeld kunnen  worden. Voordelen behalen  lukt alleen als er gezamenlijk  opgetrokken wordt wat betreft  inkoop, planning, forecasting,  transport en ICT. Dit is een hele  klus. De werkgroep buigt zich,  samen met een aantal studenten,  momenteel over dit onderdeel.  Van Andel: “Het gaat om de juiste  balans in de kosten. Niet alleen  hierin snijden, maar echt inno –  veren is de bedoeling. Uiteraard  is een goed resultaat en een  hogere winstgevendheid één van  de doelstellingen. Maar vooral  het gezamenlijk optrekken wat  innovaties betreft, moet zijn  vruchten gaan afwerpen.” 

 

Performance verbeteren 

Bedrijven die meedoen met de  cockpit moeten uiteindelijk hun  performance kunnen verbeteren.  Samenwerking leidt tot minder  kilometers en lagere voorraadniveau’s.  “Als het ons lukt een nieuwe  duurzame economie op te  zetten, zijn we een unieke ketenregisseur.  Het is simpel, als we  niets doen, staan we over tien  jaar stil. Samenwerken moet.  Door vertrouwen over en weer  ontstaat er drijfkracht in de toekomst.”  De mode-industrie is een voorbeeld,  waar je de performance  uitstekend kunt verbeteren. Van  Andel. “Er zijn wel twaalf seizoenen  met verschillende inkomende  stromen. Door massa te  creëren, kunnen we slimmer  zijn. We hebben een benchmark  gedaan. We zijn ervan overtuigd  dat het kan.”  Als de cockpit er eenmaal staat  zal er verbinding worden gezocht  met de rest van Europa. “We  planten het zaadje in Nederland,  maar uiteindelijk maken we de  connectie met Europa. We bereiken  dit via mensen, werkzaam bij  onze mainports en Schiphol.” Er  is nog veel te doen voor het zover  is. Van Andel is vol vertrouwen .  “Ik ben niet zo snel tevreden,  maar ik zal ultiem tevreden zijn  als de cockpit er staat, samen met  het topinstituut.” 

Reageer op dit artikel