nieuws

SER: ‘Pak postbusconstructies in transport aan

carrière & mensen

SER: ‘Pak postbusconstructies in transport aan

Een Europese databank of zwarte lijst moet er komen met daarop bedrijven die frauderen met arbeidsmigranten. Dat stelt de Sociaal-Economische Raad (SER) in een vandaag verschenen advies aan minister Asscher. Ook wil de SER specifiek dat aan postbusondernemingen in de transportsector een halt wordt toegeroepen.

Er wordt zo constateert de SER in het vandaag verschenen ontwerpadvies Arbeidsmigratie te vaak misbruik gemaakt van de regels, waardoor Nederlandse werknemers te maken krijgen met oneerlijke concurrentie van goedkope buitenlandse krachten.

De Sociaal Economische Raad (SER) pleit daarom bij minister Asscher (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) voor een actieplan voor eerlijke arbeidsmobiliteit in de EU.

Dubieuze postbusconstructies

In het advies wordt door de SER, bestaand uit werkgevers, vakbonden en onafhankelijke kroonleden, ook specifiek aandacht gevraagd voor de positie van Nederlandse vrachtwagenchauffeurs.Veel Europese transportbedrijven, ook Nederlandse, laten op internationale transporten Oost-Europese chauffeurs rijden. Die transporteurs en logistiek dienstverleners doen met dubieuze postbusconstructie alsof ze een vestiging hebben in een Oost-Europees land zodat ze hun chauffeurs tegen Oost-Europese arbeidsvoorwaarden kunnen laten rijden.

Er moet meer duidelijkheid komen

In werkelijkheid hebben ze er echter vaak alleen een postbusadres. “Een internationale transportonderneming die in Cyprus is gevestigd, kan bijna niet anders zijn dan een goedkope constructie”, zegt SER-voorzitter Mariëtte Hamer in de Volkskrant vandaag. Volgens de werkgevers en werknemers binnen de SER moet er dan ook meer duidelijkheid komen over wat er op dit gebied wel en niet is toegestaan.

Speciale handhavingsregels transportsector

Daarom moet er volgens het adviesorgaan in Europa speciale handhavingsregels komen voor de transportsector die verduidelijking geven van: de eisen ten aanzien van de reële activiteiten in het vestigingsland om postbusondernemingen te voorkomen, informatie-uitwisseling tussen de EU-lidstaten en het vastleggen van de rechten van chauffeurs.

Rechtszaak Van den Bosch versus FNV

Dat er veel onduidelijk is over de inzet van Oost-Europese chauffeurs blijkt op dit moment in een rechtszaak die FNV Bondgenoten heeft aangespannen bij de rechtbank in Den Bosch over de inzet van Hongaarse vrachtwagenchauffeurs door Van den Bosch Transporten uit het Brabantse Erp. De vakbond verwijt het transportbedrijf in deze lang lopende kwestie dat het veel gebruik maakt van buitenlandse chauffeurs die via ‘illegale’ buitenlandse constructies ritten maken.

Uitbetaling volgens NL-cao

De Oost-Europese chauffeurs worden betaald volgens de regels van het land van herkomst. Volgens FNV Bondgenoten is de Hongaarse van Van den Bosch een postbusonderneming, ‘gebruikt om arbeidsuitbuiting ‘wit te wassen’, aldus de bond. De vakbond wil dan ook met deze rechtszaak die gisteren diende, bewerkstelligen dat tien Hongaarse vrachtwagenchauffeurs van Van den Bosch worden uitbetaald volgens de in Nederland geldende cao.

Europese richtlijn biedt ruimt voor interpretatie

Van den Bosch op zijn beurt zegt dat de wettelijke basis voor deze rechtszaak, waarin op 8 januari aanstaande een uitspraak wordt gedaan, ontbreekt. “De Europese richtlijn detachering, het relevante wettelijke kader voor deze discussie, laat de mogelijkheid voor interpretatie”, verklaart operationeel directeur Marcel Wouterse van Van den Bosch Transporten gisteren. Er is volgens Wouterse ruimte voor nuancering bij het toepassen van de Nederlandse cao bij het inzetten van buitenlandse arbeidskrachten door subcontractors. “En dat is niet voor niets het geval. Waarom zou een buitenlandse chauffeur in dienst van een buitenlands bedrijf die ons land tijdens zijn werk niet eens aandoet bijvoorbeeld onder onze cao moeten vallen? Ons bedrijf blijft ver van zaken als verdringing, loondumping en schijnovereenkomsten. Tegelijkertijd vinden we dat de toepasbaarheid van Nederlandse cao’s altijd in redelijkheid moet worden bekeken en vastgesteld.”

Eigenlijke of oneigenlijke detachering?

Kern van het twistpunt is nu, en zo verwoordde de rechter volgens de Volkskrant het ook treffend gisteren: Is er sprake van eigenlijke of oneigenlijke detachering? Ofwel: ‘Uit welk land wordt gewoonlijk de arbeid verricht?’  Van den Bosch zegt: vanuit Hongarije. De FNV zegt: vanuit Erp in Nederland.

SER: ‘pas richtlijn aan’

De verwarring rond om de zaak van Van den Bosch past dan ook in het advies van de SER voor aanpassing van met name de Europese richtlijn voor detachering, die in alle EU-landen verplicht is. Door deze richtlijn kan het nu goedkoper zijn om werk via een buitenlands uitzendbureau of een onderaannemer te laten uitvoeren, dan door een arbeidsmigrant direct in dienst te nemen.

Verdringing arbeidsmarkt

Asscher heeft eerder om dit advies gevraagd bij de SER omdat dit jaar de grenzen zijn opengegaan voor Roemeense en Bulgaarse werknemers. Eerder mochten Polen en andere Oost-Europeanen al in Nederland komen werken. De komst van de Polen veroorzaakte volgens de vakbonden verdringing op de arbeidsmarkt omdat zij goedkoper zijn dan Nederlandse werknemers.

Reageer op dit artikel