blog

Hoe vermindert betrokken werknemer fysieke belasting?

carrière & mensen

Hoe vermindert betrokken werknemer fysieke belasting?

De werkplek speelt een belangrijke rol bij de vermindering van fysieke belasting. Daarin is in de afgelopen decennia veel verbeterd. Nu is een belangrijk aandachtspunt de betrokkenheid van de medewerkers.

Verantwoord omgaan met fysiek werk betekent dat er, naast training en coaching van medewerkers, ook aandacht is voor de werkplek en voor de manier waarop het werk is georganiseerd. Veel adviseurs zullen dit onderwerp op de eerste plaats zetten en het is daarom ook heel vanzelfsprekend dat de arbo-‘focus’ vooral op dit onderwerp is gericht. Er is in de afgelopen decennia dan ook erg veel verbeterd op dit gebied, ook in de logistiek. De stoelen van heftrucks en van vrachtwagens zijn niet te vergelijken met die van dertig jaar geleden. Bij de locatietoewijzing in veel magazijnen wordt tegenwoordig rekening gehouden met de ergonomische aspecten, accuruimtes zijn beter ingericht, heftafels worden aangeschaft. Ook heeft elk gerenommeerd adviesbureau in magazijninrichting  tegenwoordig deskundigen op ergonomisch vlak.

Arbocatalogi

De verandering in de wetgeving heeft zeker bijgedragen aan deze ontwikkelingen. Neem bijvoorbeeld de verplichte risico- inventarisatie en evaluatie: in 94 procent van de bedrijven met meer dan honderd werknemers wordt dit verplichte onderzoek structureel uitgevoerd (Arbobalans) en hoewel het soms nog de spreekwoordelijke ‘papieren tijger’ is, blijkt het ook vaak het startpunt voor verbeteracties. Ook de verplichte preventiemedewerker heeft een bijdrage geleverd in het verbeteren van werkplekken. In de opleiding wordt veel aandacht besteed aan werkplekonderzoek en aan het meten van fysieke belasting. Het effect van de invoering van de Arbocatalogi is nog niet duidelijk; er wordt gesproken over een dekkingsgraad van 51 procent en een bekendheid met het fenomeen van 20 procent (evaluatie Stichting van de Arbeid, ITS Radboud). Dat zijn geen geweldige cijfers, maar het is nog een jong initiatief dat nog de gelegenheid moet krijgen om te groeien. In het totaal voldoet 56 procent van de bedrijven aan de wettelijke bepalingen, de MKB-bedrijven halen hierbij het gemiddelde omlaag. Opvallend is dat dit cijfer in 2006 hoger was: 64 procent.

Moeilijk meetbaar

Dat de focus bij het verminderen van de fysieke belasting erg ligt op de werkplek en de organisatie van het werk is ook te zien aan de vele tools en metingen die zijn ontwikkeld. KIM, NIOSH, Checklist Fysieke belasting, HARM, MAC en Toolkit Gezond Werk zijn slechts enkele voorbeelden. Op ArboPortaal of TNO zijn ze te vinden, vaak met handige digitale invulformulieren en checklisten. Het nadeel van de metingen is dat zij nagenoeg allemaal gericht zijn op een specifiek onderdeel van fysieke belasting. Bijvoorbeeld op tillen, dragen of trillingen. Dat werkt goed om te bepalen of een bepaalde handeling of werkzaamheid toelaatbaar is, maar er bestaat geen ‘schaal van Richter´ inzake de totale fysieke arbeidsbelasting. Het objectief meten blijft een lastig fenomeen. Uit onderzoek van de gezondheidsraad blijkt dat er geen zinnige uitspraak kan worden gedaan over een niveau van tillen waarbij klachten aan de lage rug kan worden voorkomen. Men raakte hopeloos verstrikt in de definities van ‘tillen’ en van ‘rugklacht’.

Arbeidshygiënische strategie

De aanpak van de arbeidsomstandigheden is in principe gebaseerd op de zogenaamde arbeidshygiënische strategie. Dat wil zeggen: eerst de bron aanpakken, als dat niet lukt komen achtereenvolgens de collectieve maatregelen en de individuele maatregelen in beeld en als laatste de persoonlijke beschermingsmiddelen. Het is een strategie die bij gevaarlijke stoffen prima werkt, maar die bij fysieke arbeid helaas niet helemaal past. Aanpak aan de bron behoeft geen discussie. Bij fysiek werk kan dat overigens betekenen dat het werk zelf verdwijnt, hetgeen in veel gevallen nogal rigoureus is. De collectieve en de individuele maatregelen zijn dan de hulpmiddelen, het veranderen van werkhoogtes en het invoeren van taakroulatie. Pas als dat allemaal niet lukt, kan het gedrag van de medewerker het aangrijpingspunt zijn, dat is dan vergelijkbaar met het niveau van persoonlijke bescherming.

Medewerker belangrijk

In de dagelijkse praktijk op de werkvloer blijkt echter dat het gedrag van de medewerker altijd meespeelt bij de aanpassingen van de werkplek of de organisatie van het werk. Het is onlosmakelijk met elkaar verbonden. In de bouw is een bekend voorbeeld dat bij het halveren van het gewicht van de cementzak, de bouwvakkers aanvankelijk steeds twee zakken pakten. In de logistiek is men algemeen bekend met het feit dat er voor veel geld heftafels zijn aangeschaft die vervolgens niet worden gebruikt: het duurt te lang of de bediening is lastig. Bij beeldschermwerkers  geeft een perfecte werkplek geen enkele garantie voor minder fysieke belasting. Een verkeerd gebruik van de ´multifocale bril´ kan elke investering in het meubilair onzinnig maken. Allemaal voorbeelden waarbij een geweldige verbetering in de werkomgeving door het gedrag van de medewerker teniet wordt gedaan. Dat is jammer voor degene die het werk verricht en frustrerend voor degene de investering betaalt.

Begeleiding bij verbetering

Bij verbeteringen in de werkplek of in de organisatie van het werk gericht op fysiek belasting is het raadzaam om deze gedragscomponent direct mee te nemen. Ik ben zelf ooit getuige geweest van het invoeren van handscanners. Zij waren in het begin nogal zwaar dus werd besloten om draagholsters aan te schaffen voor twee identieke distributiecentra. In het distributiecentrum waar de medewerkers werden begeleid bij de introductie, werden deze holsters vervolgens door iedereen gebruikt. In het distributiecentrum waar ze gewoon beschikbaar werden gesteld koos niemand voor de holsters, met veel fysieke belasting en veel kapotte scanners als gevolg. Coaching en begeleiding bij aanpassingen op de werkvloer zijn daarom van essentieel belang bij een succesvolle verbetering .

Een andere belangrijke succesfactor is de betrokkenheid van de medewerker bij het zoeken naar de verbeteringen. Door de wettelijke maatregelen is het onderzoek ook van de werkvloer afgedreven. De afdeling personeel en organisatie en de Arbodienst houden zich bezig met het risico-inventarisatie en -evaluatie, er worden deskundigen ingevlogen om de plannen te maken en vervolgens wordt de leverancier gekozen en wordt de aanpassing gerealiseerd. Dat is dan het moment dat de werknemer voor het eerst aansluit en dat is te laat. Gelukkig zien we op de werkvloer, in het kielzog van Lean Kaizen en andere verbetertrajecten dat de oude wijsheid van Deming, om het vakmanschap van de werkvloer te benutten, weer in ere wordt hersteld.

‘Werk aan fysiek werk’

Lees ook in deze serie ‘Werk aan fysiek werk’ van Bert van de Wijdeven:

Reageer op dit artikel