blog

Regel 8: Creëer een vloeiende goederenstroom op de werkvloer

Warehousing

Regel 8: Creëer een vloeiende goederenstroom op de werkvloer
Ronald Mantel goederenstroom werkvloer basisregels

Deze achtste regel in de serie ‘Basisregels voor magazijnen en intern transport’ van Ronald Mantel betreft het operationele niveau, dus de werkvloer. Op de werkvloer moet men streven naar een rechtlijnige flow. Vermijd daarom zoveel mogelijk haakse overzettingen, zowel vertikaal als horizontaal.

 

  • vertikaal (liften zijn altijd een bottleneck):

                                            
                                                                                                                             Matjes-lift

 

  • horizontaal:

                        
                     

 

Haakse overzetter                                                                                    Pallet-draaitafel

 

 

Hierbij wordt opgemerkt dat de vertikale beweging in een miniload-systeem geen probleem vormt, aangezien deze daarin gelijktijdig wordt uitgevoerd met de horizontale beweging (zie regel 7: Chebyshev-metriek).

     
Verder mogen de innovatieve magazijnlayout-ideeën (zie onderstaande figuren) van Gue en Meller (The Application of New Aisle Designs for Unit-LoadWarehouses) om vloeiende en efficiënte bewegingen (kortom een betere flow) te realiseren middels logische/ergonomische dwarsgangen niet ontbreken als voorbeelden van deze basisregel.

 

            
                      
                     

Flying V magazijn-layout                                                                      Fish bone magazijn-layout

                     

 

 

De fish bone layout, toegepast in de praktijk

   

Het uitdenken van een goede detail-layout van de werkvloer (de posities van machines en werkplekken) is een belangrijke ontwerpactiviteit (zie ook regel 5). De invulling van een material handling-systeem, dat het intern transport tussen die werkplekken/machines verzorgt, vormt een onderdeel daarvan. Voor dit systeem zijn naast de bepaling van een goede infrastructuur (positionering van stations en de verbindingen daartussen) ook de bepaling van het juiste aantal, de juiste locaties en de juiste groottes van de buffers binnen het systeem en het kiezen van een geschikte aansturing van de transporten (zie ook regel 6) van groot belang voor het realiseren van een goede flow/vloeiende goederenstroom.

     

Zo moeten de buffers gepositioneerd worden voor de bottlenecks. Dat is een klein deel van alle machines/werkplekken, het material handling-systeem zelf mag eigenlijk geen bottleneck zijn. Daarnaast is een pull-aansturing voor een bottleneck gecombineerd met een push-aansturing achter een bottleneck in de regel een goede wijze van aansturen (lees hierover: Theory of Constraints (TOC) van Eliyahu M. Goldratt).
   
In een magazijn vormt het orderverzamel-proces in de regel de bottleneck. De aanvoer daarnaar toe kan middels CONWIP (zie regel 6) pull-gewijs georganiseerd worden.

 

Ook de volgende regel (regel 9) kan bijdragen om de goederenstroom vloeiender te maken.
 

Rommelig goederenontvangst

Tot slot wil ik nog even speciale aandacht vragen voor het goederenontvangst-gebied, waar het – oneerbiedig gezegd – nog wel eens een rommeltje wil zijn.

 

 

 

 

 

 

Reageer op dit artikel