artikel

Paternoster op zijn kant

Warehousing Premium

Hoge paternosters en plateauliften passen alleen in het magazijn als er een gat in de verdiepingsvloer(en) en in het dak wordt gemaakt. Bij nieuwbouw is dat geen probleem. Bij een bestaand pand vormt dit vaak een belemmering.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Transport&Opslag op 1 juni 2006.

Paternosters en plateauliften van 14 meter en hoger zijn geen uitzondering meer. Om ze toch passend te krijgen in een magazijn, moeten er dus openingen in de verdiepingsvloer en soms ook in het dak worden gemaakt. Bij nieuwbouw kan hier vooraf rekening mee worden gehouden, maar bij montage in een bestaand pand vergt de ingreep een hoge investering. Bovendien kan er tijdelijk sprake zijn van een flinke verstoring van het interne logistieke proces.

Het breekwerk, de verbouwingskosten en de overlast kunnen volgens bedrijfsleider Udo Neumann van Bellheim Metallwerke een belemmering zijn voor de acceptatie van deze compacte automatische opslag- en uitgiftesystemen. Daar in het zuiden van Duitsland worden de Kardex-systemen geproduceerd. Hun oplossing is de Puma: “Als een paternoster te hoog is voor een bestaand pand, leg je hem gewoon op zijn kant.”

Compact

De Puma staat niet op de magazijnvloer, maar ligt er op. Liggend is deze paternoster slechts vier meter hoog en past daarmee binnen de meeste bestaande magazijnen. Het benodigde vloeroppervlak is wel veel groter, dan van een staande variant. De opslagcapaciteit blijft vrijwel gelijk. Met het platleggen werkt het interne transportmechanisme niet meer in verticale richting, maar horizontaal. Op een vloeroppervlakte van 50 vierkante meter kan met gemak een voor-raad kleinmateriaal worden opgeslagen, waarvoor je in een conventioneel legbordenmaga-zijn zeker 1000 vierkante meter nodig hebt.

Voor de aandrijving en het transportmechanisme van de paternoster is ook ruimte nodig. Hier kunnen geen goederen worden opgeslagen. Afhankelijk van het type kan dat oplopen tot ongeveer een derde van de totale inhoud. Door een zeer compacte indeling van het resterende deel is de opslagcapaciteit gemaximaliseerd.

Naast de ruimtebesparing speelt een korte toegangstijd tot de opgeslagen voorraad een doorslaggevende rol. Het transportmechanisme dat de tableaus naar de uitgifteopening moet transporteren, doet dat met een snelheid van 1,5 tot 2 meter per seconde. Dat is omgerekend 5,4 tot 7,2 km per uur en sneller dan een orderverzamelaar te voet in een conventioneel legbordenmagazijn aflegt. De machine werkt volgens het ‘goods to man’ principe en zoekt en vindt de artikelen veel sneller dan een orderverzamelaar. Afhankelijk van de positie van de tableaus in de machine vergt dit maximaal 30 seconden. Bovendien wordt de machine nooit moe. De zoektijd is aanmerkelijk verkort, doordat de machine vooruit denkt. Aan de hand van de orders in het WMS maakt de besturingssoftware een berekening en stuurt de machine zodanig aan, dat er achtereenvolgens tot drie tableaus voor de uitgifteopening worden klaargezet. n

 

Reageer op dit artikel