artikel

Noodklok over bereikbaarheid mag klinken

Distributie Premium

Volgende week is de Nationale Distributie Dag (NDD). Zoals altijd gaat het over de actuele positie van Nederland als distributieland. Achter de NDD staat de logistieke vereniging NDL/HIDC. Deze organisatie bracht recent een nieuwe publicatie uit – samen met TNO – over de logistieke kracht van Nederland anno 2007.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 8 juni 2007.

Volgende week is de Nationale Distributie Dag (NDD). Zoals altijd gaat het over de actuele positie van Nederland als distributieland. Achter de NDD staat de logistieke vereniging NDL/HIDC. Deze organisatie bracht recent een nieuwe publicatie uit – samen met TNO – over de logistieke kracht van Nederland anno 2007.

       

Aan tafel zitten Dirk ’t Hooft, algemeen directeur NDL/HIDC en Kees Verweij van TNO Mobiliteit en Logistiek. Het gaat goed met Nederland -beter dan ooit- als het gaat om goederenvervoer via alle modaliteiten. Logistiek is van groot belang voor onze economie en zal alleen maar aan belang toenemen. Dat besef dringt niet overal door. Te weinig nog in ieder geval bij overheden, landelijk en regionaal, tot ergernis van de drijvende krachten achter het ‘Oranje boekje’ – het zojuist verschenen rapport met veel feiten en cijfers.

     

Waarom nu dit boekje?

’t Hooft: “Het politieke debat over logistiek moet gevoerd worden op basis van de juiste, objectieve feiten. Logistiek zorgt voor werkgelegenheid en toegevoegde waarde. Tien procent van de beroepsbevolking werkt in de logistiek. Bijna 250.000 mensen werken in de diverse dc’s in dit land. Lang niet alle bestuurders hebben dat op het netvlies. Er is veel aandacht voor de maatschappelijke gevolgen van transport in de media. Maar de baten zijn groter dan de kosten voor onze samenleving.”

      

Verweij: “Na twee zijn de gegevens in het ‘Oranje boekje’ voor een deel achterhaald. Door het weer uit te brengen, brengen we het opnieuw onder de aandacht. Bovendien hebben we nog het een en ander kunnen toevoegen, met name cijfers over de schade van filevorming.”

       

Hoe staan we er voor?

’t Hooft: “Heel goed. Nederland is opgeklommen van plaats 8 naar plaats 7 als handelsland wereldwijd in 2006. De wederuitvoer explodeert. Onze export bestaat nu al voor 50 procent uit wederuitvoer. Dat betreft een bedrag van 135 miljard euro in 2006. Onze logistieke sector leidt dat in goede banen.”

        

Verweij: “Als je kijkt naar de economische betekenis van logistiek, dan heeft TNO enkele jaren geleden, in 2002, becijferd dat de productiewaarde van de logistieke sector 31,4 miljard euro bedraagt. De toegevoegde waarde ligt volgens ons op 17,3 miljard. Dan praat je over 4,4 procent van het Nederlandse BNP (Bruto Nationaal Product). Deze cijfers zullen inmiddels flink gestegen zijn. Wat dat betreft is het tijd voor een update van het onderzoek. We hebben circa 9.000 dc’s in dit land, waar goederen binnenkomen, worden gehandled, bewerkt en weer uitgevoerd. Volgens het CPB pakken we 9 eurocent op iedere euro omzet die ons land weer verlaat. De verwachting is dat ook vorig jaar de wederuitvoer met 10 procent is gestegen, net als de jaren daarvoor. Op basis van CPB-cijfers mag je concluderen dat logistiek een motor is gebleken achter het economisch herstel.”

         

Maar er zijn ook zorgen?

’t Hooft: “Absoluut. Een belangrijke trendbreuk is dat Rotterdam minder snel groeit dan bijvoorbeeld Antwerpen en Hamburg. Dat heeft te maken met de beschikbare capaciteit in de haven, maar ook met de afvoer naar het achterland. We moeten capaciteit uitbreiden, maar we moeten ook vooral zorgen dat goederen zo snel mogelijk verplaatst kunnen worden naar nieuw te bouwen locaties in het achterland. Daar is nog veel winst te behalen.”

          

We verliezen terrein op België?

Verweij: “Dat valt nog te bezien. Je mag niet alleen kijken naar de kosten. Ook bedrijven doen dat niet als ze een vestigingsplaats uitkiezen. Het gaat ook om beschikbaarheid van arbeid, fiscale regels en andere kwalitatieve factoren. Neem je dat mee, dan zie je dat er een kopgroep is met de regio’s rond Venlo, Luik, Maastricht en Rotterdam.”

      

’t Hooft: “Vlaanderen met name heeft er voor gekozen om Nederland in te halen. Daar steken ze veel geld in uitgebreid onderzoek. Toch ben ik er van overtuigd dat wij de beste marketing hebben en de beste vestigingsplaatsen op basis van de integrale operationele kosten. Maar we zien overal om ons heen dat het buitenland begint aan te dringen. Ook daar zien bestuurders hoe belangrijk een goede logistiek kan zijn.”

      

Moeten we de noodklok luiden?

’t Hooft: “Voor wat betreft de bereikbaarheid van de Randstad zou je de noodklok wel mogen luiden. De verbindingen met het achterland zijn echt heel slecht. Dat constateert ook de OESO. Het wordt de hoogste tijd voor innovatieve oplossingen en ik zie daar nog heel weinig van. Aan de andere kant constateer ik wel dat de afgelopen twee jaar de bewustwording bij de overheid en de vorige minister zeker is toegenomen. Ik denk aan de Supply Chain brief van het Ministerie van V&W aan de Kamer. Ook EZ stelt zich actiever op.”

        

Verweij: “Het is van groot belang dat logistiek dienstverleners zich gaan opstellen als regisseurs van de keten, als de brains van de logistieke sector. Er is nog heel veel administratieve afhandeling nodig. Dat papierwerk kunnen we dankzij betere regie en slimme ICT minimaliseren en zo de arbeidsproductiviteit opvoeren. Onze arbeidsproductiviteit is hoog, maar toch lager dan bijvoorbeeld in Duitsland en Scandinavië. Daar liggen dus kansen.”

          

De logistieke kracht van Nederland 2007’ kan worden besteld via www.ndl.nl (onder tab voorlichting, publicaties). Kosten: _ 9,95 exlcusief administratie- en portokosten.

Reageer op dit artikel