artikel

AEO-status voorkomt extra douane-rompslomp

Distributie Premium

AEO-status voorkomt extra douane-rompslomp

Door je te laten certificeren als Authorized Economic Operator (AEO), kun je extra douanecontroles vanaf 2008 voorkomen. De Douane gaat de AEO-status dan namelijk gebruiken om een schifting te maken tussen betrouwbare en onbekende goederenstromen. Die laatste categorie zal extra worden gecontroleerd. Het aanvragen van een AEO-status lijkt mee te vallen, dus waarom zou je het níet doen?

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 14 december 2007.

Sinds 1 september kunnen bedrijven het certificaat Authorized Economic Operator (AEO) aanvragen. Dat voorkomt ellende later, want de Douane wil straks het accent leggen op het controleren van onbekende goederenstromen.

Om de AEO-status te verkrijgen, moet je als bedrijf zélf aantonen dat je betrouwbaar en veilig opereert. In dit geval wordt met ‘veilig’ bedoeld dat maat–regelen zijn ge–nomen om ongewenste in- menging tegen te gaan. Daaronder vallen onder meer terroristische activiteiten, drugssmokkel en invoer van namaakproducten.
56 aanvragen

De EU vormt douane-technisch één land. Daarom is de afweging ‘al dan niet certificeren als AEO’ alleen relevant voor bedrijven die producten de EU in- of uitvoeren. “Op dit moment, 8 november, zijn er 56 aanvragen binnen”, vertelt Angelique De La Cousine, projectmanager bij de Belastingdienst Douane.
Geen schatting

De Duitse Douane ging twee jaar geleden nog uit van tussen de 30.000 en 300.000 aanvragen, maar schat het aantal nu op slechts duizend. Voor Nederland zou je dat bedrag ongeveer door zes moeten delen? De La Cousine laat zich niet uit haar tent lokken: “Als Nederlandse Douane doen wij geen schatting”.

“In theorie kan een groot aantal bedrijven gebaat zijn bij een aanvraag”, aldus Dominique Willems, algemeen manager bij MACO Customs Service. “De douane kijkt namelijk naar logistieke ketens als geheel. Om de voordelen van een AEO-status te plukken moet daarom iedereen die onderdeel uitmaakt van een keten zich certificeren. Dus ook een logistiek dienstverlener kan daar belang bij hebben.”

MACO Customs Service helpt bedrijven bij het vervullen van hun administratieve douane-verplichtingen. “Het is daarom vanzelfsprekend dat wij zelf een AEO-certificaat aanvragen. Daar hebben we echter alleen iets aan, als onze klanten dat ook doen. Wij zijn immers een onderdeel van hun logistieke keten. Daarom helpen wij hen met het aanvragen van een AEO-status. Daarbij werken we samen met het beveiligingsbedrijf Trigion.”
Verstandig

Verplicht is een AEO-certificering niet, maar dit lijkt wel verstandig. Vanaf eind maart, als de eerste certificaten worden ver–strekt, zal de douane de controles bij de overige bedrijven namelijk gaan intensiveren. Daarbij kan het gaan om fysieke controles, met logistiek oponthoud als gevolg.

Bedrijven die wél een AEO-certicifaat hebben, krijgen daarentegen juist minder vaak te maken met inspecties. ‘Georganiseerd vertrouwen’ noemt de Douane dit. Maar pas op: wordt dat vertrouwen geschaad, dan raak je voor minstens drie jaar je AEO-certificering kwijt.

“De grootste plus voor AEO-gecertificeerde bedrijven is dat zij straks minder nadeel zullen hebben”, vat Willems nog eens samen. “Maar daarnaast zijn er ook échte voordelen. Niet alleen wordt er minder vaak fysiek gecontroleerd, ook vinden die controles met voorrang plaats. Bovendien kun je in aanmerking komen voor voorafgaande kennisgeving, of verzoeken dat controles op een bepaalde plaats gebeuren.”
Terrorisme tegengaan

Volgens de Douane heeft AEO-certificering twee doelen.

Ten eerste helpt het hen inspelen op de groei van het transportvolume, doordat de goederenstroom wordt opgedeeld in een be–trouw–baar en een niet-betrouwbaar segment.

Het tweede doel lijkt echter het belangrijkst: De AEO-certificering is een middel om terroristische en andere ongewenste activiteiten tegen te gaan.

Dit wordt beaamd door Willems: “Na nine-eleven werden er in de Verenigde Staten tal van maatregelen genomen om herhaling te voorkomen. Nog steeds willen de democraten eigenlijk een honderd procent-scan van alle ingevoerde containers, maar daarmee leg je het economische verkeer lam. Als compromis is daarom in 2003 de Customs-Trade Partnership Against Terrorism oftewel C-TPAT ingevoerd.”

De AEO-certificering is de Europese tegenhanger daarvan. “Gedeeld met C-TPAT wordt het onderscheid tussen bedrijven die als betrouwbaar zijn beoordeeld, en bedrijven waarvoor dat niet geldt. Op termijn is het de bedoeling dat een AEO-status je in de VS dezelfde rechten geeft als C-TPAT in Europa, en omgekeerd.”

Dankzij de AEO kunnen controles op het goederenvervoer naar en vanuit de EU gerichter plaatsvinden. Toch rijst de vraag – nog los van het feit dat nine-eleven totaal niets van doen had met in- of uitvoer van goederen – in hoeverre dat helpt om terroristische activiteiten te voorkomen. Immers, waarom zou eventueel onheil niet van bínnen de EU kunnen komen?. “Ik ben het met je eens dat je er met de AEO-certificering alleen niet bent”, reageert Willems. “Het is echter wel nuttig als onderdeel van een integraal plan om terrorisme te bestrijden.”

Hiertoe ligt er onder meer een voorstel tot registratie van álle bedrijven, dus ook van ondernemingen die niets de EU in- of uitvoeren, als secure operator. Het bedrijfsleven wil daar echter nog niet aan. Willems begrijpt die weerstand wel: “Voor secure operators zijn er geen voordelen te behalen, voor AEO-ers wel. En daarnaast: wie zou de controles moeten uitvoeren?”

Verwarrend

Terug naar de AEO. Enigszins verwarrend is dat er twee verschillende certificaten kunnen worden aangevraagd, namelijk de AEO-Douanevereenvoudigingen en de AEO-Veiligheid. “Ik denk dat het aparte certificaat Vereenvoudigingen oorspronkelijk was bedoeld voor bedrijven zoals wij, die fysiek niets met goederen van doen hebben maar wel gegevens uitwisselen met de douane”, aldus Willems. “Maar zoals ik al eerder stelde, wij maken wel onderdeel uit van logistieke ketens. Daarom verwacht ik dat verreweg de meeste bedrijven zullen kiezen voor het aanvragen van een gecombineerd certificaat Douanevereenvoudi- gin–gen en Veiligheid.”

Nu dat is opgehelderd, resteert nog de spraakverwarring rondom het begrip ‘vereenvoudigingen’. Met de term ‘AEO-

douanevereenvoudigingen’ heeft de douane zich géén goede dienst bewezen. Bedoeld is een verwijzing naar minder controles, terwijl de in Nederland reeds bestaande term

‘douane-vereenvoudigingen’ verwijst naar toestemming om bepaalde procedures eenvoudiger te doorlopen. Voordat u afhaakt: Het helpt enorm als u de term ‘vereenvoudigingen’ met betrekking tot Douane-procedures vervangt door ‘vergunningen’. Met die vergunningen liep de Nederlandse douane al vooruit op de filosofie achter de AEO: Vertrouwde partijen krijgen de kans om relatief vrij te opereren.
Voorbeelden

Een voorbeeld van een bestaande vergunning is de domiciliëringsprocedure. Die geeft bedrijven het recht om douane-aangiften enige tijd op te sparen.

Een andere vergunning is de registratie als Toegelaten Geadresseerde (TG) of Toegelaten Afzender (TA), eventuele controles vinden dan alleen plaats bij het in- of uitladen.

Een derde voorbeeld is tenslotte de vergunning tot actieve veredeling. Die is nuttig als je bijvoorbeeld fietsen uit China importeert, daaraan iets toevoegt en ze direct weer exporteert naar buiten de EU. In dat geval hoef je namelijk geen invoerrechten te betalen.

Je zou verwachten dat een AEO-certificaat Douanevereenvoudigingen straks nodig is als basis om zo’n vergunning te krijgen. “Ben ik met je eens, maar dat is niet zo”, aldus De la Cousine. “Zelfs voor nieuwe vergunningen is formeel geen AEO-status nodig. Wel is de aanvraag daarvan dan administratief eenvoudiger. Gegevens die we al hebben hoeven namelijk niet opnieuw te worden ingediend.”
Self-assesment

Niemand weet hoe streng de douane de AEO-aanvragen gaat beoordelen. Bij het lezen van de regels bekruipt je het gevoel dat dit mee zal vallen. Naast wat administratieve stukken hoef je namelijk alleen de samenvatting van een self-assesment te overhandigen. “Dit betekent niet dat er geen controle is”, waarschuwt De La Cousine. “Indien nodig zullen we bedrijven bezoeken.”

De documenten voor het self-assesment kun je downloaden op de site van de belastingdienst.

Het doel van de zelftoets is onder meer, dat je aantoont dat je in het verleden hebt voldaan aan de douanevoorschriften. Daarnaast moet je boekhouding correct zijn, en je onderneming financieel gezond. Tenslotte moet je bedrijf veilig zijn, in de zin van terrorisme-bestendig.
Geen regels

De regels die bij de beoordeling van dat laatste onderdeel worden gebruikt, zijn het vaagst. Sterker nog: eigenlijk zijn er helemaal geen regels. De douane hanteert namelijk een zogenaamde ‘open normstelling’.

Dit laatste versterkt het idee dat wie jarenlang aan alle regels van de douane én de belastingdienst heeft voldaan, betrekkelijk eenvoudig zijn AEO-certificaat zal behalen.

“Dat klopt”, reageert De La Cousine. “Je zou het zelfs als een soort beloning kunnen zien.

Met sommige bedrijven hebben we al een jarenlange relatie, en dat weegt mee. Bovendien hebben wij hen wellicht al eerder bezocht, in het kader van het afgeven van een vergunning.”

Volgens Willems moeten bedrijven toch op hun hoede zijn: “Als je self-assesment niet blijkt te kloppen, dan kan de aanvraag worden afgekeurd. Dan kun je pas na drie jaar opnieuw een verzoek indienen.”
Bedrijfsonderzoek

Volgens De La Cousine wordt de soep echter niet zo heet gegeten: “Als de eigen beoordeling niet klopt, dan gaan we in overleg met de aanvrager. Dat kan eventueel uitmonden in een bedrijfsonderzoek. Wordt een AEO niet afgegeven, dan geven we aan waarom niet, zodat het betrokken bedrijf desgewenst orde op zaken kan stellen. Dat kan ook later nog, maar dan moet er een nieuwe aanvraag worden ingediend. Eerst drie jaar wachten hoeft niet.”

Resteert nog de vraag wanneer je bedrijf als ‘veilig’ wordt gezien. “Dit staat beschreven in guide–lines bij de AEO”, weet Willems. “Er moet bijvoorbeeld controle zijn op wie je in huis haalt als medewerker. Daarnaast moeten er maatregelen zijn genomen die voorkomen dat onbevoegde personen bij je goederen kunnen komen, bijvoorbeeld op je bedrijfsterrein.” Deze regels gelden overigens alleen voor het gedeelte van de logistieke keten, dat direct betrokken is bij de invoer- en/of uitvoer van producten.
Conclusie

Samenvattend: Wie vaak goederen EU in- of uitvoert, of wie daar indirect bij betrokken is, kan waarschijnlijk maar het beste een AEO-certificaat aanvragen. De benodigde inspanning valt waarschijnlijk mee, ellende met de douane wordt voor–kómen en wellicht zijn er zelfs voordelen. Misschien kunnen bedrijven zich op grond van hun AEO-status wel profileren als erkend betrouwbare partner!. Gecertificeerde logistiek dienstverleners kunnen bovendien schermen met het feit, dat vertraging door douanecontroles bij hen waarschijnlijk weinig zal voorkomen.

Door Dr. Ir. Jaap van Ede

www.procesverbeteren.nl

Reageer op dit artikel