artikel

Zes distributeurs slaan handen ineen

Distributie Premium

De wegen in Nederland raken alsmaar voller. Chauffeurs vertrekken daarom steeds vroeger. Doordat de filevorming tijdens de avondspits echter steeds vroeger begint, komt de efficiency in gevaar. Zeker als straks in 2011 de 48-urige werkweek van kracht wordt. Distributeurs zijn hierdoor genoodzaakt de oude transportgedachte overboord te zetten. Samenwerking lijkt onontkoombaar.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 22 juni 2007.

De wegen in Nederland raken alsmaar voller. Chauffeurs vertrekken daarom steeds vroeger. Doordat de filevorming tijdens de avondspits echter steeds vroeger begint, komt de efficiency in gevaar. Zeker als straks in 2011 de 48-urige werkweek van kracht wordt. Distributeurs zijn hierdoor genoodzaakt de oude transportgedachte overboord te zetten. Samenwerking lijkt onontkoombaar.

       

Zes middelgrote bedrijven, die elk hun eigen identiteit willen behouden, besloten eerder dit jaar een Europees Economisch Samenwerkingsverband (EESV) aan te gaan.

Deelnemers aan het EESV zijn Bor Transporten (Eindhoven), Chr. Vermeer (Dongen), CTS Groep (Nieuw Vennep), Rabelink Logistics (Doetinchem), Timmerman (Staphorst) en Te Winkel & Oomes (Tiel).

                

Zendingen van de vervoerders worden naar een centraal hub in Nieuw Vennep getransporteerd, verdeeld via een crossdock principe en vervolgens afgeleverd bij de klant.

De afzonderlijke distributeurs kunnen hierdoor hun routes optimaliseren. Afstanden die de eigen voertuigen afleggen, worden geminimaliseerd waardoor ritten rendabeler worden. Kleine transporten naar de buitengebieden – en dus de extra kilometers – vervallen bovendien. Voor ieder lid scheelt dat per dag al gauw zo’n negenhonderd kilometer. Op jaarbasis is dat een reductie van het aantal transportkilometers met ongeveer 240.000.

      

“Voor het fileprobleem en de uitstoot van CO2 is dat wellicht een druppel op de gloeiende plaat in Nederland”, geeft Jack Kardolus, voorzitter van het EESV, toe. “Maar, en dat is nog veel belangrijker, door de kilometerbesparing kunnen de leden per dag ook drie auto’s en dus ook drie chauffeurs uitsparen. Dat maakt de voordelen van de samenwerking wel degelijk interessant.”

             

Nieuwe gedachte

Als tegenprestatie voor de zendingen die een lid in het netwerk steekt, moeten zendingen van andere leden worden meegenomen en tegen een minimaal tarief worden afgeleverd. “Je snijdt jezelf dan ook in de vingers als je alleen maar zendingen uit het netwerk haalt. Deelnemende bedrijven moeten dan ook de oude transportgedachte van hoe meer, hoe beter laten varen”, legt Kardolus uit.

    

Volgens hem is de samenwerking een onontkoombaar gevolg is van de ontwikkelingen in Europa. “Als je kijkt naar de fileproblematiek en de aankomende 48-urige werkweek, kun je als distributeur alleen nog maar overleven door zeer intensief samen te werken.”

    

Andere opzet

De deelnemende bedrijven delen die visie. Vijf van hen werkten zelfs al eerder samen. Dat was echter in een andere opzet, waarbij ook een compleet nieuwe managementlaag was gecreëerd. “In zo’n aanpak geloven wij echter niet. Wij willen tegen een zo laag mogelijke kostprijs een zo hoog mogelijke service leveren. Dan moet je juist geen extra managementlaag toevoegen”, vindt Kardolus.

       

Als de voorzitter vervolgt, blijkt wat de leden van het EESV wel belangrijk vinden: duidelijke, transparante afspraken. Daarom wordt er ook in een hoge frequentie op managementniveau overlegd tussen de partners. Elke twee maanden komen de managers van de afzonderlijke bedrijven bij elkaar om de voortgang van de samenwerking te bespreken.

       

Verdere uitbreiding

Vooralsnog biedt de voortgang perspectief. Door het succes voor de deelnemende bedrijven groeit ook de interesse van eventueel nieuwe partners.

In principe kunnen alle middelgrote distributeurs met een centrale vestiging zich aansluiten bij het EESV. “Zolang ze maar kwaliteit kunnen leveren, want de zwakste schakel bepaalt uiteindelijk de kracht van de ketting”, vult Kardolus aan.

     

Toch blijkt de te bieden kwaliteit niet de enige voorwaarde voor aansluiting. Ook de geografische ligging kan een reden zijn om een nieuwkomer af te wijzen. Kardolus: “Het is goed denkbaar dat bijvoorbeeld Bor Transporten er niet blij mee is als een distributeur uit Helmond zich toevoegt aan het samenwerkingsverband.”

     

De uitbreiding wordt dan ook vooral gezocht in gebieden en regio’s die nu nog niet optimaal worden afgedekt, zoals Midden- en Zuid-Limburg, of Zeeland.

     

Nieuwkomers kunnen ook alleen lid worden van het EESV als ze de steun krijgen van 75 procent van de bestaande leden. Het EESV verwacht dit jaar nog door te groeien naar negen of tien deelnemers. De meest ideale samenstelling volgens Kardolus telt in totaal veertien bedrijven.

       

“In dat geval worden de gebieden waarin je actief bent nóg kleiner en kunnen we dus ook nóg efficiënter rijden tegen lagere kosten. Alleen dan kunnen we de concurrentiestrijd ook in de toekomst winnen”, besluit de voorzitter.

Reageer op dit artikel