artikel

Gaan universiteiten zich opnieuw terug trekken?

carrière & mensen Premium

Gaan universiteiten zich opnieuw terug trekken?

Het nieuwe innovatiebeleid van de overheid stimuleert universitaire onderzoekers weer hun eigen weg te gaan. Er dreigt een groot risico, dat dit ook daadwerkelijk gaat gebeuren. Tenzij bedrijven echte financiële stappen zullen maken, waarmee ze laten zien dat zij dit nieuwe beleid steunen.

Onder stimulans van het door Dinalog geleide innovatieprogramma heeft samenwerking ten bate van logistieke innovatie een forse impuls gekregen. De statistieken liegen niet: meer dan honderd bedrijven doen actief mee aan de realisatie van het programma, en vrijwel alle universiteiten met een logistieke onderzoeksgroep zijn aangesloten. Peter van Laarhoven’s erfenis is erin geslaagd om ook inhoudelijk deze krachten te verenigen achter een heldere agenda met duidelijke focus. Het aantal onderzoekers dat werkt aan het versterken van onze achterlandnetwerken of horizontale samenwerking tussen verladers of dienstverleners is fors toegenomen. Als logistieke sector kunnen we trots zijn deze positie te hebben verworven op de politieke agenda en in de beleidsplannen van de universiteiten. De identificatie van de topsectoren heeft dit nog verder versterkt.


Tegelijkertijd heeft het nu demissionaire kabinet bij de omvorming van het innovatiebeleid alle subsidies afgeschaft. Waar de topsectoren onder het oude regime nog konden rekenen op ruim een half miljard euro per jaar aan overheidsinzet (waar het logistieke deel van minder dan tien miljoen euro per jaar maar heel klein maar zeer significant was), is dit bedrag nu verdampt. De minister heeft dit gecompenseerd door TNO en NWO (de organisatie die fundamenteel onderzoek van de universiteiten financieel ondersteunt) hun agenda deels te laten bepalen door de agenda’s van de topsectoren. TNO gaat een klein deel van zijn mensen nu richten op de agenda van het topteam logistiek die onder leiding van Leo van Wijk is opgesteld. Het topteam heeft een verstandige keuze gemaakt door niet met een greenfield agenda te starten, maar de agenda van Van Laarhoven aan te passen aan de nieuwste inzichten en de ingezette lijn door te trekken. TNO kan daar een kleine bijdrage aan leveren.


Voor NWO ligt dat anders. Van nature zal (en naar mijn mening ook moet) NWO meer fundamenteel onderzoek financieren. Betrokkenheid van bedrijven bij dit onderzoek is wellicht gewenst, maar zeker niet in het kader van toepassing. Dat betekent dat co-financiering van bedrijven niet alleen moeilijk is, maar ook in zekere mate ongewenst. De universiteiten, die het onderzoek in opdracht van NWO uitvoeren, zullen hier dus niet de samenwerking met bedrijven in een nationaal programma zoeken.


De vraag is nu wat de universiteiten zullen doen met hun schaarse onderzoekstijd. Het ligt voor de hand dat de goede en gewilde onderzoekers zich weer zullen terugtrekken in hun eigen samenwerkingsverbanden. Rechtstreeks contractonderzoek met bedrijven, zonder betrokkenheid van een nationaal programma, is immers veel eenvoudiger te realiseren: geen ingewikkelde subsidieregels, het onderwerp kan helemaal specifiek worden afgestemd en het onderzoek kan één-op-één met een bedrijf plaatsvinden. Door het stoppen van de overheidssubsidies is er geen stimulans om inhoudelijk bij een nationale agenda aan te sluiten.

 

De verantwoordelijkheid ligt nu bij bedrijven om te laten zien dat zij het innovatiebeleid, dat via hun organisaties VNO-NCW en MKB-Nederland namens hen wordt uitgevoerd, ook daadwerkelijk zullen steunen en zullen investeren in gezamenlijke onderzoeksprogramma’s. Dat is namelijk de enige manier waarop het samenwerkingsverband dat we in de afgelopen jaren met veel energie hebben opgebouwd, in stand blijft. The proof of the pudding is in the eating.

 

Dit artikel is eerder gepubliceerd in Logistiek Magazine: http://abonneren.logistiek.nl/

Reageer op dit artikel