artikel

De vijf kernvragen voor reverse logistics

Supply chain Premium

De vijf kernvragen voor reverse logistics

Waarom kost hergebruik en recycling alleen maar geld? Dit is een van de vijf kernvragen over reverse logistics volgens Harold Krikke.

Co-auteur: Bas van der Moolen van TNO 

 

Veel onderzoek is gedaan naar de factoren die succesvolle toepassing van reverse logistics mogelijk maken. Hierop gaan we in aan de hand van veel gestelde vragen uit de praktijk.

 

De vijf kernvragen voor reverse logistics:
  

1. Waarom kost hergebruik en recycling alleen maar geld?

Gelukkig klopt dit niet en met de stijgende prijzen loont reverse logistics steeds meer. Enkele grotere bedrijven lijken inmiddels te beseffen dat hergebruik en recycling geld kan opleveren en nemen het heft in eigen hand. Klassieke succesverhalen zijn herbruikbare ‘wegwerpkameras’ (Kodak, Agfa), kopieermachines (Oce, Xerox), auto-onderdelen (Vege, Mercedes Benz, BMW), en herbruikbare verpakkingen (GT-fles).
  
Ook MKB kent succes voorbeelden, hoewel ze er vaak niet als zodanig mee naar buiten treden. Bijvoorbeeld Coffee3 (koffieapparaten) en Sweere Food Technologies (overhaul of large equipment en Metaalunie lid) houden zich bezig met hoogwaardig product en component hergebruik van hun apparaten. Voor veel bedrijven is het terugnemen en indien mogelijk hergebruiken van materialen zelfs een middel waarmee ze zich proberen te onderscheiden. Zo profileert Elektronica concern BCC zich duidelijk als een groen bedrijf. Oude apparaten en verpakkingsmaterialen worden teruggenomen en kunnen consumenten in de winkel energie zuinige apparaten eenvoudig herkennen aan het groene "energiezuinig" logo.

  

Op materiaalniveau kennen we al jarenlange toepassingen in recycling van glas en metalen.
De eerlijkheid gebiedt wel te zeggen dat voor bepaalde producten en materialen het nog steeds lastig is om rendabel te hergebruiken of recyclen, maar door sterk stijgende grondstofprijzen wordt hergebruik wel steeds aantrekkelijker. Feit is wel dat collectieve systemen de verwijderingsbijdrage flink verlaagd hebben onder meer door stijgende opbrengsten. Opvallend is verder dat economisch rendabele toepassingen vaak product en componenten hergebruik betreft.

2. Hoe zijn kwaliteit en klantacceptatie te garanderen?

Veel klanten zitten nu eenmaal niet te wachten op producten met gerecycleerde materialen of hergebruikte onderdelen. In veel gevallen kan echter perfect aangetoond worden dat die vrees voor een mindere kwaliteit onterecht is. In professionele markten worden vaak ‘2e hands’ onderdelen met dezelfde garantie afgegeven. Hetzelfde geldt voor totale machines, zoals copiers. Vaak worden prijsvoordelen voor een deel teruggegeven aan de klant, waardoor het voor beide partijen, leverancier en afnemer, interessant is. In de meer modieuze consumentenmarkt ligt dit lastiger.
  
Maar ook hier is hergebruik in opkomst, denkt u maar aan bijvullingen van uw printerpatronen, en de genoemde eenmalige kamera’s. Nieuwe business modellen bieden aanknopingspunten, zoals we later bespreken. Veel MKB-ers twijfelen omdat hergebruik onzekerheid toevoegt. Zolang de huidige manier van werken voldoende rendeert zal de prikkel om het huidige businessmodel te herzien laag blijven waardoor men niet snel zal veranderen.  Via regelgeving of subsidies kan de overheid ze wel een zetje in de goede richting geven.

  

3. Collectief of individueel?

De producenten/importeurs van apparatuur hebben zich in Nederland verenigd in 3 collectieve systemen: RTA voor professionele apparatuur, ICT-Milieu voor ICT-apparatuur, en NVMP voor de consumenten apparatuur. De NVMP kiest ervoor om het door hen opgezette inname- en verwerkingssysteem te financieren door een verwijderingsbijdrage. Het geld dat hiermee wordt verkregen, gebruikt men om de kosten te dekken van de verwerking van de historische voorraad die komende jaren nog wordt terugverwacht.
  
Daarom is een ‘fonds’ gevormd (door de NVMP) dat zij komende jaren zullen gebruiken voor de verwerking van deze oude apparaten. Er is geen algemeen verbindende verklaring, de verwijderingsbijdrage op apparaten is een initiatief van de NVMP en het geld wordt gebruikt voor hun eigen systeem. Het is dus niet zo dat iedere verwerker hier aanspraak op kan maken. ICT-Milieu heeft een andere financieringswijze, daar wordt niet met een verwijderingsbijdrage gewerkt maar betalen de producenten/importeurs de kosten van het systeem naar rato van hun marktaandeel.
   
RTA heeft een systeem dat gefinancieerd wordt door verwijderingbijdragen, daarmee worden de inzameling en verwerking van zowel historische als niet historische apparaten betaald. Belangrijk is overigens het onderscheid ‘producten voor huishoudelijk gebruik’ en ‘professionele producten. Mogelijk dat (internationale) bedrijven zelf grootschalige Europese systemen gaan opzetten. Momenteel moeten zij dat per lidstaat doen. In Nederland kan echter iedere producent of importeur die dat wil zelfstandig mededeling doen en een retoursysteem opzetten. Let wel dat dergelijke collectieve systemen aanvullend zijn op al bestaande, gemeentelijke systemen of bedrijfsafval.
   

4. Wordt bedrijfsvoering complexer door retouren?

Dit is zeker waar, met name bij individuele oplossingen. Dat bijvoorbeeld de logistiek er door retourstromen niet eenvoudiger op wordt, mag duidelijk zijn. Deels door hogere transportkosten, meer gedifferentieerde goederenstromen, hogere onzekerheid en toename in afhankelijkheid (van retour gekomen goederen). Inzameling blijkt telkens een lastig fenomeen. Met name de diverse groep kleine elektronica verdwijnt nog makkelijk in de grijze container, of elders.
  
Wanneer de inzamel volumes, vaak met veel moeite, toenemen kan de kwaliteit parten spelen. Bijvoorbeeld, in Duitsland zijn inzamelaar ook wegens de WEEE-richtlijn overgestapt op grote containers. Hierin beschadigen ingezamelde producten sneller waardoor product hergebruik teruggelopen is. Niet alleen logistieke modellen zullen zich door moeten ontwikkelen, in paragraaf 5 bespreken we andere onderdelen van de bedrijfsvoering die evenzeer moeten veranderen. Er moet een multidisciplinair veranderingproces omgang moeten komen, waarbij logistiek slechts een facet is.

  

5. Zitten belemmeringen niet vooral tussen de oren?

Ook al is het economisch rendabel, of noodzakelijk vanuit regelgeving en duurzaamheid, toch aarzelen veel ondernemers. Er zijn nog tal van factoren die meespelen, die je niet altijd gemakkelijk kan achterhalen. In veel gevallen wegen psychologische aspecten zwaarder door dan economische. Veel heeft te maken met klant acceptatie, maar ook zit het tussen de oren van de ondernemers. Inmiddels zijn er een aantal trends aan de gang die de drempel verlagen en het bewustzijn omtrent de voordelen verhogen.
  
De impact van ‘Al Gore’ en de ‘cradle-to-cradle’ gedachte bijvoorbeeld. Tot slot speelt ook de natuurlijke schaarste aan bepaalde materialen, bijvoorbeeld koper, in ons voordeel. Zelfs in China nemen de productiekosten toe, om van transport van en naar Azië maar te zwijgen.
Maar tussen denken en doen is nog verschil. Middels de WARM quick-scan methodiek kunt u snel een overzicht krijgen hoe uw bedrijf er voorstaat en welke potentie hergebruik voor u heeft (www.php.nl).

Reageer op dit artikel