blog

Zeven redenen waarom er van SCM niets terecht komt

Distributie

Door samenwerking in de keten kunnen eindgebruikers beter bediend worden en alle deelnemende partijen betere bedrijfsresultaten behalen. Dat lijkt een aanlokkelijk perspectief. Uit onderzoeken blijkt echter steeds weer dat de ideeën van Supply Chain Management (SCM) nog maar mondjesmaat worden toegepast. Daarvoor zijn diverse redenen aan te wijzen.

 

In de wetenschappelijke literatuur wordt keer op keer aangetoond dat het toepassen van de principes van SCM kan leiden tot betere kwaliteit, snellere doorlooptijd, betrouwbaarder processen, flexibelere oplossingen en duurzame producten. En dat allemaal tegelijk.

 

Opmerkelijk genoeg is het geschetste eldorado uit de theorie in de praktijk nog ver te zoeken. Het recente onderzoek van BLMC is de zoveelste in de rij waarin wordt aangetoond dat implementatie van SCM binnen en tussen organisaties nog niet van de grond komt. Misschien is dit verassend voor de aanhangers van het concept. Maar de waarheid is dat SCM vaak slecht past bij de hedendaagse bedrijfsvoering.

 

Zeven redenen

Hieronder zeven redenen waarom er van SCM (nog) weinig terecht komt.

 

  1. Randvoorwaarden en aannames: SCM is geen one-size-fits-all-methode. Binnen de theoretische modellen worden een aantal belangrijke (impliciete) aannames gedaan die in de praktijk lang niet altijd gelden. Zo werken organisaties vaker in netwerken dan in ketens, is er lang niet altijd sprake van een machtsbalans tussen ketenpartners, en zijn de kosten van het ontwikkelen en managen van strategische partners aanzienlijk terwijl de revenuen moeilijk in te schatten zijn.
  2. SCM niet in de boardroom: SCM is een strategisch concept. Echter veel organisaties zien hun supply chain meer als noodzakelijk kwaad dan als bron van concurrentievoordeel.
  3. Korte termijn focus van organisaties: SCM is een zaak van de lange adem. Dat past niet bij een situatie waar bedrijven worden gedomineerd door hun kwartaalcijfers en worden bestuurd door managers die willen “scoren”.
  4. Control & toezicht: Vooral sinds de kredietcrises er een sterke roep om meer toezicht en striktere control. Maar SCM gaat juist over multifunctionele teams die zelf bedenken hoe verbeteringen kunnen worden gerealiseerd. SCM vraagt om minder control en meer gedelegeerde bevoegdheden en verantwoordelijkheden en meer vertrouwen in de professionals die het echte werk moeten doen.
  5. SCM is geen geïntegreerde functie: Er zijn nog niet veel organisaties die de functie van Supply Chain Manager zodanig ingevuld hebben dat deze het gehele primaire proces (inkoop, operations, logistiek, marketing & sales) overziet. Al te vaak is SCM een nieuwe naam voor een traditionele functie.
  6. Individualisering: SCM vraagt om samenwerken tussen verschillende mensen, functies en culturen. Dit past niet goed bij de tijdsgeest van een individualistische maatschappij.
  7. Generatieprobleem: SCM is een relatief nieuw concept; pas de laatste decennia worden jonge mensen opgeleid met de moderne denkbeelden over de inrichting van ketens. Het duurt een paar generaties voordat deze mensen in organisatie op posities zijn waar ze de concepten echt kunnen toepassen.

 

Nieuwe leiderschap

Zeker gegeven het laatstgenoemde punt is er hoop voor de toekomst. Het nieuwe leiderschap is in opkomst. De jonge generaties zijn steeds hoger en breder opgeleid. Teamwork wordt er tegenwoordig met de paplepel ingegoten. Langzaam maar zeker zullen organisaties anders gaan functioneren. Voor SCM lijkt er een mooie toekomst weggelegd.

 

 

 

TNO en EVO hebben gezamenlijk een onderzoek uitgevoerd naar het belang en de mate van samenwerking van de logistieke functie met andere afdelingen in de voortbrengingsketen (zoals inkoop of productie). Het rapport bevat interessante resultaten van 234 ingevulde enquêtes en een stappenplan om zelf aan de slag te gaan met het verbeteren van de interne samenwerking.

 

Reageer op dit artikel