nieuws

EVO presenteert top-5 van btw-valkuilen

Warehousing

EVO stelde een top-5 op van valkuilen bij de btw-aangifte. Volgens de belangenbehartiger doen bedrijven er goed aan zich beter te verdiepen in de ingewikkelde regelgeving, omdat ze daarmee het risico van fouten gevolgd door boetes voorkomen.

EVO presenteert top-5 van btw-valkuilen
Loes Spaander

Fiscaal specialist Loes Spaander (foto): "Bij EVO komen jaarlijks honderden vragen binnen van bedrijven die transacties voor de btw moeten afhandelen. Onze ervaring leert dat veel bedrijven fouten maken bij de aangifte van btw als ze internationaal zaken doen. Wij zijn daar van geschrokken en hopen dat onze top-5 voor ondernemers aanleiding is om nog eens goed te kijken naar hun administratie. We constateren dat bij veel bedrijven de wil er wel is om de regels goed toe te passen, maar dat ze niet weten hoe ze dit moeten doen."

De valkuilen top-5 ziet er als volgt uit:

  1. Als een bedrijf goederen verkoopt aan een buitenlandse ondernemer, geldt het btw-nultarief. De leverancier moet echter wel kunnen aantonen dat de goederen daadwerkelijk het land hebben verlaten en niet btw-vrij op de zwarte markt terecht komen. Dat aantonen is met name lastig bij afhaaltransacties, omdat je dan zelf het vervoer niet in de hand hebt.
  2. Bij goederenleveringen binnen en buiten de EU zijn ondernemers vaak onderdeel van een keten. Dezelfde partij goederen wordt verkocht van leverancier A in Duitsland aan ondernemer B in Frankrijk, die op zijn beurt de goederen weer verkoopt aan partij C in Griekenland. De goederen worden veelal rechtstreeks geleverd van A naar C. Ook wel ABC-transacties genoemd. Maar die aangifte gaat vaak fout, omdat ondernemers niet naar de hele keten kijken om te bepalen waar de levering en de verwering zijn belast.
  3. Ondernemers die in een ander land belastingplichtig zijn, kunnen voor de aangifte, de listing en het betalen van de btw een fiscaal vertegenwoordiger aanstellen. Dit speelt met name bij ABC-leveringen en invoer in een ander land. Wat ondernemers vaak niet weten, is dat ze in een aantal gevallen zelfs verplicht zijn om een fiscaal vertegenwoordiger in de arm te nemen. Uiteraard heeft iedere lidstaat hiervoor eigen regels. 
  4. Er bestaan weliswaar Europese btw-regels, maar door de vele ‘kan’-bepalingen in de EU-richtlijn bestaan er grote verschillen tussen lidstaten als het gaat om vrijstellingen, (verlaagde) tarieven, factuureisen en verleggingsregelingen. Als een goederenlevering of dienst is belast in een andere lidstaat, gelden de regels van dat land. Maar weet als ondernemer maar eens of een bepaald goed of dienst in dat andere land is vrijgesteld. En of de btw bij invoer wel of niet naar de aangifte kan worden verlegd, zoals in Nederland mogelijk is.
  5. Het kan soms lastig zijn om te bepalen of het gaat om een goed of een dienst. Zoals bij assemblagewerkzaamheden. Aangezien de regels voor goederenleveringen en diensten behoorlijk van elkaar verschillen, is het zaak om dit onderscheid goed te kennen.
Reageer op dit artikel