blog

Voorkom concurrente schuldeisers met pandrecht

Warehousing 1183

Wil je als logistiek dienstverlener niet in de rij staan van veelal kansloze concurrente schuldeisers, vestig dan een pandrecht op de zaken die worden vervoerd of in je warehouse bevinden. Advocaat Otto Lensink vertelt je meer over de waarde van een vuistpandrecht.

Voorkom concurrente schuldeisers met pandrecht

Dat advies geeft Otto Lenselink, advocaat bij Buntsma & Van Dooren Advocaten in Breda. In deze bijdrage richt hij zich uitsluitend op het vuistpandrecht, waarbij de goederen van de opdrachtgever in de macht zijn van de pandhouder. Dit is vaak het geval bij het uitvoeren van een transportopdracht of bij het in bewaarneming hebben van goederen in het kader van de uitvoering van een opslagovereenkomst.

Is het vestigen van een vuistpandrecht ingewikkeld? Nee beslist niet. Voor het vestigen van een vuistpandrecht op roerende zaken gelden de drie eisen van overdracht, te weten (1) een titel, (2) de levering (3) beschikkingsbevoegdheid.

Stap 1 vestigen vuistpandrecht: een rechtsgeldige titel

Een rechtsgeldige titel betekent dat een vuistpandrecht moet worden overeengekomen. Dit kan expliciet worden opgenomen in de vervoersovereenkomst of in de overeenkomst van bewaarneming in het geval er sprake is van opslag van goederen. De Algemene Vervoerscondities (AVC), de Fenex- voorwaarden of de opslagvoorwaarden van Stichting Vervoersadres (Sva) bevatten ook artikelen, waarin er een pandrecht wordt gevestigd ten gunste van de vervoerder, respectievelijk de bewaarnemer.  Met het enkel van toepassing laten zijn van deze voorwaarden wordt het pandrecht overeengekomen.

Mocht een opdrachtgever onverhoopt failliet gaan, dan verdient het aanbeveling om te bezien of de vervoers- of opslagvoorwaarden een dergelijk pandrecht artikel bevatten.  Niet zelden worden vorderingen niet geïnd door een schuldeiser, die pandhouder blijkt te zijn.

Stap 2: de levering

De levering geschiedt in de logistieke praktijk veelal doordat de vervoerder en het warehousebedrijf de goederen onder zich heeft genomen om deze goederen te transporteren, respectievelijk om in bewaring te nemen.

Stap 3: de beschikkingsbevoegdheid

De beschikkingsbevoegdheid van de pandgever is de derde voorwaarde waaraan moet worden voldaan voor het vestigen van een rechtsgeldig vuistpandrecht. Uitsluitend de eigenaar van de goederen is bevoegd om als pandgever te fungeren en een pandrecht te vestigen op zijn goederen ten gunste van de pandhouder. Indien de pandgever niet de eigenaar blijkt te zijn, dan wordt de pandhouder (lees: de logistiek dienstverlener) beschermd in het geval hij te goeder trouw was en mocht aannemen dat de pandgever de eigenaar was.

Pandrecht in het geval van faillissement

De pandhouder is separatist waardoor zijn positie en zijn (pand)recht niet wordt aangetast door een faillissement van zijn opdrachtgever. De pandhouder kan zonder instemming van de schuldenaar en curator zijn vordering verhalen uit de verkoopopbrengst van de verpande goederen.

Pandrecht na verkoop eigendomsoverdracht van de verpande goederen

Een pandrecht is een zogeheten zakelijk recht, dat zaaksgevolg heeft. Dit betekent dat het pandrecht op de roerende zaak blijft rusten, ongeacht in wiens handen zich de (roerende) zaak bevindt. Indien het pandrecht werd gevestigd door de (voormalige) eigenaar en daarna werd verkocht aan een derde, dan blijft de pandhouder (lees: logistiek dienstverlener) gerechtigd om zijn vordering te verhalen op deze goederen.

Pandrecht in het geval van eigendomsvoorbehoud

In de praktijk bevatten (leverings)voorwaarden negen van de tien keer een eigendomsvoorbehoud, waardoor het eigendom van een roerende zaak pas overgaat na betaling van de volledige koopsom. Indien er door een derde terecht een eigendomsvoorbehoud wordt gemaakt, dan werd de pandgever niet de eigenaar, en was hij niet bevoegd om een pandrecht te vestigen op een roerende zaak waarvan hij geen eigenaar was. In dergelijke gevallen heeft te gelden dat de pandhouder (logistiek dienstverlener) zich kan beroepen op de goeder trouw, doordat hij niet bekend was met het eigendomsvoorbehoud.

Auteur: Mr. Otto Lenselink is advocaat bij Buntsma & Van Dooren Advocaten in Breda

 

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels