artikel

De revival van de agv’s

Warehousing

Automated guided vehicles (agv’s) zijn in opmars. Fabrikanten in Europa merken een toenemende interesse en innoveren. De verkoop in Amerika is booming. Flexibiliteit, betrouwbaarheid en de lagere prijs spelen een belangrijke rol.

De revival van de agv’s

Uit: Logistiek Magazine april

Automated guided vehicles (agv’s) zijn bezig met een opmars in populariteit. Hoewel er geen cijfers bekend zijn van de Europese verkopen, zijn de producenten positief. De groeiende populariteit was onder meer zichtbaar op de intralogistieke beurs Logimat afgelopen februari in Stuttgart. Agv’s waren goed vertegenwoordigd tijdens de elfde editie van de beurs. Vijftien producenten presenteerden hun voertuigen en laatste technieken.
Rocla was een van de exposanten. Roberto Santoro van Rocla: “De bekende warehousefabrikanten als Jungheinrich, Toyota en Still zijn actiever geworden op AGV-gebied. Hierdoor merken we dat eindgebruikers steeds meer interesse krijgen in de systemen en de voordelen zien van automatisch transport van goederen. Met name uit de opkomende economieën en bij nieuwbouw is er zeer veel interesse.”

Een andere verklaring voor de hernieuwde interesse in automatische voertuigen zijn volgens de kenners hoge loonkosten en problemen met de werving van personeel. Santoro is niet rouwig om de toegenomen concurrentie. Het versterkt en versnelt volgens hem de interesse en het vertrouwen in agv’s. Peter Kazander, beursmanager van Logimat: “Voertuigen zonder bemanning, die al vele tientallen jaren op de markt zijn, beleven momenteel een revival onder de naam agv’s.” Hij verklaart de toenemende interesse onder andere door verbeterde technologieën en een lagere prijsstelling, waardoor ze economisch ook aantrekkelijk worden voor kleine en mediumgrote bedrijven.

Seriematige bouw

Producent Still bevestigt de woorden van Kazander. De lagere prijsstelling komt door het veranderde productieproces. Waar vroeger veelal speciaalbouw werd toegepast op agv’s, worden ze nu seriematig geproduceerd. Sindsdien is de interesse in agv’s niet minder geworden, maar alleen nog maar gestegen, zo blijkt uit een rondvraag bij enkele producenten van de automatische voertuigen.
Bert Vermeijden, salesmanager intern transport bij Still: “We bouwen standaardtrucks om. Dat is ook een stuk eenvoudiger geworden, omdat de huidige trucks al een boordcomputer, elektrische stuurmotoren en Canbus (boordcomputer die elektromagnetische storingen detecteert) hebben.”
Harm de Vries, manager logistieke systemen bij Jungheinrich: “Door de seriematige bouw vanuit een standaardtruck is het gemakkelijker te automatiseren en ook goedkoper. Dit is denk ik de grootste verandering ten opzichte van voorheen.”
Door de seriematige aanpak zijn de agv’s ook betrouwbaarder geworden. De machines zijn uitontwikkeld. De aanschaf is geen avontuur meer en omdat ze seriematig worden geproduceerd zijn ze ook goedkoper dan vroeger, stellen de fabrikanten.

Realiteit en toekomst

De seriematige bouw heeft vooral de laatste zeven jaar een vlucht genomen. Daarmee zijn de toepassingen gegroeid. Naast een smallegangentruck zijn er nu ook automatisch gestuurde reachtrucks, hoge orderverzamelaars, stapelaars, elektrische pallettrucks en trekkarren verkrijgbaar.
Het is nu nog wachten op de eerste agv vorkheftruck. En die truck zit in de pijplijn, want Still verbaasde in 2011 met het CubeXX concept. Dit is een onbemande, geleide multifunctionele magazijntruck annex AGV, die kan functioneren als trekker, elektropallettruck, orderverzameltruck, stapelaar en mini vorkheftruck of reachtruck. Still verwacht het conceptmodel vanaf 2020 marktklaar te hebben. De Duitse producent introduceerde onlangs iGoEasy voor het automatiseren van relatief kleinere transportvolumes, Het systeem iGoEasy bestaat uit een, voor automatisering aangepaste, standaard EGV-S 14/20 stapelaar, reflectoren, een boordcomputer en een besturingssysteem in de vorm van een iPad, iPad mini of iPod. Op basis van de installatie berekent en visualiseert de iGoEasy app zelfstandig de optimale route, waarna de truck in staat is volledig autonoom door het magazijn te navigeren en de geleerde opdrachten uit te voeren.
Alle bekende producenten op de Nederlandse markt introduceerden de afgelopen tijd een nieuw model. Zo presenteerde Jungheinrich op de Duitse beurs Logimat haar nieuwste model op AGV gebied: de Auto Pallet Mover EKS 210a. Dit is een orderpicker die speciaal gebouwd is om goederen van en naar een bepaald punt te vervoeren. De truck gebruikt laser en reflectoren navigatie. De truck werkt op een batterij met een duur van 24 uur. De Auto Pallet Mover kan stand alone worden ingezet en in een warehousemanagementsysteem. Voor verticaal orderverzamelen is er de EKS 215a.

25 procent tijdwinst

Crown stal de show op de beurs in Stuttgart met de Quick Pick Remote Crown. Deze palletmover kan snel en op een ergonomische wijze orders picken. Met Quick Pick Remote wordt de picking tijd, met name op lageschappenniveau, tot 25 procent, claimt Crown. De winst wordt onder meer behaald doordat de orderpicker de agv-machine bedient door middel van een handschoen waardoor beide handen vrij zijn. De machine is in het derde kwartaal van 2013 leverbaar.
De universiteit van Stuttgart toonde het pilot project ‘doppel kufen’ voor het transport van pallets. De zelfrijdende lepels worden aangestuurd via een camera aan de onderkant en geleid via belijning op de grond. Het systeem heeft een lastvermogen van 1.000 kilogram en rijdt tot 1 meter per seconde.
Crepa en Frog kwamen vorig jaar met de Roboziner Dual Drive+. Een machine die geschikt is voor de aan- en afvoer van pallets. Deze combitruck met een hefvermogen van twee ton is voorzien van het zogeheten ‘Free Ranging on Grid System’ van Frog. Met dit systeem kan het voertuig zich snel en nauwkeurig positioneren, wat volgens de ontwikkelaars resulteert in een hoge werksnelheid. De machine is rondom beveiligd door een botsdetectiesysteem en kan dankzij een 3D-camerasysteem nauwkeurig gepositioneerd worden in gangpaden. De machine beschikt verder over sensoren waarmee de pallet en de vrije palletpositie in de stelling gecontroleerd kunnen worden.

3 in 1

Linde kwam in 2011 op de markt met Epion: een 3 in 1 magazijntruck. De eindgebruiker kan naar keuze de machine ombouwen tot elektropallettruck, stapelaar of trekker. Ombouwen naar een agv-platform transportwagen behoort volgens Linde ook tot de mogelijkheden. Rocla introduceerde in 2010 de ATX. Dit type is geschikt voor geautomatiseerd pallettransport en orderverzamelen. De agv rijdt zelfstandig met de orderverzamelaar mee, terwijl deze de orders pickt en aflegt. Daarmee is deze magazijntruck als het ware een pick-to-agv applicatie geworden. Ook BT heeft een soortgelijk systeem op de markt gebracht.

 

Flexibiliteit en kosten gaven 
de doorslag

Informatiebeheerder Merak heeft vorig jaar zijn zesde distributiecentrum in gebruik genomen in het Belgische Schelle en uitgerust met twee automatisch geleide voertuigen van Egemin. Beide automatisch geleide voertuigen van het type FLV1010NL worden gebruikt voor het automatische transport van archiefdozen in het distributiecentrum. Naast het intern transport van archiefdozen nemen de agv’s ook het transport van archiefdozen voor vernietiging en de flow van lege stapels Europallets voor hun rekening. De voertuigen zijn lasergestuurd en geschikt voor het transporteren van Europallets tot 1,000 kilo, die ze tot een meter hoog kunnen heffen. Ook zijn ze geschikt om snel te manoeuvreren tussen de magazijnstellingen en doorgangen. De keuze voor agv’s is voor een belangrijk deel genomen uit financieel oogpunt. Roland Scheers, logistiek manager van Merak: “We hadden de keuze tussen een conveyorsysteem en agv’s. Voor onze eisen was een conveyorsysteem vier keer duurder.” Ten opzichte van handmatig vervoer van de archiefdozen, bespaart Merak drie man personeel uit.
“Een ander voordeel van agv’s is dat we meer flexibel zijn. We kunnen eenvoudig uitbreiden met een extra voertuig.” Een ander pluspunt volgens de logistiek manager zijn de lagere onderhoudskosten en de uitstraling van het systeem. “Agv’s hebben een bepaalde commerciële waarde, hoewel dat moeilijk te meten is. Feit is dat we merken dat klanten die op bezoek komen bewondering hebben voor het systeem. Het geeft een signaal af dat je een modern bedrijf bent.” Een nadeel van het agv-systeem is dat de locatiebepaling van individuele dozen minder precies is. “Die nauwkeurigheid is mogelijk door de agv’s te laten communiceren met scan stations, maar dat vergt een investering die ten koste gaat van het financiële voordeel dat we nu hebben. “Het distributiecentrum waar de agv’s rondrijden heeft een oppervlakte van 11.000 m² met een opslagcapaciteit van voor 1,5 miljoen archiefdozen. De overige vijf distributiecentra van Merak, die 3.000 m2 tot 6.000 m2 groot zijn, stappen vanwege de oppervlakte niet over op agv’s.

 

Meer karren onder de 
veilingklok

Bloemenveiling Plantion in Ede schafte in 2010 tien automatisch geleide voertuigen (Linde P50 trekker) aan. De agv’s van Motrac-Linde zijn zowel volautomatisch als handmatig te bedienen en rijden via inductielijnen over drie banen. Achter iedere agv kunnen maximaal acht bloemenkarren worden gespannen. Gerard Rutgers, manager logistiek en veilbedrijf van Plantion: “Wij hadden de keuze tussen het plaatsen van drie kettingbanen of agv’s. We hebben voor agv’s gekozen omdat we een duurzaam gebouw hebben met vloerverwarming. Om dan kettingbanen te plaatsen werd bouwkundig een hele klus. De andere reden is flexibiliteit. Met agv’s zijn we veel flexibeler, omdat het opschalen of verleggen van routes eenvoudiger is. Je hoeft enkel inductie in de grond te freezen. Daarnaast kunnen we de agv’s ook handmatig inzetten als gewone truck. Een ander voordeel is dat ze veel minder geluid produceren dan een kettingbaan. Dat geeft rust in de veilingzaal.” Plantion heeft gekozen voor inductie uit praktische overwegingen: “De wagens komen ook in de geconditioneerde ruimte. Spiegels voor laseraansturing kunnen daardoor beslaan. Verder hebben de karren wisselende hoogtes en het gebouw kent obstakels in de vorm van betonnen palen. Met inductie hebben we hier geen last van en het is een bewezen techniek.” De tien agv’s van Plantion opereren op drie banen van ieder zo’n tweehonderd meter lang. Elke baan passeert de afmijnzaal. Daarbij heeft iedere baan ter hoogte van de veilklok acht gedefinieerde stoppunten. In de afmijnzaal ontvangen de agv’s de commando’s van de veilingmeester. Als alle producten geveild zijn, wordt alles naar de distributie gestuurd voor verdere afhandeling.

Door dit nieuwe proces heeft Plantion een efficiencyslag gemaakt. Dit uit zich met name in minder aan- en afkoppelmomenten. Dit levert ook nog eens een tijdbesparing op, mede door de hogere snelheid. “We kunnen meer karren per uur onder de veilingklok brengen dan voorheen.”
Logistiek manager Rutgers is tevreden hoewel hij toegeeft dat het even wennen was. “Zo rijdt bijvoorbeeld een agv sneller dan een rolluik omhoog gaat, met alle gevolgen vandien. “Als je de pilon pas weghaalt als het rolluik helemaal open is, voorkom je dit.” Kinderziektes met het afstellen van de baan waren er ook. “Een kwestie van finetuning.”

 

Verkooprecord Amerika

In Amerika noteerden de producerende bedrijven van agv’s een omzet van 108 miljoen dollar door de verkoop van 925 voertuigen en 130 systemen. In vergelijking met 2007, het jaar voor de start van de economische recessie, is dat een stijging van bijna 25 procent in omzet en systemen, en een stijging van 70 procent in voertuigen. In 2012 is de groei doorgezet. Exacte cijfers zijn nog niet bekend. De European Materials Handling Federation (FEM) heeft geen cijfers beschikbaar over de verkoop van agv’s in Europa.

Reageer op dit artikel