artikel

Hoe herkent u goederendiefstal?

Warehousing

Een medewerker die bijna nooit vrij neemt, blijkt helemaal geen trouwe medewerker te zijn maar juist een dief… Het gebeurt. Hoffmann Bedrijfsrecherche zet hier op een rij welke signalen kunnen duiden op mogelijk diefstal van goederen in het magazijn.

Hoe herkent u goederendiefstal?
Diefstal goederen magazijn hoffmann

Goederen kunnen binnen organisaties op verschillende manieren rechtstreeks gestolen worden. De eerste mogelijkheid is voor de hand liggend: eigen medewerkers stelen uit de voorraad of het kantoor. Maar ook bezoekende cliënten, chauffeurs, schoonmakers of bewakers zien we geregeld in de fout gaan. Ook is het mogelijk dat medewerkers goederen ‘vrijmaken’ door fraude in de administratie te plegen. Dit laatste kan een veel groter risico inhouden.

Enkele signalen die op diefstal van goederen kunnen wijzen, staan hieronder op een rij. Deze kunnen op zichzelf staand, maar vooral in combinatie, reden geven om nauwkeurige en discrete controles uit te voeren.

 

  • Terugkerende tekorten in magazijnen. Ook als de goederen na een zoekactie worden teruggevonden, kan dit er op wijzen dat er geprobeerd is om de producten koud te zetten.

 

  • Het regelmatig aantreffen van lege verpakkingen.

 

  • ‘Afhaalklanten’ of afnemers die zich buiten de reguliere werktijden aandienen; dan is er minder toezicht.

 

  • Bezoekende chauffeurs die altijd bereid zijn om te helpen met het uitladen, en het plaatsen van goederen.

 

  • Magazijnmedewerkers die goederenhandel in eigen beheer hebben. Hiermee kunnen zij ook verkennen welke collega’s bereid zijn om goederen te kopen die elders ‘van de vrachtwagen zijn gevallen’.

 

  • Een te hoog percentage uitval door beschadigingen.

 

  • Een te hoog percentage retourgoederen en/of verdwijning van dergelijke goederen.

 

  • Steeds terugkerende spoedopdrachten. Hierdoor is het mogelijk dat bepaalde controlemechanismen worden overgeslagen.

 

  • Gedoe rondom vuilafvoer en vuilcontainers. Dit kan erop wijzen dat goederen eerst bij het vuil worden  gedeponeerd, zodat ze daar later ongemerkt weer uitgehaald kunnen worden.

 

  • Bovengemiddeld vaak wegzetten of weghangen van goederen ten behoeve van klanten. Dan kunnen de producten buiten de normale controlemechanismen vallen.

 

  • Uitruil tussen filialen zonder afdoende doorbelasting of administratieve correcties.

 

  • Ontbrekende of niet-sluitende administratie met betrekking tot bijvoorbeeld relatiegeschenken of premiums (cadeautjes voor reclamestunts).

 

  • Het voorbereiden van diefstal van goederen door ze van de voorraadadministratie in de zogenoemde pickvoorraad (grijpvoorraad) op te nemen. Deze pickvoorraad kan zich bevinden op de productielocatie, maar bijvoorbeeld ook in servicewagens.

 

  • Opkopers die dezelfde medewerkers opzoeken. Dit kan erop duiden dat die medewerkers privileges aan de opkopers toekennen.

 

  • Opkopers (vanuit de familiekring van medewerkers) die verschijnen als er minder toezicht is, bijvoorbeeld net voor kantoor- en werktijd, of in de lunchpauzes.

 

  • Medewerkers die vaker dan gemiddeld afwijkingen in de kwaliteit van de eindproducten vaststellen. Het komt voor dat medewerkers schade aan producten toebrengen om opkopers ter wille te zijn.

 

  • Het systeem van administreren van aankopen bij de balie, waarna een bekende afnemer zelf laadt op het buitenterrein. Dit is vooral risicovol als uw medewerkers bij slecht weer binnen blijven.

 

  • Auto’s die vlakbij het magazijn geparkeerd zijn, vooral bij nooddeuren.

 

  • Gesaboteerde afsluitingen van nooddeuren, of het regelmatig openstaan van deze deuren bijvoorbeeld bij warm weer.

 

  • Te hoog opgestapelde pallets en dozen die alarmsensoren of camera’s blokkeren.

 

  • Inbraken met geen of onduidelijke braakschade, dan wel inbraken waarbij het alarm niet is ingeschakeld of niet functioneerde.

 

  • Inbraken die hoogstwaarschijnlijk op basis van voorkennis hebben plaatsgevonden, bijvoorbeeld tijdens waardevolle zendingen of met voorkennis over de locatie van het gestolen goed.

 

  • Eigen chauffeurs die door grote haast zelf helpen de wagen te laden of zelf orders picken.

 

  • Medewerkers of chefs die altijd als eerste komen en als laatste vertrekken, want dan is er minder toezicht.

 

  • Medewerkers die spaarzaam hun vakantiedagen opnemen. Als zij fraude of diefstal plegen, zou dit aan het licht kunnen komen als zij door vakantie hun taken over moeten dragen.

 

 

Bron: Hoffmann Recherchetips, editie april 2009, Hoffmann Bedrijfsrecherche BV, Almere

 

Reageer op dit artikel