artikel

Orderpicken: op de automatische piloot

Warehousing Premium

Vroeger moest een magazijnmedewerker zelf zien hoe hij zijn picklijst afwerkte. Nu kauwt het WMS de pickvolgorde tot in detail voor en verspreidt die via terminals, headsets of pick-to-light. Zelf denken hoeft eigenlijk niet meer. Is deze ontwikkeling zorgwekkend of juist niet?

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Transport&Opslag op 1 juni 2006.

In 1956 schreef filosoof Günther Anders al over de uitholling van arbeid. Arbeid wordt volgens hem in toenemende mate ontdaan van zijn doel en inhoud. Medewerkers weten eigenlijk niet meer wat ze doen. Ze voeren handelingen uit zonder zich de effecten van die handelingen te kunnen voorstellen, laat staan dat ze zich er verantwoordelijk voor voelen.

Vijftig jaar later is het beeld dat Anders schetst in het magazijn nog steeds actueel. Vroeger kreeg een magazijnmedewerker een orderbon in zijn handen gedrukt, en had hij maar te zorgen dat die order gereed kwam. Hoe hij dat deed, mocht hij zelf uitzoeken.

Tegenwoordig worden de orders door het centrale warehouse management systeem (WMS) in afzonderlijke taken opgeknipt. De taken worden stuk voor stuk via het draadloze netwerk aan de magazijnmedewerkers verstrekt. Als zij een bepaalde taak tot een goed einde hebben gebracht, verschijnt op hun barcodeterminal automatisch de volgende taak. De orderpickers voeren de taken uit zonder enig besef te hebben van de order waaraan zij werken of van de klant wiens order zij gereed maken. Goede kans zelfs dat er meerdere mensen aan één order werken.
 

Deze ontwikkeling is niet gestopt bij de invoering van barcodescanning. In magazijnen waar met voicepicking wordt gewerkt, hoeven de orderpickers de opdrachten van het WMS niet eens meer van het scherm af te lezen. Alles wordt hen letterlijk ingefluisterd. Pick- of put-to-lightsystemen gaan nog een stap verder. Pickopdrachten worden hier niet meer voorgeschreven of ingefluisterd, maar zichtbaar gemaakt met een lampje en een display met een cijfer. Denken is nauwelijks meer nodig. Orderpicken is bijna een Pavlov-reactie geworden.
 

Robotisering

In de wetenschappelijke literatuur zijn zeven criteria genoemd waaraan een baan moet voldoen met het oog op het welzijn van de medewerkers (zie kader). Helleke Hendriks van de Erasmus Universiteit en Arjen van Halem van STZ Advies en Onderzoek komen beide tot de conclusie dat moderne orderpickmethoden aan vijf van de zeven criteria niet voldoen, zeker pick-to-lightsystemen niet.

Belangrijkste tekortkoming bij pick-to-light is dat het om een handelingen gaat, die zich voortdurend herhalen met een frequentie die hoger ligt dan eens per anderhalve minuut. Afwisseling van eenvoudige en moeilijke taken is er niet bij. Ook de mogelijkheid om het eigen werk te controleren ontbreekt. Tijd voor een praatje is er alleen als er meerdere collega’s in dezelfde pickzone staan. Als er al iets goed geregeld is, is het de informatievoorziening. In sommige magazijnen weten de orderpickers precies hoeveel picks per uur ze moeten halen.
 

“Orderpickers hoeven nauwelijks zelf nog beslissingen te nemen”, zegt Hendriks, die driekwart jaar geleden is begonnen aan een promotie-onderzoek naar de samenhang tussen ergonomie en productiviteit in onder andere het magazijn. Ze vindt de ‘verrobotisering’ van de magazijnmedewerkers geen goede zaak. “Het leidt tot afstomping”, zegt ze.
 

Een magazijnmedewerker wordt tegenwoordig beschouwd als een foutenbron en kostenfactor. “Een manier om fouten te voorkomen is alle keuzemomenten en regeltaken weg te automatiseren”, zegt Van Halem, die als consultant bij STZ ondernemingsraden ondersteunt in discussies over de kwaliteit van arbeid. “Alleen de resttaken blijven dan over. Dat leidt tot een verarming van de arbeidsinhoud.”
 

Hogere uitstroom

De keerzijde van de medaille is de enorm hoge productiviteit van moderne orderpicksystemen. Magazijninrichters zoals Witron en SSI Schäfer pronken met systemen die minstens duizend picks per persoon per uur mogelijk maken. “De oude manier van ordervezamelen kunnen magazijnen zich niet meer veroorloven”, zegt Marcel Kars, de specialist van Zetes op het gebied van voicepicking. “Bedrijven verhogen hun afleverfrequentie. Er worden venstertijden afgesproken voor het laden en lossen van vrachtauto’s. De orders komen steeds later binnen. Dat alles vereist een strakkere aansturing van de logistiek.”
 

Jeff van Hek gelooft wel dat orderpickers afgestompt raken. “Door het nadenken van mensen weg te automatiseren, wordt de creativiteit van de medewerkers inderdaad teruggedrongen. Daar staat tegenover dat ook de kans op fouten afneemt. Het is zaak om daarin een evenwicht te vinden”, zegt de directeur van AIDC Consultants, dat is gespecialiseerd in automatische identificatie. Van Hek geeft echter nadrukkelijk aan dat het zijn werk is om de processen in het magazijn efficiënter te maken. “Ik ben er niet om de functie van orderpicker in stand te houden”, stelt de consultant.
 

Het afstompen van medewerkers is niet het enige nadeel. De grote hoeveelheid repetitieve, kortcyclische taken leiden tot een hogere kans op klachten aan het bewegingsapparaat, zoals bijvoorbeeld RSI. Op de lange duur kan dit leiden tot een hoger ziekteverzuim.

Op plekken met geestdodend werk zal ook het personeelsverloop groot zijn. Uit een recente analyse van Randstad blijkt dat het verloop onder vaste medewerkers in de laagste logistieke functies tussen de 20 en 25 procent per jaar ligt. Met andere woorden: warehouse managers moeten er rekening mee houden dat ze na vier of vijf jaar een complete nieuwe ploeg in het magazijn hebben lopen. Misschien is het niet eens wenselijk dat mensen langer dan vier jaar dat werk blijven doen. Aad van Pelt, productmanager van Randstad Logistiek: “Als mensen ongemotiveerd raken, zal de productiviteit vanzelf dalen.”
 

Uitstervend ras

Ook Hendriks erkent dat de methoden zoals voicepicking en pick-to-light ten minste op korte termijn een hoge productiviteit opleveren. Ze heeft ook niet de illusie dat ze de implementatie van dit soort systemen kan tegenhouden. Het bedrijfseconomisch voordeel zal in veel bedrijven zwaarder wegen dan het welzijn van de medewerkers. “Er zijn in de praktijk diverse voorbeelden, met name in productieomgevingen, waar de invoering van een mensvriendelijker systeem samengaat met een stijging van de productiviteit. In het geval van voicepicking en pick-to-light zal dat erg moeilijk zijn. Deze systemen leveren al zo’n hoge productiviteit en nauwkeurigheid, dat bijna geen verbetering mogelijk is”, stelt Hendriks. “Het is maar welke filosofie je als bedrijf aanhangt. Als je loyale werknemers met aandacht voor het werk en je klanten wilt, is pick-to-light geen goede oplossing. Maar als je toch al met uitzendkrachten werkt, hoeft zo’n systeem misschien geen probleem te zijn.”

Kars, Van Hek en Van Pelt stellen dat er ook groepen mensen zijn die het helemaal niet erg vinden om een hele dag achter een knipperend lampje aan te hollen. Dat zijn mensen die allang blij zijn dat ze om vijf uur naar huis kunnen en dat aan het eind van de maand het loon op hun bankrekening wordt gestort. Voldoening halen ze wel uit de contacten met collega’s in de pauzes en uit de activiteiten in hun vrije tijd.

Daarnaast worden tegenwoordig steeds vaker mensen zonder opleiding of soms zelfs zonder kennis van de Nederlandse taal ingezet. Vaak gaat het daarbij om uitzendkrachten. “Meestal is er geen tijd om die mensen langdurig op te leiden. Dan heb je systemen nodig met een kort inwerktraject waarvoor weinig kennis nodig is”, zegt Kars.

Van Hek signaleert dat juist voor het geestdodende werk veel uitzendkrachten worden ingezet. Misschien wel vanwege het grote verloop”, vraagt Van Hek zich af. Van Pelt spreekt dit echter tegen. Bedrijven laten het geestdodende werk niet bewust door uitzendkrachten uitvoeren. “Dat zou betekenen dat bedrijven ook een relatief dure oplossing kiezen, en dat kan niet de bedoeling zijn”, meent Van Pelt.

Edwin Zonder van Manpower is het met Van Pelt eens. “En als hiervoor wel bewust uitzendkrachten worden ingezet, mogen bedrijven nooit tevreden zijn met een verloop van 25 procent. Maak de kosten van verloop maar eens inzichtelijk”, zegt Zonder. “Veel prognoses wijzen op een steeds krapper wordende arbeidsmarkt. Als je zo’n verloop dan accepteert, krijg je absoluut te maken met structurele onderbezetting.”
 

Jobrotation

Er zijn verschillende manieren om het werk van orderpickers aantrekkelijker te maken. Eén manier is het bewust inbouwen van keuzemomenten. In het dc van Corporate Express bijvoorbeeld kunnen de orderpickers op een gegeven moment kiezen tussen barcodescanning of voicepicking. Een picklocatie kunnen ze bevestigen door een controlegetal op te noemen of de barcode te scannen. Van Halem kent een voorbeeld uit de haven, waar de chauffeurs van de grote straddlecarriers uit een rijtje van vijf zelf de opdracht kunnen kiezen die ze willen uitvoeren. “Misschien is zoiets ook in het magazijn mogelijk”, stelt hij.
 

Een andere oplossing is jobrotation. Het orderpicken zou je kunnen afwisselen met andere disciplines zoals goederenontvangst, replenishment, expeditie, etc. Dat zijn functies met een wat hogere moelijkheidsgraad en meer uitdaging. “Als je om de drie maanden van werk wisselt, duurt het een jaar voordat je weer eens aan de beurt bent”, zegt Van Hek.

Van Pelt pleit ervoor om werkzaamheden niet per kwartaal, maar nog gedurende één werkdag af te wisselen. Als het werk echt geestdodend is, is het immers al moeilijk genoeg om langer dan drie uur geconcentreerd te blijven. “Als je gedurende de dag de prestaties van de medewerkers meet, moet je kunnen zien na hoeveel uur de productiviteit daalt. Het meten van productiviteit op dit niveau staat echter nog in de kinderschoenen.” Hendriks voegt hieraan toe dat het rouleren van werkzaamheden sowieso goed is, alleen al uit fysiek oogpunt. Afwisseling van handelingen voorkomt lichamelijke klachten zoals RSI.
 

Beat the system

Als we alle argumenten op een rijtje zetten, is de conclusie dat het gebruik van moderne, maar misschien geestdodende orderpicksystemen geen probleem hoeft te zijn. Door werkzaamheden te rouleren en, indien mogelijk, keuzemogelijkheden in te bouwen, kan het werk al iets aantrekkelijker worden gemaakt. Bedrijven moeten echter niet verwachten dat hun medewerkers jarenlang in een pick-to-lightsysteem blijven werken.

Volgens Walther Ploos van Amstel, praten we over een paar jaar helemaal niet meer over afstomping van magazijnmedewerkers. De hoogleraar aan de KMA in Breda heeft visioenen over een virtual reality-achtige omgeving, waarin Lara Croft-achtige figuren het orderpicken voor hun rekening nemen. Met technologieën zoals RFID en intelligent agents ontstaat een decentraal aangestuurd, interactief magazijn, waarin orderpickers veel meer zelf invloed hebben op het werk. Orderpicken wordt een game. Voor nieuwe medewerkers, onderdeel van de gameboy-generatie, moet het geen probleem zijn om hierin wegwijs te worden.

Of het daadwerkelijk ooit zover komt, is de vraag. Jeff van Hek: “Ik kan me wel voorstellen dat het leuk zou zijn om een module ‘beat the system’ in te bouwen. Geef orderpickers twee keer per dag de mogelijkheid om tegen het systeem te spelen. Als het lukt om het systeem te verslaan, krijgen ze een presentje.” Arjen van Halem ziet wel wat in de mogelijkheid om systemen te overrulen. “Het lijkt vaak alsof die systemen alles onder controle hebben, maar dat is natuurlijk maar schijn. Er gebeuren soms zaken waar de systemen ook geen goed antwoord op hebben.”

LICHTGORDIJNEN

De ‘robotisering’ van de magazijnmedewerker is het duidelijkst zichtbaar bij het orderpicken. Bij pick- of put-to-lightsystemen hoeven de orderpickers niet eens meer de picklocatie te lezen. Een oplichtend lampje en een display dat het aantal stuks weergeeft is het enige waarop ze hoeven te letten.

Tot nu toe was het nog wel noodzakelijk om elke pick met een druk op een knop te bevestigen, maar ook dat is in de toekomst niet meer nodig.

Leverancier Logitrade heeft in Nederland twee oplossingen geïntroduceerd: de Tagwatch, een RFID-reader aan een horlogeband (zie Transport+Opslag nr. 3 van 2006, pag. 5), en de Logipointer, een virtueel gordijn van infraroodl icht dat voor de picklocaties hangt (zie Transport+Opslag nr. 4 van 2005, pag. 5).

Sensorspecialist Sick brengt nu een soortgelijk systeem als de Logipointer op de markt: Pick2Light. Dit is een langwerpige sensor die naast een picklocatie kan worden gehangen en eveneens voor een lichtgordijn zorgt. Het licht wordt weerkaatst door de reflector op de achterkant van de volgende sensor. Op deze manier detecteert het systeem in welke doos of krat de orderpicker zijn hand steekt. Met een optisch signaal wordt aangegeven of daadwerkelijk van de goede locatie is gepickt.

Zeven criteria

Wetenschappers hebben zeven criteria opgesteld waaraan een baan moet voldoen om interessant te zijn:

  1. Een baan moet ‘compleet’ zijn, of beter gezegd: uit uitvoerende én controlerende taken bestaan.
  2. De werknemer moet controle hebben over zijn werk en kunnen bijdragen aan het oplossen van problemen.
  3. Het aandeel repetitieve handelingen met een doorlooptijd van minder dan anderhalve minuut mag niet te groot zijn. Met andere woorden: werknemers mogen niet te veel taken doen (maximaal 50 procent) die binnen anderhalve minuut weer opnieuw beginnen.
  4. Er moet afgewisseld kunnen worden tussen eenvoudige en moeilijke taken.
  5. Werknemers moeten de vrijheid hebben om autonoom de werkmethode, werkvolgorde en werksnelheid te kiezen.
  6. De mogelijkheid moet bestaan om contact te hebben met andere mensen, zowel voor het vragen van hulp en het bediscussiëren van het werk als voor een sociaal praatje met collega’s.
  7. De werknemer moet de beschikking hebben over informatie, zowel voorafgaand aan het werk (de gewenste kwaliteit/ kwantiteit) als na afloop (de geleverde kwaliteit/kwantiteit).

Meer informatie: ‘Ergonomics for beginners’

Auteur: Jan Dul

Aantal pagina’s: 160

Publicatiedatum: mei 2001

 

Reageer op dit artikel