artikel

De mens als maat voor het magazijn

Warehousing Premium

Over de zin en onzin van arboregels kunnen logistiek managers urenlang blijven praten. Feit is dat de principes die aan de arboregels ten grondslag liggen, vaak automatisch leiden tot betere logistieke prestaties. Prof. Jan Dul houdt een vurig pleidooi voor het mensgericht ontwerpen van logistieke processen en systemen.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Transport&Opslag op 8 december 2004.

In juni baarde de toenmalige staatssecretaris Rutte van Sociale Zaken opzien met de opmerking dat hij 30 tot 50 procent van de arboregels wil schrappen. “De regelzucht van de overheid is op het gebied van arbeidsomstandigheden doorgeschoten”, citeerde onder meer NRC Handelsblad.
 

Het voornemen van Rutte zal menig logistiek managers instemmend knikje hebben ontlokt. Opmerkelijk is dat ook Jan Dul pleit voor het verminderen van de hoeveelheid arboregels. “Het is een prachtige kans voor ergonomen om te laten zien wat hun vakgebied eigenlijk doet”, zegt de hoogleraar ergonomics management aan de Erasmus   
Universiteit Rotterdam.
 

Dul kent de klachten uit het bedrijfsleven over de regelwoede van de overheid. “Er zijn inderdaad veel regels, die je op operationeel niveau precies voorschrijven hoe je iets moet doen. De wetgeving zelf is vrij algemeen, maar er wordt veel verwezen naar allerlei NEN-normen. Die krijgen daardoor een quasi-wettelijke status, terwijl bedrijven meestal ook op andere wijze aan de eisen uit de wet kunnen voldoen”, weet de hoogleraar.

Volgens de regel van de wet zijn bedrijven vrij om een andere oplossing te kiezen dan de NEN-normen voorschrijven. De bewijslast komt dan echter bij het bedrijf te liggen. En het is niet makkelijk om de arbeidsinspectie ervan te overtuigen dat de arbeidsomstandigheden goed zijn als de bekende NEN-normen niet worden toegepast.
 

Geen verkeerslichten

Net als staatssecretaris Rutte is ook Dul voorstander van een stimulerende in plaats van een wetgevende overheid; zelfregulering in plaats van ‘command-control’. Als mensen samen afspraken maken, zijn ze eerder bereid die na te komen dan wanneer ze van bovenaf zijn opgelegd. Dul maakt een vergelijking met het verkeer. Vervanging van kruispunten met verkeerslichten door rotondes vermindert het aantal en de ernst van verkeersongelukken. “Als er op het gebied van arbeidsomstandigheden meer ruimte voor dialoog wordt geboden, blijkt dat er vaak best hogere arbodoelen kunnen worden gerealiseerd”, stelt Dul. De hoogleraar is ervan overtuigd dat het streven naar hogere arbodoelen – zelf praat hij liever over het verbeteren van de tevredenheid van de werknemers – hand in hand gaat met het voldoen aan de bedrijfsdoelstellingen. “Als dat zo is, heb je geen regels nodig, dan is het verbeteren van de werknemerstevredenheid een kwestie van goed ondernemerschap.”
De overheid hoeft dan niets anders te doen dan waar nodig de ontwikkelingen stimuleren. Het Ministerie van Sociale Zaken doet dat al door het ontwerpen van arbovriendelijke productiemiddelen te subsidiëren.
 

Moeilijk kwantificeerbaar

Aan Dul’s idee over zelfregulering ligt de stelling ten grondslag dat het verbeteren van de ergonomie en het verbeteren van de bedrijfsprestaties hand in hand gaan. Peter Leerintveld van Logistore en Bas Dumoulin van Vanderlande Industries kunnen zich wel vinden in deze stelling. “Probleem is dat ergonomische voordelen vaak moeilijk kwantificeerbaar zijn”, zegt Dumoulin, systems engineer bij Vanderlande. “Er is een spanningsveld tussen het investeringsniveau en mensvriendelijk ontwerpen”, vult Leerintveld, oprichter van het adviesbureau Logistore, aan.
 

Dumoulin kent het voorbeeld van een Duits bedrijf, dat zijn koelhuis zodanig heeft geautomatiseerd dat zijn orderpickers niet in de kou hoeven te staan. Dit bedrijf heeft de meest ergonomische oplossing verkozen boven de meest economische oplossing. “De meesten geven echter de voorkeur aan een economische oplossing en zouden in dit geval hun medewerkers letterlijk in de kou laten staan”, vertelt Dumoulin. Meer ergonomische omstandigheden kunnen wel degelijk renderen, maar dat is moeilijk in geld uit te drukken.

Dul beseft dat ergonomie in veel bedrijven nog een ondergeschoven kind is. Het belangrijkste doel van zijn leerstoel is om de kloof tussen ergonomie en management te dichten. “In management zou meer aandacht moeten komen voor ergonomische vraagstukken en in ergonomie meer voor managementvraagstukken”, vertelde hij al tijdens zijn inaugurele rede anderhalf jaar geleden. Veel hangt af van de cultuur van het bedrijf. Dul maakt onderscheid tussen ‘shareholder’- en ‘stakeholder’-bedrijven. Shareholder-bedrijven kijken alleen naar de doelstelling op korte termijn en wegen elke investering daartegen af. Stakeholder-bedrijven nemen ook de doelstellingen op lange termijn serieus. Daar horen ook sociale doelstellingen als werknemerstevredenheid bij.

Leerintveld haalt in dat verband een project aan waarbij is gekeken naar de doelstellingen op lange termijn. In dat magazijn is de gangpadbreedte uit ergonomisch oogpunt verbreed van 90 naar 120 centimeter. De wervelkolom van de orderpickers wordt op deze manier minder belast omdat ze niet meer vanuit de draai kunnen picken. “Dat betekent wel dat er negen meter meer magazijnruimte nodig was”, herinnert Leerintveld zich.
 

Keurmerk

Zowel Logistore als Vanderlande besteedt in zijn projecten aandacht aan de factor mens. Leerintveld spreekt van de vier M’s: mensen, materiaal, methode en middelen. “Op onderdelen is alles wel geregeld: er zijn voldoende persoonlijke beschermingsmiddelen, de machines voldoen aan de CE-normen en de stellingen hebben een BMWT- of GSF-keur. Waar het vaak aan schort, is een integrale benadering van deze processen”, stelt Leerintveld. Ook nu weer wordt de vergelijking met het verkeer gemaakt. Alle kruispunten zijn ontworpen volgens de regels van de overheid, alle auto’s zijn APK-gekeurd en iedereen heeft het rijbewijs. Toch gebeuren er nog steeds ongelukken.

Samen met enkele leden van de Vereniging van Logistiek Adviseurs (Vela) werkt Logistore op dit moment aan nieuwe keur: een methode voor een integrale benadering van de vier M’s. Die bestaat uit een intake-gesprek, een inspectie on site, een inventarisatie van de veiligheidsrisico’s, een verbeterplan en een jaarlijkse toetsing. Als een herontwerp van de logistieke processen nodig is, lopen de adviseurs vaak een dagje mee met de medewerkers. “Door te kijken wat er leeft op de magazijnvloer en met de mensen te praten, hoor je vaak briljante ideeën”, aldus Leerintveld.

Vanderlande heeft in Veghel een uitgebreid testcentrum waarin nieuwe systemen worden getest. Met behulp van video-observatie kunnen verschillende opstellingen van bijvoorbeeld een pick-to-light systeem worden getest. Elk onderdeel van het proces – het kijken, het lopen, het tillen – wordt op deze manier geanalyseerd. “Zo onderzoeken we momenteel wat de exacte functie van het display bij een pick-to-light systeem is”, vertelt Dumoulin. “Als we het aantal te picken items niet meer op elke locatie, maar op een centrale display vermelden, kan dat het systeem een stuk goedkoper maken, waarbij de snelheid gelijk blijft.”
 

Ook wordt in het testcentrum gekeken naar ergonomische aspecten zoals reikwijdte en tilhoogte. “De efficiëntie staat voorop, maar het systeem moet natuurlijk wel voldoen aan de minimale ergonomische eisen. Als verdere verbeteringen van de ergonomie gepaard gaan met extra kosten, ligt de beslissing bij de klant. We hebben in Denemarken onlangs een goods-to-man-systeem afgeleverd, waarvan de werkbladen in hoogte verstelbaar zijn. Dat is erg prettig voor de medewerkers, maar het kost wel extra geld. Het is eerder uitzondering dan regel dat een bedrijf dan kiest voor de ergonomie.”
 

Autoriteit loslaten

Het mensgericht ontwerpen begint bij de logistiek manager, stelt Dul. “Die moet willen dat er een mensgericht systeem ontstaat. Probleem is dat hij dat doorgaans niet wil. In de logistieke sector worden medewerkers vooral als een stel handjes beschouwd, die inwisselbaar zijn als ze het niet meer doen. Het is beter om deze mensen als kennisbron te zien. Ze kennen hun eigen processen vaak het best.” Hij beseft dat deze omslag veel van de logistiek managers vraagt. Ze moeten hun autoriteit loslaten en hun medewerkers de ruimte geven. “De opleiding van logistiek managers is in dat opzicht heel belangrijk. Dit krijgt te weinig aandacht.”

Mensgericht ontwerpen begint met het creëren van draagvlak in het hele bedrijf. Een urgente aanleiding zoals een hoog ziekteverzuim of een slechte sfeer op de magazijnvloer kan daarbij helpen. Vervolgens is het zaak om een stuurgroep te vormen met (een afvaardiging van) de medewerkers. Medewerkers willen daarin best tijd steken als ze in de gaten hebben dat er daadwerkelijk iets met hun opmerkingen wordt gedaan. Serieus nemen dus. “Het moet geen goedkoop trucje zijn om de werkvloer mee te krijgen. Medewerkers erbij betrekken maakt straks de implementatie van de systemen of processen een stuk makkelijker”, zegt Dul.

Timing is belangrijk. Het heeft geen zin om de medewerkers om hun mening te vragen als er nog niets concreet is. Als er echter al fundamentele beslissingen zijn genomen, is het te laat. En de beslissingsstructuur moet van tevoren glashelder zijn. Dul: “Zo’n stuurgroep is geen democratie. De logistiek manager moet uiteindelijk de beslissing nemen.”
 

Ergonomen in huis

Tot slot: moeten bedrijven ergonomen inhuren of in dienst nemen? Leerintveld zegt dat zijn adviesbureau genoeg ergonomische kennis in huis heeft. Vanderlande heeft echte ergonomen in dienst gehad, maar nu niet meer. Hun kennis is vastgelegd in een groot aantal ontwerpregels.

Dul denkt dat ergonomische kennis op een zeker moment wel noodzakelijk is. Als het bedrijf die kennis niet bezit, is het wellicht raadzaam om een ergonoom in huis te halen. “Er zijn 360 gecertificeerde ergonomen in Europa en een heleboel goede niet-gecertificeerde ergonomen.”

Het moet echter niet een project van de ergonoom worden, waarschuwt Dul. “Het is belangrijk dat het project door de organisatie zelf wordt gedragen.”

 

Kader bij artikel:

VOORBEELD : DRIE VERHUURBEDRIJVEN

Het verbeteren van de werknemerstevredenheid en de logistieke prestaties gaan hand in hand. Dat is de stelling van prof. Jan Dul van de Erasmus Universiteit, die wordt bevestigd door onderzoek van drie studenten. Koos Janssen, Hubert van de Vecht en Yoke Wai Wong hebben drie verhuurbedrijven van audiovisuele apparatuur bestudeerd. In de magazijnen van deze drie bedrijven zijn verschillende ergonomische aanpassingen doorgevoerd, waardoor tevens de logistieke efficiëntie werd vergroot.

Enkele voorbeelden:

  • snellopers zijn op lagere locaties gelegd, zodat medewerkers minder hoog hoeven te grijpen;
  • snellopers zijn vooraan neergelegd, zodat loopafstanden worden beperkt;
  • het laden en lossen is van buiten naar binnen verplaatst, zodat loopafstanden kleiner worden;
  • de apparatuurkisten hebben een vakindeling gekregen, waardoor sneller is te zien wat wel en wat niet op voorraad ligt;
  • dankzij een nieuw voorraadsysteem en betere locatieaanduiding hoeven medewerkers niet langer naar goederen te zoeken;
  • elke medewerker heeft het beheer over een eigen gangpad toegewezen gekregen, met als gevolg een stijgende motivatie;
  • de werkzaamheden worden regelmatig onderling gewisseld, waardoor het werk uitdagend is gebleven.

 

ERGONOMIE EN ARBO

Ergonomie en arbo hebben raakvlakken met elkaar, maar zijn geen synoniemen. De Arbowet is louter bedoeld om medewerkers te beschermen. Ergonomie gaat ook over de vraag hoe processen en systemen zodanig kunnen worden ontworpen dat de productiviteit van de medewerkers omhoog gaat.

Prof. Jan Dul hanteert een driedeling als hij praat over ergonomie: fysieke ergonomie, cognitieve ergonomie en organisatorische ergonomie. Op alle drie onderdelen komt hij problemen tegen in de logistiek. Bij fysieke ergonomie gaat het onder meer om orderpicken, dat meestal nog een kwestie is van veel tillen en veel lopen ((foto 1). Fysiek zwaar werk dus, met een hoog ziekteverzuim als gevolg. Op het cognitieve vlak (foto 2) laat de informatieoverdracht nogal eens te wensen over. Barcodes die slecht leesbaar zijn, labels met te veel informatie, informatie op de verkeerde plekken: stuk voor stuk potentiële foutenbronnen. Wat organisatie betreft, is taakroulatie belangrijk. Magazijnmedewerkers moeten vaak eentonig werk doen (foto 3), wat niet bevorderlijk is voor de motivatie en de concentratie. Gevolg: fouten en productiviteitsverlies.

Meer over ARBO
Reed Business, uitgever van Transport+Opslag, heeft in 2003 samen met branchevereniging BGZ Wegvervoer een boek uitgebracht over de belangrijkste arbo-aspecten voor de logistieke sector.

Arbo in transport, op- en overslag

Aantal pagina’s: 254

 

Reageer op dit artikel