artikel

Nut van activity based costing groeit

Warehousing

De complexiteit in de logistiek stijgt. Het assortiment van fabrikanten neemt toe, de producten worden klantspecifieker en het klantorderontkoppelpunt in de logistieke keten verschuift. Op hetzelfde moment worden steeds meer logistieke activiteiten uitbesteed aan dienstverleners die soms tegelijkertijd vanuit één locatie meerdere klanten over een grotere regio moeten bedienen. Wie weet dan nog welke klant of welk product wat kost? Activity based costing wordt een steeds populairder instrument om logistieke kosten te specificeren.

Nut van activity based costing groeit

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in LogistiekKrant op 14 april 2000.

Activity based costing (ABC) is eigenlijk al vrij oud. Midden jaren tachtig is de theorie door Amerikaanse wetenschappers opgesteld met het doel om inzicht in de kosten per product of klant te genereren. Ondernemingen als Dow, Heineken en Nedlloyd Districenters (nu Danzas) gebruiken de theorie al ruim tien jaar, terwijl Philips al bijna even lang iets soortgelijks doet, maar onder een andere naam. Ze gebruiken ABC om te inventariseren op welke dure activiteiten bezuinigd moet worden, om de winstgevendheid van klanten te meten of als benchmarking-instrument om de prestaties van werkmaatschappijen met elkaar te vergelijken.

Anno 2000 neemt het gebruik van ABC nog steeds toe. “Al beweren sommige bedrijven dat ABC alweer uit de mode is”, stelt Dick van Damme, die aan de TU Eindhoven bezig is met een promotie-onderzoek. “Dat zijn vaak de grote multinationals. Die praten tegenwoordig over business scorecards, waar ABC als theorie is ingepast.” Feit is dat de afgelopen jaren bijeenkomsten over ABC van de TLN en de EVO wegens succes zijn herhaald. “Zeker in de logistiek is ABC nog heel erg populair”, bevestigt Van Damme.

Complexiteit ABC

Niet elk bedrijf heeft ABC nodig. In het extreme geval van een transportbedrijf met één vrachtwagen die elke week voor dezelfde klant dezelfde producten via dezelfde route bezorgt, biedt de theorie geen toegevoegde waarde. Deze transporteur zal geen problemen hebben met toerekenen van de kosten aan zijn klant. Van Damme licht toe: “Hoe complexer de bedrijfsprocessen, dus hoe meer klanten of orders, hoe geschikter ABC.”

En laat nou net die complexiteit, en daarmee de ondoorzichtigheid in de kostenstructuur, alsmaar groter worden. Fabrikanten breiden hun assortiment voortdurend uit en gaan steeds meer op klant-order produceren. Daarnaast besteden die fabrikanten hun distributie steeds meer uit aan logistiek dienstverleners, die deze complexe goederen-stromen moeten combineren met die van andere fabrikanten. Omdat het klantorderontkoppelpunt steeds vaker bij die logistiek dienstverleners wordt gelegd, nemen ook de activiteiten in het dc sterk toe. Tot slot worden steeds meer van die activiteiten geautomatiseerd, waardoor het aandeel van indirecte en algemene kosten toeneemt. Het belang van een goede kostentoerekeningsmethode wordt nog versterkt door het gegeven dat fabrikanten en dienstverleners steeds flexibeler en sneller moeten kunnen reageren en dus snel over adequate informatie moeten beschikken.

Hoogbouwmagazijn

De doelstelling van bedrijven die ABC toepassen, kan verschillend zijn. Enkele bedrijven gebruiken het concept alleen om te inventariseren welke klant of welk product wat kost. Andere gebruiken het concept om te analyseren op welke dure activiteiten besparing mogelijk is of ter ondersteuning van strategische beslissingen. Een voorbeeld uit de eerste categorie is het diepvries-dc van Salvesen in Tilburg, waarin naast de Iglo-Mora Groep van Unilever ook de retailers AH en De Boer Uni-gro zitten. “Het is een geautomatiseerd hoogbouwmagazijn, waarvoor hoge investeringen zijn gedaan. Naast de afschrijving hebben we operationele kosten. Een goede manier om die te verdelen is ABC”, verklaart Jeroen Quaegebeur van Iglo-Mora.

In sommige delen van het dc staan pallets van Iglo-Mora naast die van AH en De Boer Unigro. In- en uitslag daarvan gebeurt dus met hetzelfde automatische systeem. Eerst wordt exact gemeten hoeveel handelingen de verschillende partijen met dat systeem verrichten. Op basis daarvan worden vervolgens de kosten verdeeld. Omdat het dc is ingericht volgens een uniek concept, is het bovendien lastig te voorspellen hoe exact de operationele kosten zullen zijn en bij welke partijen deze zullen vallen. ABC helpt daarbij. “Contractueel hebben de partijen afspraken gemaakt over het deel van de capaciteit dat ze denken nodig te hebben. Als via het ABC-concept blijkt dat ze daar boven of onder komen, zal er een herverdeling van de kosten moeten plaatsvinden”, legt Quaegebeur uit.

Softwareprogramma

Grote levensmiddelenfabrikanten als Procter & Gamble, Sara Lee/DE en Unilever en retailers als Carrefour, Tesco en Sainsbury gebruiken ABC om besparingen te realiseren in hun logistieke keten. Speciaal daarvoor is een softwareprogramma ontwikkeld, het ECR Profit Model, dat in Nederland door Berenschot gedistribueerd wordt. “ABC levert inzicht op, op de vraag welke kosten in of tussen welke schakels zitten”, vertelt Karlo Heijnen van Berenschot. “Andere concepten kijken maar naar één bedrijf. Maar als je in je eigen schakel besparingen realiseert, kan dat zijn weerslag hebben op de vorige of volgende schakel. ABC maakt de kosten in de keten transparant.” Het ECR Profit Model kan bijvoorbeeld gebruikt worden om alternatieve distributieconcepten door te rekenen. Fabrikanten en retailers kunnen zien wat toepassing van zoiets als crossdocking aan besparingen oplevert en de winst onderling verdelen.

Ook bij C.H. Briggs, een Amerikaanse groothandel voor de keuken- en badkamerindustrie, heeft ABC tot kostenbesparing geleid. Er was een klant die zeven orders per dag plaatste en vier leveringen per week op drie verschillende locaties ontving. Chief Operating Officer Charles White: “Met de uitkomst van het ABC-model hebben we die klant gevraagd waarom hij zeven orders per dag plaatste. Dat mocht hij blijven doen, maar dan moest hij wel de extra kosten betalen. Nu plaatst hij nog maar één order per dag en krijgt hij twee leveringen per week op één locatie.”

Behalve om de efficiëntie te verhogen heeft C.H. Briggs ABC ook gebruikt ter ondersteuning van het besluit om op e-business over te stappen. Met het model was de groothandel in staat om de voordelen van internethandel in geld uit te drukken. “Daarmee hebben we klanten en werknemers overtuigd”, aldus White.

Mate van detaillering

Activity based costing levert dus inzicht in de werkelijk gemaakte kosten, maar heeft ook nadelen. Toepassing ervan kost tijd, energie en dus geld. Van Damme waarschuwt verder voor complexiteit. ABC kan zeer gedetailleerd worden toegepast. Maar met een te grote mate van detaillering wordt de toepassing lastiger. Daarnaast bestaat er het gevaar van misvatting. Quaegebeur van Iglo-Mora: “Sommige indirecte kosten zijn lastig toe te wijzen. Het risico bestaat dat de partijen de verdeling van de kosten voor waarheid aannemen. Maar dat is niet altijd zo.”

Van Damme waarschuwt dat sommige bedrijven nog niet toe zijn aan ABC. Wie het concept wil toepassen, moet wel beschikken over betrouwbare informatie op financieel en logistiek gebied. “Garbage in, garbage out”, meent de promovendus.

Lees ook: Activity based costing: wat is dat?

Reageer op dit artikel