artikel

Six Sigma steeds populairder in ziekenhuizen

Supply chain Premium

Six Sigma steeds populairder in ziekenhuizen

Kwaliteit is letterlijk van levensbelang in een ziekenhuis. Met de toenemende marktwerking komt daar nog een financieel belang bij. Geen wonder dat het kwaliteitsmanagementprogramma Six Sigma, soms aangevuld met Lean, de meest populaire verbetermethode is. Daar komt bij dat de sterk mathematische aanpak aansluit bij de belevingswereld van de artsen. Zij nemen deel aan de verbeterprojecten als probleemeigenaar.

Afgelopen dinsdag, 24 juni, vond een symposium plaats over Lean Six Sigma in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG); het evenement werd mede georganiseerd door IBIS UvA.

           

Eén van de sprekers was Sören Bisgaard (foto), hoogleraar industriële statistiek aan de universiteiten van Massachusetts én Amsterdam (UvA). “Bij computers krijg je tegenwoordig meer power voor minder geld, dus waarom kan dat niet in de gezondheidszorg”, chargeert hij.

              
Volgens Bisgaard heeft de effectiviteit van de gezondheidszorg technisch enorme vooruitgang geboekt, maar is de delivery daar sterk bij achtergebleven. Toepassing van managementmethoden uit manufacturing is volgens hem een probaat middel om daar wat aan te doen. “Nieuwe behandelmethoden kosten in de regel méér. Je kunt de kwaliteit echter ook verhogen door het aantal fouten en verspillingen te reduceren. In dat geval gaat een betere kwaliteit hand in hand met lagere kosten.”

Verborgen ziekenhuis
Dr. Jaap van den Heuvel, voorzitter van de raad van bestuur van de Reinier de Graaf Gasthuis Groep (RdGGG), spreekt in dit verband over een verborgen ziekenhuis. “Dat is het gedeelte waar veel tijd verloren gaat door complicaties, fouten en logistieke problemen. Die zaken kun je met Lean Six Sigma aanpakken. Dit verklaart ook het enthousiasme van de medewerkers daarvoor.”

Van den Heuvel is – deels indirect – verantwoordelijk voor de introductie van Six Sigma in maar liefst vijf Nederlandse ziekenhuizen. In de periode van 1999 tot 2005 bewees hij tijdens zijn promotieonderzoek dat Six Sigma effectief is. Als testcase fungeerde het Rode Kruis Ziekenhuis (RKZ) te Beverwijk. Daarna verplaatste zijn werkterrein zich naar het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis in Nijmegen, en nu is hij dus actief in de RdGGG.  

De promotor van Van den Heuvel destijds, professor Ronald Does, is tevens directeur van het adviesbureau IBIS UvA. Does zorgde voor een verdere uitrol van (Lean) Six Sigma. Dit leidde tot implementaties in het Lange Land Ziekenhuis in Zoetermeer, het Virga Jesse Ziekenhuis in Hasselt (België), en in het UMCG.
Steevast leidt de toepassing van (Lean) Six Sigma in de beginjaren tot miljoenenbesparingen. Toch is het niet alleen maar een succesverhaal, er zijn ook kwetsbaarheden. Ten eerste moeten de projectleiders, de zogenaamde black belts, fulltime vrijgemaakt worden. Verder is het karakter van de methode nogal topdown, zeker in de beginfase.

In het eerste ziekenhuis, het RKZ, blijkt het Six Sigma programma al weer gestopt. “Dat komt niet door een gebrek aan betrokkenheid van de werkvloer”, benadrukt Van den Heuvel. “Integendeel, er werden nog heel veel verbeterprojecten aangedragen. Het probleem is echter dat de huidige raad van bestuur onbekend is met Lean Six Sigma. Als zij het programma niet willen continueren, houdt alles op natuurlijk.”

60 verbeterprojecten
In het UMCG is er geen vuiltje aan de lucht, het Lean Six Sigma programma draait daar nu een jaar op volle toeren. In die tijd zijn er maar liefst 60 verbeterprojecten gestart, waarvan 24 op het gebied van zorg, 20 op het gebied van middelen, 4 op het terrein van opleidingen en 11 projecten die te maken hebben met de interne organisatie. Afgesproken is dat green belt- en black beltprojecten besparingen moeten opleveren van respectievelijk tenminste 50.000 en 100.000 euro. Zo niet, dan worden de projecten gestaakt. Dit is tot nu toe in slechts enkele gevallen gebeurd. Van de zestig projecten zijn er nu 12 grote en 16 kleinere (green belt) projecten afgerond. De besparing is daardoor op papier nu al zeker twee miljoen, hoewel harde cijfers nog ontbreken.

Black belt Antoinette van Etten wist maar liefst 500 ligdagen op de thoraxafdeling vrij te maken. Op basis van Value Stream Mapping verwijderde zij tijdsverspillende stappen bij dotterprocedures en hartkatheterisaties.

Een ander voorbeeld is het project van green belt Gerard Niemeijer. Op traumatologie is de huidige bedbezetting bijna 100 procent. Dit moet terug naar 85 procent, om te kunnen garanderen dat er altijd ruimte vrij is voor spoedopnames. Niemeijer heeft inmiddels vastgesteld dat 30 procent van de bedbezetting niet noodzakelijk is. Nu is het zaak iets te doen aan de oorzaken daarvan, zoals wachten op een operatieve ingreep of een opname in bijvoorbeeld een revalidatie-instelling.

 

Black belt Gerard Niemeijer ontdekte dat 30 procent van de bedbezetting op traumatologie in het UMCG in feite onnodig is. 

Een derde voorbeeldproject is dat van Jeanet Wijma en Ciska Davelaar, respectievelijk black en green belt. Zij hebben op de kraamafdeling geïnventariseerd hoeveel tijd er wordt besteed aan directe patiëntenzorg. Dit bleek ongeveer 50 procent, de rest van de tijd ging op aan administratie en overleg. Op dit moment wordt er gewerkt aan het reduceren van de administratieve werklast en aan het structureren van de overlegmomenten.

Jeanet Wijma (links) en Ciska Davelaar, respectievelijk black- en green belt, brachten gedetailleerd de activiteiten op de kraamafdeling in kaart. Als de administratieve taken worden verlicht, kan er veel meer tijd worden besteed aan de patiënt.

      

Reageer op dit artikel