artikel

Een jaar na dato: GFL anno 2006

Supply chain Premium

Een jaar geleden, op 1 januari 2005, werd de General Food Law ingevoerd. Deze Europese wet geeft aan welke de minimumeisen zijn waaraan bedrijven moeten voldoen als het gaat om de tracking en tracing van producten. Voedselveiligheid is waar het de Europese Unie om te doen is. In 2004 werd behoorlijk wat tamtam gemaakt naar de invoering van de wet toe, maar was al die tamtam wel op zijn plaats? Hoe is het nu met de GFL?

Je ziet het als producent van potten jam liever niet gebeuren dat klanten hun mond openhalen aan kleine stukjes glas. Voorkomen dat er glas in je product terecht komt zou beter zijn, maar dat is niet altijd mogelijk. De General Food Law is er om in het eerste geval duidelijk voor ogen te hebben wat er moet gebeuren indien fouten worden gemaakt tussen het productieproces en het winkelschap. Maar de wet omvat meer, partijen in de voedselketen moeten ook duidelijk voor ogen hebben waar de ingrediënten die in producten zitten vandaan komen, wie ze heeft aangeleverd en daar actuele contactgegevens van hebben zodat op het moment dat er iets misgaat binnen een relatief korte tijd kan worden nagegaan waar de fout is gemaakt en hoe de schade enigszins kan worden beperkt.

 

Verantwoordelijk

Ieder bedrijf dat levensmiddelen of diervoeders produceert dan wel verwerkt, is zelf verantwoordelijk voor de veiligheid van zijn producten. Dat zegt de Voedsel en Warenautoriteit. En de VWA kan het weten. Bedrijven die een fout constateren zijn verplicht deze fout aan de VWA te melden. Hans Beuger, inspecteur levensmiddelen bij de VWA: “Een kleine nuance is wel op zijn plaats. Bedrijven zijn in eerste instantie vooral verplicht snel te handelen en ons in te lichten wanneer het gaat om onveilige producten die daadwerkelijk schadelijk zijn op korte dan wel lange termijn. Dus bijvoorbeeld wanneer glas of bestrijdingsmiddelen worden aangetroffen in potten jam. Er is daarnaast een tweede categorie meldingen: de onveilige, maar ook ongeschikte producten. In dat geval heb je het over beschimmelde sinaasappelsap of een dode vlieg in doperwten. Iedereen begrijpt dat dit niet de bedoeling is, maar in zo’n geval is de urgentie minder hoog om de oorzaak te traceren dan bij schadelijke productiefouten.”

 

Beloning

Eind vorig jaar won de Van Drie Groep de Nederlandse Logistiek Prijs met zijn voedselveiligheidsprogramma en traceringsysteem Safety Guard. Waarschijnlijk heeft de invoering van de General Food Law meegespeeld in de nominatie van het familiebedrijf dat groot is geworden met productie, verwerking en verkoop van kalfvlees. Er is immers in zijn algemeen in de voedselproducerende en verwerkende keten alsook de logistieke keten meer aandacht voor voedselveiligheid ontstaan. Met het winnen van de prijs kan wel worden geconstateerd dat de investeringen van het familiebedrijf in voedselveiligheid zijn beloond. De ruggengraat van het Safety Guard programma is tracking en tracing met als basis het unieke identificatienummer dat elk kalf na de geboorte krijgt. Aan dit nummer worden alle gegevens gekoppeld die gedurende de verschillende stadia van het productieproces worden verzameld. Zo is het dier en later ook het vlees altijd traceerbaar. En dat is exact wat de bedenkers van de GFL voor ogen hadden. De informatie die de Van Drie Groep uit Safety Guard haalt worden ook gebruikt als basis van het logistieke systeem.

 

Recalls

Sinds bedrijven als gevolg van de GFL verplicht zijn om schadelijke fouten te melden lijkt het ook alsof er meer recalls hebben plaatsgevonden. Volgens de VWA inspecteur zijn het er in werkelijkheid niet veel meer of minder. Recentelijk waren in de krant recall advertenties te lezen van Unilever en zuivelfabrikant Bauer. De terughaalactie van Bauer had naast Duitsland betrekking op Nederland en nog vier andere EU-lidstaten. In eerste instantie werd in Nederland weinig ruchtbaarheid gegeven aan de recall, omdat het niet meer betrof dan het terughalen van twintig dozen bij een distributiecentrum van Laurus. De dozen hadden de winkel nog niet bereikt. Later kwam het wel in het nieuws omdat de zuivelfabrikant concludeerde dat er een reële kans was dat het glas ook in andere partijen producten van het concern terecht was gekomen. Bauer handelde zoals het hoort en meldde het geval bij de Duitse VWA, die op zijn beurt aan de bel trok bij de Europese organisatie, DG Sanco. Dit Directoraat-Generaal voor Gezondheids- en Consumentenbescherming binnen de Europese Commissie heeft als belangrijkste werkgebieden voedselveiligheid, volksgezondheid en bescherming van de consument.

In het geval van Unilever was de recall een gevolg van het vinden van stukjes glas in enkele verpakkingen van Iglo Milanese Groentenschotel. Unilever haalde een deel van de voorraad terug uit de winkels. Vraagtekens werden er wel gesteld bij de vondst van het scherpe materiaal, omdat volgens het Nederlands-Britse concern bij het productieproces van de groentemaaltijden in de Unilever-fabriek in het Duitse Reken geen glas wordt gebruikt. Unilever opperde de suggestie van sabotage. De recall van de maaltijden was een gevolg van consumentenklachten.

 

Niet ingewikkeld

De General Food Law is niet de meest ingewikkelde wet die ooit door Brussel is opgesteld. Ketenbedrijven dienen vanaf 1 januari 2005 met name een aantal zaken op orde te hebben, zodat snel kan worden gehandeld. In tegenstelling tot vaak wordt gedacht is het niet nodig om gegevens digitaal beschikbaar te hebben of digitaal aan te leveren op momenten dat er iets mis gaat. Pim van Loosbroek van AIDC Advies & Management en voorheen werkzaam bij Auto-ID leverancier Zetes: “Het is voldoende om papiermatig voorbereid te zijn. De meeste bedrijven waren dat in mijn herinnering wel. Is natuurlijk wel de vraag of je echt zo snel kunt reageren als de Nederlandse overheid verlangt. Wanneer je je gegevens hebt geautomatiseerd gaat het hoe dan ook sneller.” Van Loosbroek heeft de indruk dat automatiseren van gegevens die snel oproepbaar moeten zijn nut heeft, maar is daarnaast ook van mening dat een bedrijf wel een goede afweging moet maken of automatiseren te verantwoorden is. Van Loosbroek: “Om welke producten gaat het? Is het babyvoeding of is het een product dat minder schade aan kan richten. En uiteraard is het niet voor iedereen weggelegd om te investeren in moderne tracking en tracing apparatuur. Ik kan me ook voorstellen dat bedrijven die actief zijn in de retailbranche, waar de marges vrij dun zijn geworden, wel tweemaal nadenken voor ze investeren in tracking en tracing apparatuur. Je moet immers prioriteiten stellen.”

 

Vier uur

Rond de invoering van de General Food Law ruim een jaar geleden deden nogal wat onduidelijkheden de ronde. Die onduidelijkheden waren deels een gevolg van het pas erg laat informeren van eisen. De belangrijkste onduidelijkheid was ongetwijfeld die rond de bekende vier-uurs maatregel. Naast de standaardeisen van de EU had de Nederlandse overheid bedongen dat bedrijven binnen een tijdsbestek van vier uur de schadelijke producten moeten hebben getraceerd dan wel uit de winkel hebben gehaald. Hans Beuger: “Deze maatregel is een Nederlandse interpretatie en daarin staan we in Europa alleen. We waren in de veronderstelling dat we hiermee bedrijven zouden helpen. Dat is niet helemaal uitgewerkt zoals we hadden gedacht en nu spelen we met de gedachte dat we dit onderdeel van de GFL uit de door ons uitgegeven meldwijzer schrappen (te vinden via www.vwa.nl).” Die meldwijzer schept duidelijkheid voor bedrijven hun geconstateerde probleem wel of niet moeten melden bij de VWA.

Deskundigen rond de wet lijken het overigens net als de controleurs van de wet niet ontzettend nauw te nemen met de vastgestelde vier uur. Peter Tielemans, werkzaam als adviseur logistiek bij Capgemini: “Ook met een eenvoudig papieren systeem kun je binnen 4 uur een traceringsanalyse doen, maar door een lagere snelheid en nauwkeurigheid kun je wel genoodzaakt worden om meer producten terug te halen, dan wanneer je met een geavanceerd informatiesysteem zou werken.”

 

Boetes

Stil was het na alle tamtam rond de invoering van de wet. Het was deels te danken aan de houding van de overheid om niet te streng op te treden tegen overtredende bedrijven. Een half jaar kregen ze de tijd om waarschuwingen van de Voedsel- en Warenautoriteit ter harte te nemen. Boetes zijn er ook uitgedeeld, maar van een bedrag van negenhonderd euro zullen de meeste overtreders niet wakker liggen. Overigens krijgen bedrijven pas een boete nadat ze zijn gewaarschuwd door de VWA. Vijftig meldingen zijn er het eerste half jaar binnengekomen. Dat is volgens de controleur het topje van de ijsberg, maar het kan ook zijn dat bedrijven wel degelijk de regels beter naleven.

 

Auto-ID

Navraag bij Auto-ID leveranciers als Phi Data, Methec en Symbol leert dat bedrijven in de foodsector niet wezenlijk meer zijn gaan investeren in tracking en tracing apparatuur met de komst van de General Food Law. Sommige bedrijven hebben de aanschaf van een warehouse management systeem iets versneld, zoals bij Uniq Nederland, maar dat wms was er hoe dan ook wel gekomen. De extra investeringen die al zijn gedaan door bedrijven hebben ook meer als doel de logistiek te verbeteren.

 

Europa werkt samen met Azië

In Azië lijken ze het Europese voorbeeld te volgen waar het de voedselveiligheid betreft. Het werelddeel, een van Europa’s belangrijkste handelspartners, is samen met de EU een programma gestart voor internationale samenwerking op het gebied van voedselveiligheid. Het programma zal nog tot en met medio 2008 lopen. Deelnemende partijen aan het programma, zoals landen, onderzoekers en bedrijven werken op drie gebieden samen en een daarvan is de tracking en tracing van voedsel in de hele voedselketen.

 

Veroorzakers

Zomaar een week in 2005: In heel Europa moeten vijftig producten uit de keten worden gehaald. In een groot deel van die gevallen zijn het de ingrediënten die de recall veroorzaken. Enkele veroorzakers die regelmatig terugkomen zijn varianten van schimmels die ontstaan bij de groei van paddenstoelen. Er zijn ook de giftige stoffen die ontstaan bij het niet goed drogen van zaden en noten en die kanker kunnen verwekken bij mensen. Salmonella behoeft weinig uitleg, maar misschien is minder bekend dat deze ook kunnen ontstaan in producten die worden gemaakt van verse pepermunt en koriander. En zo zijn er nog een hele berg ingrediënten en stoffen te noemen die stuk voor stuk schadelijk zijn of kunnen zijn voor consumenten.

 

Bron: Logistiek, nr. 4 van 3 maart 2006

 

Reageer op dit artikel