Supply Chain - Personeelsbeleid

Expertartikel

Ongevallenreductie in het magazijn. Wat helpt echt?

Irving Davelaar
Auteur: Irving Davelaar
Co-auteur: Martine Martens
Geplaatst: 15 apr 2010
Het is echt mogelijk om ongevallen in het magazijn te voorkomen maar gebruik wel de juiste factor, dat stellen de twee studenten Irving Davelaar en Martine Martens en hun begeleider Rene de Koster na een uniek onderzoek op de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hoe voorkom je ongevallen?

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2010 was veiligheid samen met criminaliteit het belangrijkste thema. Vliegtuigmaatschappijen geven aan het begin van iedere vlucht veiligheidsinstructies, het dragen van een veiligheidsgordel in een touringcar of auto is verplicht en er is steeds meer cameratoezicht is stadscentra. Veiligheid wordt steeds belangrijker gevonden.

      

Veel dodelijke ongevallen in logistiek 

Ook op de werkvloer wint veiligheid aan terrein. Uit onderzoek van het CBS uit 2006 blijkt dat het aantal werkgerelateerde sterfgevallen in Nederland tussen 1996 en 2006 schommelt tussen de 74 en 126 per jaar. Daarnaast blijkt uit onderzoek van TNO & Stichting Consument en Veiligheid dat de directe medische kosten van arbeidsongevallen in Nederland alleen al 29 miljoen euro zijn en de kosten van de afwezigheid (maximaal 1 jaar) van medewerkers vanwege een arbeidsongeval bedraagt nog eens 130 miljoen euro. Verder doet 1 op de 6 dodelijke-werkplek-ongevallen zich voor in de logistieke sector.

   

Ongevallen dalen niet
Het is zorgelijk dat het aantal ongevallen lijkt te stagneren in plaats van verder te dalen. In samenwerking met brancheorganisatie BMWT en Logistiek.nl hebben we daarom een onderzoek opgezet om te achterhalen hoe dit aantal verder teruggedrongen kan worden.

 

Onderzoek met nieuwe invalshoek
Vele onderzoekers hebben geprobeerd te achterhalen welke factoren van invloed zijn op de veiligheidsprestaties op de werkvloer. Zij keken vooral naar de invloed van menselijke factoren zoals leiderschap en bewustzijn op gedrag van medewerkers. Naar veiligheidsprestatie is nog niet gekeken; dit kan gedefinieerd worden als het aantal onveilige situaties, bijna-ongevallen, ongevallen of sterfgevallen die voorkomen op de werkvloer (of liever gezegd: de afwezigheid daarvan). Ook de invloed van systemen, procedures en hulpmiddelen om de veiligheid te verbeteren is nog nooit eerder meegenomen in een dergelijk onderzoek.

 

Invloed van menselijke factoren 

De huidige studie heeft als doel een model te maken waarin wordt gekeken naar de invloed van menselijke factoren zoals leiderschap (Veiligheidsspecifiek Leiderschap), bewustzijn (VeiligheidsBewustzijn) en gedrag (Veilig Werkgedrag) en Veiligheidsrisico Verlagende Systemen op de veiligheidsprestatie.

 

De onderzoeksvraag 

Het onderzoek, uitgevoerd onder Nederlandse magazijnen met minimaal vijf magazijnmedewerkers, had de volgende onderzoeksvraag:


"In hoeverre verklaart de factor 'Veiligheidsrisico Verlagende Systemen' de verschillen in Veiligheidsprestatie van Nederlandse magazijnen met minimaal vijf werknemers in vergelijking met de invloed van menselijke factoren zoals Veiligheidsspecifiek Leiderschap, Veiligheidsbewustzijn en Veilig Werkgedrag van medewerkers?


De laatste drie genoemde variabelen zijn al eerder onderzocht en worden gezien als belangrijke voorspellers van de veiligheidsprestatie. Door de variabelen wederom te onderzoeken kunnen eerder aangetoonde relaties wederom bevestigd worden. Verwacht wordt dat 'Veiligheidsrisico Verlagende Systemen' (een collectieve groep van magazijn veiligheidsprocedures en regelgeving met betrekking tot de opleiding van werknemers, onderhoud van materieel en milieu ergonomie) eveneens de Veiligheidsprestatie positief beïnvloedt.
 
Het onderzochte model is hieronder afgebeeld:

Regressie Model 

Figuur 1: Regressie Model

 

Om bovenstaand model te toetsen zijn gegevens verzameld onder zowel de manager als werknemers binnen een magazijn. Een werknemer kan immers het best zijn of haar veiligheidbewustzijn en gedrag over veiligheid aangeven. Ook kunnen werknemers het best de leiderschapsstijl van de manager ten opzichte van veiligheid beoordelen.

Managers echter kunnen beter vragen beantwoorden over de aanwezigheid van procedures, protocollen en systemen ter verbetering van de veiligheid. Daarnaast hebben ze toegang tot cijfers over (bijna) ongevallen. Voor de eerder onderzochte variabelen was een gevalideerde set vragen beschikbaar; voor de twee nieuwe variabelen hebben we zelf vragen ontwikkeld.
   

Onderzoeken

Veiligheidsspecifiek leiderschap (VSL) van de manager werd gemeten aan de hand van tien uitspraken ontwikkeld door Bass & Avolio (1990), zoals bijvoorbeeld: 'Met zijn/ haar gedrag toont mijn manager zijn/haar betrokkenheid bij een veilige werkomgeving'. Medewerkers moesten aangeven in hoeverre de uitspraken van toepassing zijn op hun manager.

 

Het Veiligheidsbewustzijn (VB) van medewerkers werd gemeten aan de hand van 7 uitspraken van Barling et al. (2007). Medewerkers gaven aan in hoeverre uitspraken als 'Ik ken de beschermende uitrusting en/of kledingstukken die verplicht zijn tijdens het uitvoeren van mijn werkzaamheden' op henzelf van toepassing zijn.

Beide variabelen werden gemeten op een 5-punts antwoordschaal van 1 (= totaal oneens) tot en met 5 (=totaal eens). De laatste variabele gemeten onder medewerkers was het veilig werkgedrag van de medewerker (VWG). Hierbij moest van 6 statements zoals 'Vanwege tijdsdruk raffel ik mijn werk vaak af waardoor ik de veiligheidsrisico's voor mezelf verhoog' beoordeeld worden in hoeverre het van toepassing was op het eigen gedrag het afgelopen jaar. Ook hier was sprake van een 5-punts antwoordschaal maar dan van 1(= nooit) tot en met 5 (= meer dan één keer per week).


Om Veiligheidsrisico verlagende systemen (VVS) te meten is gebruik gemaakt van het rapport "Arbozorg bedrijfslogistiek" van het college van deskundigen Arbozorg Logistiek. Op grond van dit rapport bestaat VVS uit 4 categorieën: human factors (bijvoorbeeld: 'Alle heftruckchauffeurs zijn in het bezit van een certificaat'), organizational factors (bijvoorbeeld: 'Er is een registratiesysteem voor onderhoud van systemen, installaties en apparatuur'), equipment factors(bijvoorbeeld: 'Medewerkers kunnen zelf hun werkplek aanpassen aan hun lichaampostuur') en environmental factors. (bijvoorbeeld: 'Er is een duidelijke scheiding van verschillende verkeerssoorten bijvoorbeeld d.m.v. verschillende rijstroken'). De managers beoordelen deze stelling op een schaal van 1 (= totaal oneens) tot en met 5 (totaal oneens) of met 6 (=n.v.t.).


Om Veiligheidsprestatie (VP) te meten wordt gekeken naar twee aspecten: het aantal daadwerkelijke ongevallen in 5 verschillende categorieën(zie tabel 1) en daarnaast wordt gekeken of ongevallen in de verschillende categorieën ook consequent geregistreerd worden. Hoe meer ongevallen, des te hoger de score (en des te slechter te prestatie). Vooral de eerste en tweede categorie zijn van belang aangezien bedrijven verplicht zijn ongevallen te registeren in de categorieën 3 tot en met 5.

 

 

Ongevallen categorieën

1

Bijna ongevallen

2

Arbeidsongevallen met letsel maar zonder verzuim

3

Arbeidsongevallen met letsel en minimaal 1 dag verzuim

4

Arbeidsongevallen leidend tot ziekenhuisopname na een bezoek aan de Spoedeisende Eerste Hulp van een ziekenhuis 

5

Dodelijke arbeidsongevallen

 

De BMWT stelde hun database ter beschikking om bedrijven te kunnen benaderen. Deelnemende bedrijven kregen een kleine attentie en ontvingen na afloop van het onderzoek een rapport met daarin individuele scores voor de diverse variabelen. Bedrijven konden op drie manieren deelnemen: per post, via internet, of via bezoek van de onderzoekers aan het bedrijf. Ongeveer 1400 bedrijven zijn per email benaderd. Daarvan viel 12,2 procent direct af omdat het e-mailadres incorrect was. Van de 1230 overgebleven bedrijven gaven 169 (13,7 procent) aan niet geïnteresseerd te zijn in deelname. 995 (80,85 procent) bedrijven lieten helemaal niets van zich horen. De totale response is daarmee 5,4 procent (n=66) waarvan 83,3 procent (n=55) bruikbaar.

 

Helaas blijkt het steeds lastiger om response te krijgen op logistieke (en andere) vragenlijsten, wat onderzoek als dit sterk bemoeilijkt. Tabel 2 geeft een overzicht van de magazijnen die hebben deelgenomen aan dit onderzoek. 

 

 

Aantal medewerkers

(%)

 

Industrieën

(%)

Magazijnen
N = 55

 

 

 

 

 

 

5 - 25
26 - 50
51 - 75
76 - 100
101 - 200
201+

 

27.3
27.3
9.1
9.1
18.2
9.1

 

(Anders)
Auto-industrie
Levensmiddelen
Computer/ Electronics
Geneesmiddelen
(Petro) Chemische
Elektrotechniek
Logistiek Dienst Verlener

29.5
16.7
14.8
11.1
9.3
7.4
5.6
5.6

Tabel 2: Omvang en Industrie van de magazijnen

 

Om uit de data conclusies te kunnen trekken zijn er diverse analyses uitgevoerd waaronder allereerst een Principal Components factoranalyse met varimax rotatie ( factor lading coëfficiënt afbreekpunt =0,5) op een reeks van 69 vragen die betrekking hadden op Veiligheidsrisico Verlagende Systemen. De analyse had als doel om de 69 vragen te verdelen in 4 categorieën om zo te kijken of de vooraf gedefinieerde categorieën juist waren. Deze test verminderde het aantal vragen tot 31 die onder te verdelen waren in 4 categorieën en die cumulatief 35,2 procent van de variantie verklaarden (zie tabel 3). De nieuw gevormde categorieën kwamen niet helemaal overeen met de vooraf gedefinieerde categorieën.

 

 

Extractie sums of Squares Loadings

Rotatie sums of Squares Loadings

 

Componenten

Totaal

% van variantie

Cumulatief %

Totaal

% van variantie

Cumulatief %

Cronbach alfa

1

10.993

15,932

15,932

7,472

10,828

10,828

0.894

2

5.473

7,932

23,864

6,343

9,192

20,021

0.899

3

4.411

6,393

30,256

6,322

9,162

29,182

0.796

4

3.398

4,925

35,181

4,139

5,999

35,181

n.v.t.

Tabel 3: Extracties Factor analyse (Principal Components Method)

 

Daarom hebben deze nieuwe categorieën een andere naam gekregen die overeenkomt met het overkoepelende thema van de diverse vragen waaruit de categorie is opgebouwd.

 

1. Werkgerelateerde Veiligheidsprocedures en Regelgeving (C1)
2. Orde en netheid (C2)
3. Veiligheid Gerelateerde Transport en Opslag Procedures (C3)
4. Vloermarkeringen

 

Onder C1 vallen zaken als: het bijhouden van een ongevallenregister, veiligheidssignalering en hulpmiddelen, veiligheidsinspecties, veiligheidsinstructies, regels voor transport (zoals maximum rijsnelheden en regels voor voor- en achteruitrijden), controle op veiligheid, veiligheidstraining, enz. Onder C2 vallen zaken als: zuiverheid van het magazijn, regelmatig schoonmaken, zuiverheidsinspecties, scheiding van vuile en schone processen, verlichting, enz.


C3 tot slot, bevat zaken als: separate locaties voor opslag van lege ladingdragers, regels voor het achterlaten van werktuigen, scheiding van opslaglocaties, regels voor gecombineerde of gescheiden opslag, scheiding van verkeersstromen, enz.

Vervolgens werd er een Cronbach's Alfa analyse uitgevoerd, hieruit bleek dat de betrouwbaarheid van deze nieuwe categorieën hoog is (hoger dan 0.6, wat acceptabel is voor exploratief onderzoek).
   
De componenten van de bovengenoemde factoranalyse en de resultaten voor Veiligheidsspecifiek Leiderschap, Veiligheidsbewustzijn en Veilig Gedrag zijn gebruikt als input voor een OLS-regressie-analyse om te onderzoeken wat hun invloed is op Veiligheidsprestatie van magazijnen (zie tabel 4):

 

 

 

VP

VSL

VB

VWG

C1

C2

C3

Correlatie (r)

VP

1.000

-.338

-.506

.131

-.137

-.098

.000

Significantie (p)

VP

n.v.t.

.006

.000

.171

.159

.239

.499

Bivariate Analyse

VB

 

 

 

 

r = 0,322
p = 0,008

 

 

 

VSL

 

 

 

 

r = 0,289
p = 0,016

 

 

  

 

 

 

 

 

 

 


Tabel 4. Geldigheid van het model: R2 = 0,311, p = 0,005 (Alle resultaten zijn eenzijdig getest)

 

Uit de resultaten van de OLS-regressie-analyse blijkt dat zowel Veiligheidsspecifiek Leiderschap (VSL) als Veiligheidsbewustzijn (VB) een sterke invloed hebben op de Veiligheidsprestatie (VP). Hoe meer werknemers vinden dat hun manager leiderschap op het gebied van veiligheid ten toon spreidt en hoe meer veiligheidsbewust de medewerkers zijn, des te lager het aantal ongevallen is en hoe beter de Veiligheidsprestatie (VP).

 

Verder heeft component 1 van Veiligheidsrisico Verlagende Systemen (Werkgerelateerde Veiligheidsprocedures en Regelgeving, C1) een significante positieve invloed op Veiligheidsbewustzijn (des te meer procedures en regels er zijn in het bedrijf, des te hoger de mate van veiligheid bewustzijn aanwezig is in de werknemers). Ook heeft deze component C1 een aanzienlijke positieve invloed op Veiligheidsspecifiek Leiderschap, dus des te meer veiligheidsprocedures en voorschriften aanwezig zijn, des te meer de werknemers vinden dat hun leidinggevende veiligheidsbeleid ten toon spreidt.
Uit verdere analyses blijkt dat de invloed van Veiligheidsleiderschap (VSL) op Veiligheidsprestatie vooral loopt via Veiligheidsbewustzijn van de medewerkers (Veiligheidsbewustzijn is een mediërende variabele). Veiligheidsbewustzijn van medewerkers is dus de belangrijkste variabele die veiligheidsprestatie van het magazijn beïnvloedt. Dit geeft tevens het belang van Werkgerelateerde Veiligheidsprocedures en Regelgeving aan: dit beïnvloedt direct het veiligheidsbewustzijn.

 

Er blijkt een verschil te zitten in Veiligheidsbewustzijn tussen werknemers die de vragenlijsten hebben ingevuld in aanwezigheid van de onderzoekers (N = 13 bedrijven) en werknemers bij overige bedrijven (N = 42 bedrijven). Het lijkt alsof de tweede categorie meer 'sociaal wenselijke' antwoorden gegeven heeft (Ganster et al., 1982): ze zijn namelijk aanzienlijk veiligheidsbewuster. Voor de eerste groep bedrijven vinden we een sterk positief effect van Werkgerelateerde Veiligheidsprocedures en Regelgeving (C1) op Veiligheidsprestatie, terwijl dat niet geldt voor de totale steekproef. Evenals voor Veiligheidsleiderschap wordt het effect van C1 gemedieerd door Veiligheidsbewustzijn (ook voor de totale steekproef),

  

Conclusie

Onze conclusie is dus dat Veiligheidsrisico verlagende systemen helpen om Veiligheidsprestatie te verbeteren. De factor die echt helpt is Werkgerelateerde Veiligheidsprocedures en Regelgeving (C1), de overige factoren hebben geen effect. Het direct effect van deze factor is alleen aangetoond voor de eerste groep van 13 bedrijven. Voor de totale steekproef blijkt dat het effect vooral indirect werkt doordat het veiligheidsbewustzijn van de medewerkers erdoor vergroot wordt.

 

Bijzonder aan dit onderzoek is dat zowel managers als werknemers hebben deelgenomen (gemiddeld 14 werknemers per magazijn). Dit schetst een compleet beeld van de veiligheid in het magazijn omdat de variabelen gemeten zijn onder de personen die het meest representatieve beeld konden geven. Dat het belangrijk is de juiste respondent te vinden blijkt wel uit het feit dat managers een significant beter beeld hebben van hun Veiligheidsspecifiek Leiderschap (gemiddeld 4,17) dan hun medewerkers (gemiddelde 3,42).


We hopen nog meer respondenten te krijgen. Het is daarbij belangrijk om de medewerkervragenlijsten niet door de manager in te laten nemen om zo de anonimiteit van de medewerkers ten opzichte van de manager te waarborgen. Mocht u nog deel willen nemen met uw magazijn, neem dan contact op met Prof. Dr. Rene de Koster, rkoster@rsm.nl.

Deel dit artikel via:
Reageer
Doorsturen
Afdrukken
1 Reacties
Reacties (1)
Door: WomenWorks | 25 feb 2011
Wat mij regelmatig ten oren komt is dat Dames weigeren hun, ter beschikking gestelde, veiligheidsschoenen te dragen. Vaak omdat deze niet passen of niet matchend zijn met hun functie of outfit. Ook kleding die geleverd word is meestal toegespitst op heren, en daarom niet passend en daardoor zeker niet Veilig. Heeft u daar al eens onderzoek naar gedaan?

www.womenworks.nl
Plaats een reactie
  • Naam:

    Reactie:

  •   Om spam te voorkomen vragen wij u onderstaande woorden over te tikken voordat u opslaat
  • Opslaan