Distributie - Transport Software

Expertartikel

Doorbreken CMR-limiet is haalbaar

Pieter Keeris
Auteur: Pieter Keeris
Geplaatst: 18 aug 2008
Welke maatregelen zijn nodig om door die CMR-limiet heen te breken? Gebruik een Transport Security Policy en de rechter is geneigd voor de verlader uitspraak te doen, dit zegt Pieter Keeris, directeur bij Vision-Share.

Tijdens het vervoer van goederen kan veel mis gaan. Diefstal is een groot probleem, vooral als het diefstal van waardevolle zendingen betreft en de aansprakelijkheid daarvoor is beperkt tot een bedrag van circa 8.84 euro per kg. Maar expert Pieter Keeris, directeur van Vision-Share weet maatregelen welke u kunt nemen om door die limiet heen te breken.


Wat zegt de CMR?
De standaarden van de aansprakelijkheidscondities (CMR/ Warschau) die bijna alle vervoerders accepteren:


Dit kan een standaard aansprakelijkheid zijn voor al uw internationale zendingen in overeenstemming met de CMR (wegvervoer) en Warschau condities (luchtvervoer).

 

Indien een vervoerder aansprakelijk is voor verlies of beschadiging van uw zending dan bepaalt het Verdrag van Warschau de aansprakelijkheid van de vervoerder tot een maximum bedrag van 17 SDR* per kilo ontbrekend of beschadigd gewicht.

 

In geval van vervoer over de weg bepaalt de CMR de aansprakelijkheid van de vervoerder tot een maximum van 8 1/3 SDR* per kilo ontbrekend of beschadigd gewicht.

 

* SDR: Special Drawing Rights zijn speciale trekkingsrechten uitgegeven door het IMF, die recht geven op het verkrijgen van omwisselbare valuta. De waarde van de SDR is gekoppeld aan de waarde van een zogenaamde mand van de belangrijkste valuta van de wereld. De waarde van een SDR kan dus fluctueren, maar bedroeg op 13 augustus 2008 ongeveer EUR 1.06. (zie ook:  http://www.imf.org/external/np/fin/data/rms_sdrv.aspx )


Beperking aansprakelijkheid vervoerder

De vervoerder is aansprakelijk voor verlies of beschadiging van de goederen en voor vertraging in de aflevering gedurende de periode van inontvangstneming tot en met aflevering.
De vervoerder is bevrijd van aansprakelijkheid indien een beroep op overmacht slaagt; maar dat beroep slaagt hoogst zelden. Daar staat voor de vervoerder tegenover dat zijn aansprakelijkheid als gevolg van het CMR is beperkt. Daar zit nu juist het probleem.


De aansprakelijkheid van de vervoerder reikt niet verder dan SDR 8,33 per kg, die overeenkomt met ongeveer € 8.84 per kg, waarbij deze maximale vergoeding geheel onafhankelijk is van de soort lading. Voor (de verzekeraar van) de ladingbelanghebbende is dit juist bij diefstal van waardevolle zendingen veelal slechts een fractie van de geleden schade.

  

Doorbraak gelimiteerde aansprakelijkheid

Onder omstandigheden is doorbreking van de aansprakelijkheidsbeperkingen onder het CMR-verdrag mogelijk. De aansprakelijkheidsbeperking wordt, zoals ook beschreven in artikel 29 CMR, doorbroken in geval van opzet of daarmee gelijk te stellen schuld van de vervoerder.
 

Van een dergelijk situatie kan bijvoorbeeld sprake zijn in geval van diefstal door een chauffeur. Een vervoerder zal daar veelal niet bij betrokken zijn. Omdat het niet redelijk zou zijn dat de ladingbelanghebbende in een dergelijk geval geen beroep op opzet of met opzet gelijk te stellen schuld van de vervoerder zou kunnen doen, is de vervoerder tevens aansprakelijk voor handelingen waarin sprake is van opzet of daarmee gelijk te stellen schuld indien deze zijn uitgevoerd door ondergeschikten of andere hulppersonen. Hiertegen kan een vervoerder dan wel het verweer voeren dat het gaat om het handelen van een hulppersoon die niet op enigerlei wijze betrokken was bij het vervoer en/of daarmee samenhangende werkzaamheden en deze gedraging daarom niet aan hem is toe te rekenen.


Informatieverstrekking na de '5 januari-arresten'

Bij ladingdiefstal is dus artikel 29 CMR van belang. Dit artikel bepaalt dat in geval van opzet of daarmee gelijk te stellen schuld de vervoerder volledig aansprakelijk is. Het hoogste rechtscollege, de Hoge Raad, heeft in de zogenaamde '5 januari-arresten' een interpretatie gegeven van de in artikel 29, lid 1 CMR vervatte zinsnede "roekeloos en met de wetenschap dat de schade er waarschijnlijk uit zou voortvloeien".
Daarvan is volgens de Hoge Raad sprake wanneer degene, die zich aldus gedraagt, het aan de gedraging verbonden gevaar kent en zich ervan bewust is dat de kans, dat het gevaar zich zal verwezenlijken, aanzienlijk groter is dan de kans dat dit niet zal gebeuren.


De praktijk
Zo is er ook het voorbeeld van een verlader in de elektronica branche waarbij eind mei er na een rechtsgang uiteindelijk een schikking is getroffen:


Het betrof hier een diefstal van circa £ 42.000 aan goederen van daarom in euro's circa € 52.500.
De CMR-limiet was circa € 19.000.
De vervoerder heeft nu aangeboden om € 47.000 te zullen betalen, daarom bijna de volledige waarde van de gestolen goederen!

Dit mooie resultaat was te bereiken doordat de verlader destijds was begonnen met het laten ondertekenen van bepaalde veiligheidsinstructies; dit zowel door het gecontracteerde vervoersbedrijf (eenmalig bij de overeenkomst) als ook door de chauffeur (bij iedere afhaling). Daarnaast kon de verlader handig gebruik maken van de Engelse jurisdictie: zoals bekend richt art. 29 van de CMR zich naar de rechter voor wie de zaak dient.

  

Daarbij zal ook een Duitse rechter veel eerder artikel 29 CMR toepassen, dan bijvoorbeeld zijn Nederlandse collega. De Engelse rechter stelt zich ook vrij terughoudend op met toepassing van artikel 29 CMR, maar is daar mogelijk toe genegen in geval blijkt dat duidelijk gegeven antidiefstal instructies in de wind zijn geslagen en vervolgens diefstal heeft plaatsgevonden. In een zaak, waarbij dat in Nederland speelde heeft de Hoge Raad vastgesteld dat ook in dat geval niet gebleken was van zodanig gedrag in de zin van de 5-januari-arresten, dat dit een doorbreking van artikel 29 CMR rechtvaardigde.

 

De tips

Een en ander verklaart waarom tegenwoordig het forum shoppen zo in trek is. Zowel vervoerder als ladingbelanghebbende zoeken naar een rechter, die het meest gunstig voor de vervoerder c.q. de ladingbelanghebbende kan oordelen.

Aan de hand daarvan is het voor een verlader aanzienlijk eenvoudiger om te kunnen stellen dat sprake is geweest van het in de wind slaan door de chauffeur van de gegeven antidiefstal maatregelen. Dit houdt wel in dat de verlader in zijn contracten met de vervoerder ook dient rekening te houden met deze instructies.

 

Conclusie: een dergelijke Transport Security Policy levert wel degelijk voordelen op!

 

Vision-Share

 

Deel dit artikel via:
Reageer
Doorsturen
Afdrukken
5 Reacties
Reacties (5)
Door: René Middel | 22 aug 2008
Het verbaast mij nog altijd met welk gemak inderdaad gesproken wordt over het voorkomen van doorbreking CMR limiet. Waar aan voorbij gegaan wordt in de diverse reacties is dat je hierbij volledig afhankelijk bent van nog geeneens de afspraak (gemaakt of opgelegd) met verladers maar van de willekeur van vaak buitenlandse rechters. 1 advies bij diefstal, vraag direct een Verklaring van Recht in het land dat het gunstigste rechtsklimaat heeft t.o.v vervoerders. Voorbeeld van grote transporteurs die in de problemen komen door doorbreking geven aan dat deze willekeur niet in de hand te houden is en dat adequate risicobeheersing noodzaak is.


Door: Marijn van Tuijl | 20 aug 2008
In grote lijnen ben ik het met de strekking van het artikel eens: de wegvervoerder kan zich minder snel op de CMR-limiet beroepen als hij overeengekomen veiligheidsinstructies negeert.

Eén en ander brengt wel twee "maren" met zich mee: (1) de ladingbelanghebbende moet dan wel de vervoerder in het buitenland dagvaarden aangezien de NL rechter (zie o.m. de Hoge Raad in één van de 5 januari arresten die ook genoemd worden in het artikel) het negeren van veiligheidsinstructies op zich doorgaans niet voldoende vindt om tot doorbreking van de CMR-limiet te komen en (2) dat dagvaarden in het buitenland moet hij snel doen. Het is bij diefstal intussens gebruikelijk dat een 'race naar de rechter' ontstaat waarbij de vervoerder zal proberen (in een 'vervoerdersvriendelijk' land als NL) een 'verklaring voor recht' te krijgen dat hij niet verder aansprakelijk is dan de limiet.

Door als eerste in NL te dagvaarden, legt de vervoerder de zaak immers voor aan de NL rechter en die zal naar het voor de vervoerder gunstigere NL recht beslissen of sprake is van opzet/ grove schuld. Iedere andere buitenlandse rechter mag dan niet meer over de zaak oordelen en wordt daarmee buitenspel gezet (let wel: de Duitse rechter trekt zich daar niets van aan. Die behandelt vorderingen van ladingbelanghebbenden tegen de vervoerder toch, óók als er al een zaak aanhangig is in Nederland).

Dat de vervoerder zich tegenover een grote vaste klant om commerciële redenen niet op de limiet kan beroepen, is wat mij betreft eerder uitzondering dan regel (waarbij ik gelijk opmerk dat de zaken waar de volledige schade wordt betaald doorgaans niet op mijn bureau belanden).

In hoeverre kan een vervoerder zich immers veroorloven om de schade boven de CMR-limiet te vergoeden, terwijl hij daarvoor niet verzekerd is? Gaat het om een relatief klein bedrag (verschil tussen CMR-limiet en werkelijke waarde van de gestolen zending), dan kan ik het me nog voorstellen. Diefstal richt zich echter vaak juist op waardevolle zendingen waarbij het verschil tussen limiet en waarde enorm is.

Naar mijn mening doet de vervoerder tegenover zijn klant, die ook de regels kent en zelf verzekerd is, meestal een beroep op de CMR-limiet, en terecht. Die limiet is er niet voor niets. De vrachtprijs die de vervoerder in rekening brengt is ook niet gerelateerd aan de waarde van goederen.
Door: J. Boot | 20 aug 2008
Uiteraard zou het geweldig zijn als iedere logisitek dienstverlener dergelijke sluitende afspraken zou kunnen maken met opdrachtgevers, waarbij (financiele) risico's op rechtvaardige manier voor beide partijen overeengekomen worden. Echter in de huidige markt is dit voorlopig een utopie. Helaas is de afhankelijkheid van enkele grote klanten bij veel (met name MKB) dienstverleners nog aanwezig. In die markt is het geen kwestie van afspraken maken, maar afspraken van verladers accepteren. Dit geldt niet alleen voor deze kwestie, maar ook voor zaken als dieselclausules. Dus in theorie zeg ik ja, inderdaad sluitende afspraken maken, echter de praktijk is anders.
Door: j.bobelijk | 19 aug 2008
Beste Gerard Hermsen.
Je opmerking dat "voor een grote vaste klant de vervoerder er nimmer onderuit kan komen om het restbedrag te betalen" maakt dat al mijn logistieke haren overeind gaan staan.
Mijn commentaar;

1. Gewoon een sluitende afspraak met je klant maken, waarbij expliciet wordt aangegeven dat de verlader zelf zijn goederen dient te verzekeren.
2. Nee zeggen tegen een klant, als jouw bedrijf geen schuld heeft.
3. Ik zou niet graag een kleine(re) klant bij jouw bedrijf willen zijn.

Jan Bobeldijk
Door: FGL | 18 aug 2008
Het verhaal op zich is correct echter als de klant aandringt op volledige betaling zal een vervoerder voor een grote vaste klant er nimmer onderuit kunnen komen dat hij zelf het restbedrag wat niet door de verzekeraar wordt vergoed bij betaald. Wij hebben hier in samenwerking met Delta Lloyd een oplossing in gevonden door het maken van een concept voor ons bedrijf in de vorm van een all-risk verzekering die onze klanten binnen 30 dagen het volledige schadebedrag uitkeerd. Door het aantoonbaar maken aan de verzekeraar dat je als bedrijf alles voor zover als mogelijk de risico´s hebt geminimaliseerd is dit een kans voor veel transportbedrijven om hier bijaan te haken. Voor meer info kan men contact met mij opnemen op 030-7111420
Plaats een reactie
  • Naam:

    Reactie:

  •   Om spam te voorkomen vragen wij u onderstaande woorden over te tikken voordat u opslaat
  • Opslaan