artikel

De Transportmakelaar Nijverdal: één stop per regio

Distributie Premium

De Transportmakelaar Nijverdal: één stop per regio

De meest oostelijke inzending voor de Award Stedelijke Distributie komt van De Transportmakelaar uit Nijverdal. Het bedrijf wil regionale consolidatiecentra gaan opzetten en zich daarmee onderscheiden. Eén stop per regio moet vervoerders tijdwinst opleveren.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 12 februari 2010.

DE TRANSPORTMAKELAAR (NIJVERDAL)
 

  • De Transportmakelaar is een onderdeel van DTm services en de initiatiefnemer van het stedelijke-distributievoorstel ‘Regiodistributie; bundeling met behoud van identiteit’
     
  • Er hebben gesprekken plaatsgevonden met de gemeente Enschede en de gemeente Hellendoorn, maar de organisatie is nog niet zover dat tot uitvoering kan worden overgegaan
     
  • Focus op de regio in plaats van op de stad
     
  • Er is een belangrijke rol weggelegd voor de deelnemende vervoerders en de regionale overheden die zorgen voor het inrichten en exploiteren van regionale logistieke centra
     
  • Meer informatie: www.de-transportmakelaar.nl

 

  

Het bundelen van zendingen is niet nieuw. Alleen gebeurt het vaak op basis van herkomst en niet op basis van de eindbestemming. De Transportmakelaar wil vrachten gaan bundelen op eindbestemming, zodat auto’s vol vertrekken en weinig kilometers rijden tussen de verschillende afleveradressen. Daardoor kan de

retourrit naar het consolidatiecentrum kort zijn. Het aantal transportbewegingen en het aantal leveringen per eindontvanger wordt hiermee tot een minimum beperkt. Hoeveel transportkilometers er precies worden bespaard wordt niet in het voorstel genoemd. Wel denkt de organisatie door het vercharteren van retourzendingen en het slim omgaan met retourlogistiek 20.000 euro binnen te hengelen naast de bijdragen van de vervoerders. De deelnemende transportbedrijven betalen twee euro per zending. De bundeling van de zendingen gebeurt op initiatief en in opdracht van de vervoerders.

Een ander punt waarop het voorstel van De Transportmakelaar zich onderscheidt is het gebied waarbinnen de distributie plaatsvindt. In tegenstelling tot veel andere initiatieven wordt het accent gelegd op de regio in plaats van op de stad.

 

Op de plank

De Randsteden hebben al een prominente plek binnen het logistieke landschap en krijgen genoeg aandacht. Erik Hengstman van De Transportmakelaar is van mening dat ook op andere plaatsen in het land de hinder van vrachtwagenbewegingen groot is. De organisatie wil starten in het oosten van het land. Het plan ligt nog even op de plank, maar Hengstman, die namens het al bestaande transportbedrijf De Transportmakelaar optreedt als gesprekpartner bij lokale overheden en vervoerders, is voornemens om de gesprekken met de belanghebbenden op korte termijn te hervatten.

 

Regionaal

De plannen van het vervoersbedrijf zijn ambitieus. In het voorstel staat dat het bedrijf het liefst zou willen dat de infrastructuur rondom bedrijventerreinen gaat veranderen in een regionaal logistiek centrum. Door bepaalde logistieke services te delen moet er een win-winsituatie ontstaan voor alle partijen. Zo zouden op een dergelijk terrein een garage, een tankstation en een oplaadpunt voor elektrische wagens moeten komen, en moeten bedrijven zoals een fietskoerier en een servicelocatie voor pakketjes zich hier gaan vestigen.

 

Non-profit

De opbrengsten die de lokale overheid ontvangt van de bedrijven op het logistieke centrum in de vorm van huur of pandrecht zullen, samen met de bijdragen van de vervoerders, worden gebruikt voor de financiering en exploitatie van een consolidatiecentrum. Het wordt feitelijk een non-profitorganisatie die op termijn zelfvoorzienend is.

 

Ondanks dat De Transportmakelaar de Award niet heeft gewonnen voelt het volgens Hengstman “niet als verloren”. Het is niet de laatste stap die de organisatie zet. “We hebben er veel van geleerd. Het meedoen dwingt je om serieus naar het concept te kijken en de zaak op papier te zetten. We laten het plan niet liggen en staan er nog steeds achter.”

 

 

Reageer op dit artikel