artikel

Het rendement van groen

Distributie

Logistiek heeft lange in het teken gestaan van het voorwaartse denken. Hoe gaan producten snel en goed door de lijn? Hoe distribueren we de gerede producten efficiënt door de keten? Hoe brengen we vracht snel en slim van A naar B? Inmiddels staat de omgekeerde beweging in het middelpunt van de belangstelling. Een belangrijke aanjager voor deze omslag is de zorg om het milieu. Ook het bedrijfsimago speelt een rol. Groen is gewild. De logisticus wordt kringloper. En het mooiste: het levert nog geld op ook, alleen niet altijd even veel.

Artikel oorspronkelijk gepubliceerd in Logistiek op 7 maart 2008.

Eind vorig jaar maakte Xerox een nieuwe mijlpaal bekend op het vlak van hergebruik en recycling. De totale reductie van afval vanaf 1991, toen de onderneming startte met het wereldwijde milieuprogramma Green World Alliance, was opgelopen tot 900 miljoen kilo. Een hoeveelheid, waarmee 160.000 vrachtwagens kunnen worden geladen. Dat is een rij met een lengte van 1.600 kilometer.

       

De reductie bij Xerox kwam tot stand omdat steeds meer onderdelen en materialen van tonercartridges opnieuw worden gebruikt. Het uiteindelijke streven van het concern is dat er geen grammetje meer op een afvalberg komt.

         

Dat onderdelen en materialen een nieuw leven krijgen, is niet alleen goed voor het milieu, maar ook voor de fabrikant zelf, want er is meer dan $- 2 miljard aan grondstoffen en onderdelen bespaard.

          

Daar staat tegenover dat het organiseren van de retourstromen ook investeringen vergt. “Maar we leggen er geen geld bij,” vertelt Ger Vergeldt, ma–nager van het retour management systeem van Xerox in Venray. “Alle kosten van het inzamelen van onze retouren kunnen we dekken uit de besparingen, die we ermee realiseren.”

          

Retour per post

Wanneer een cartridge op is, sturen de klanten deze over de post terug naar Xerox. Vergeldt: “De methode is eenvoudig. Ze stoppen de oude cartridge in de doos van de nieuwe, daar zit ook een adressticker in en via de post komt het dan bij onze nationale inzamelpunten. Van daaruit gaan de cartridges allemaal op transport naar Venray.”

De grootste stroom loopt over de post, maar er zijn nog meer retourstromen. Klanten kunnen ook eco-boxen bestellen, die binnen twee dagen door een pakketdienst worden opgehaald. En voor grotere producten is er een apart ophaalproces. Tenslotte brengen ook de servicemonteurs producten mee terug in hun auto’s.

         

Vorig jaar werden via deze vier kanalen 2,7 miljoen cartridges en tonerhouders en bijna vijf miljoen kilo aan afval opgehaald.

        

Dezelfde aanpak hanteert Xerox bij afgedankte apparatuur. Herbruikbare onderdelen worden uit de machines gehaald, getest en opnieuw gebruikt. De overgebleven onderdelen worden afgevoerd of gerecycled. Van in totaal 43.000 ton aan materiaalafval heeft Xerox in 2006 volgens eigen opgave maar liefst 96 procent kunnen hergebruiken of recyclen.

      

Hergebruik lastiger

Waar Xerox en andere koplopers, zoals HP, Sony en Bosch vrijwillig mee begonnen, is in Nederland sedert augustus 2005 in het kader van de WEEE- en andere EU-regels een wettelijke verplichting voor alle producenten van elektronische apparatuur. Zij zijn verantwoordelijk voor het organiseren van de retourstroom en voor de organisatie van hergebruik dan wel recycling.

          

Tot grote logistieke uitdagingen heeft dat – over het geheel genomen – niet geleid, zo stelt Jacqueline Bloemhof, universitair docent Supply Chain Management aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. “Voor consumentenelektronica is het niet zo’n probleem. De leverancier van een nieuw apparaat neemt het oude gewoon mee terug. En dat gaat dan naar regionale verzamelpunten voor verwerking. Dat is logistiek niet erg ingewikkeld. Het blijft eeen proces van A naar B en vervolgens naar C. Hetzelfde geldt voor de b2b-markt. Meestal gaat dat om lease-producten. Ook hier zijn de vervoersstromen niet erg ingewikkeld.”

          

Anders wordt het, aldus Bloemhof, als producten terug gaan naar de fabrikant om te worden gerepareerd of om onderdelen terug te winnen. “Dat is in logistiek opzicht een stuk lastiger. Je komt dan voor hele nieuwe afwegingen te staan. Bijvoorbeeld hoeveel voorraad je wilt aanhouden van nieuwe onderdelen ten opzichte van de onderdelen die je herwint uit oude producten. Een vraag die daarmee verband houdt, is welk deel van de retourstroom je terug laat komen voor hergebruik en welk deel je niet laat terugkomen, maar elders aflevert ter recycling van de materialen.”

          

In geval van reparatie en hergebruik gaan de producten wel weer terug naar A. Deze retourbeweging heeft op dit moment nog maar op een gering deel van de retourstroom betrekking. Het overgrote deel gaat richting recylebedrijf. Bloemhof betreurt dit. “Vanuit milieu-overwegingen is hergebruik natuurlijk veruit te verkiezen boven recycling. Maar de Europese regelgeving pakt in dit opzicht niet goed uit. Er wordt gewerkt met recycle-normen in kilo’s per inwoner per jaar. Daardoor ontbreekt de inpuls voor innovatief productontwerp, waardoor hergebruik wordt gestimuleerd en recycling achterwege kan blijven.”

          

Second life

Toch komt hergebruik meer en meer in beeld, signaleert Morgan Johnson, director of global service delivery van Sims Recycling Solutions. Deze onder–neming runt acht grote ‘sites’ voor end-of-life producten, die over strategische plekken over de hele aarde zijn verspreid. Eén daarvan staat in Eindhoven.

           

Johnson: “Je ziet dat ondernemingen steeds beter analyseren waar hun goederenstromen uit bestaan en hoe die lopen. Ze komen dan tot nieuwe ontdekkingen. Bijvoorbeeld dat ze bepaalde reserve-onderdelen niet meer hoeven in te kopen als ze die terugwinnen uit de retourstroom. Wat je ook ziet is dat er in sommige delen van de wereld, zoals India of Brazilië een compleet nieuwe vraag ontstaat naar gebuikte onderdelen. Een producent van bijvoorbeeld netwerkapparatuur kan die dan voortaan gaan leveren vanuit de afgedankte producten die op een centraal punt zijn ingezameld. Daarmee boort hij een nieuw marktsegment aan.”

            

Hoe profijtelijk deze ‘second life handel’ is hangt van veel factoren af, zegt hij. “In het algemeen geldt dat hoe langer de economische levensduur van een product is en hoe steviger het prijskaartje, hoe lucratiever hergebruik of reparatie kan zijn. Je kunt daarbij denken aan servers, switches en andere hoogwaardige netwerkapparatuur en systemen voor data-opslag, maar ook aan de duurdere types mobiele telefoons. En verder is natuurlijk ook de vraag wat de geschiedenis is van een product. Als iets onder garantie retour komt en dus nog lang niet aan het einde is van zijn levenscyclus, dan is reparatie al snel heel interessant.”

            

Verder spelen ook imago-overwegingen in toenemende mate een rol, vervolgt Johnson. “Niemand kan het zich meer permitteren om gezien te worden als een bedrijf dat computerapparatuur dumpt in de krottenwijken van India. Daarom is het bedrijven heel wat waard om ervoor te zorgen dat ze werkelijk effectief omgaan met retour–stromen.”

          

Kijk op de klant

Maar natuurlijk gaat het niet alleen om imago. Het gaat evenzeer om klinkende munt. Hoeveel levert het beter omgaan met retouren op in harde euro’s? “Dat hangt sterk af van het type producten,” reageert Gerben Willems, algemeen directeur van Cycleon, een Europa-brede dienstverlener met hoofdkantoor in Utrecht en gespecialiseerd in retouren van elektronische apparatuur, zoals van Samsung, Brother en Konica Minolta. “Wij maken geen kwantitatieve business case met onze klanten, maar we bespreken wel met ze wat de mogelijke drivers zijn voor toegevoegde waarde. De rekensom kunnen ze daarna zelf wel maken. Retouren zijn in de basis natuurlijk altijd een kostenpost, maar ze kunnen ook waarde scheppen. Dat is duidelijk waar het om de materiële kant gaat, dus om recycling, refurbishing, repair en het terugwinnen van onderdelen, die vaak een veel langere levensduur hebben dan de lifecycle van een product. Kijk maar naar mobiele telefoons of laptops. Maar daarnaast zijn er ook commerciële waarden in het geding. Een klant, die iets retour stuurt, moet zich eerst registreren. Bij een call center, of online. Voor fabrikanten biedt dat een waardevol direct contactmoment, waar ze eerder niet over beschikten, want het directe contact loopt meestal via de retail. Zo krijgen ze dus meer kijk op de gebruiker van hun product. En dat kan bijvoorbeeld weer positief doorwerken in hun productontwikkeling.”

        

Kaders bij artikel:

VERPLICHT RETOUR

Vanaf 25 augustus 2005 moet op alle elektronische producten, die in ons land te koop worden aangeboden, het hergebruiklogo zijn aangebracht.

Dit is uitvloeisel van diverse Europese regels op het gebied van het milieu, waarvan de WEEE of AEEA de belangrijkste is.

De Waste Electronic and Electrical Equipment Directive, vertaald als richtlijn Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur (AEEA) trad op 13 augustus 2005 in werking. Deze richtlijn verplicht de producenten van elektronische apparatuur zorg te dragen voor inzameling en recycling, dan wel hergebruik.

In ons land verstrekt Center-Novem de vergunningen in het kader van deze Europese regelgeving. Er zijn inmiddels meerdere samenwerkingsverbanden ontstaan van producenten en importeurs van elektronische apparatuur, die bedrijven ondersteunen bij de uitvoering, zoals ICT Milieu, RTA en NVMP.

          

VIER TYPEN RETOURSTROMEN

Jacqueline Bloemhof, universitair docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, onderscheidt in een artikel over retourlogistiek dat in juni 2007 op logistiek.nl is gepubliceerd een viertal typen retourstromen:

1 Producten aan het einde van hun gebruikstermijn (end of use). Voorbeelden zijn: autobanden, mobiele telefoons en pc’s.

2 Garantieretouren. Deze komen voort uit service en wetgeving. Voorbeelden zijn: kleding, gereedschap, computeronderdelen en media-apparatuur.

3 Commerciële retouren. Dit zijn goederen, die wel zijn verzonden, maar niet zijn verkocht, met name door postorderbedrijven en –webwinkels. Kenmerk van deze goederen is dat ze niet gebruikt en niet kapot zijn.

4 Verpakkingsretouren. Het gaat hier om herbruikbare materialen zoals plastic kratten, pallets, containers, en flessen.

Reageer op dit artikel