2 aug 2011

Blog / Expertartikel

Hoe voorkomen we de volgende EHEC-misere?


Het wordt tijd dat zowel de industrie als overheden inzien dat op het gebied van tracking & tracing verdere stappen nodig zijn om de schade door incidenten als de EHEC-besmetting te beperken. Dat stelt Bart Schouw, Regional Solution Consultant Director bij Progress Software. Hij zet hier zijn theorie uiteen.
ehec

De EHEC-bacterie heeft de afgelopen maand behoorlijk wat schade aangericht in Duitsland, Nederland en andere Europese landen. Niet alleen doordat mensen er ziek van zijn geworden en zelfs aan zijn overleden, maar ook de economische schade is aanzienlijk. Vooral de onzekerheid over de bron van de bacterie laat een spoor van vernieling achter. Achtereenvolgens zijn al komkommers, tomaten, sla en taugé de boosdoeners geweest - en weer onschuldig verklaard. Intussen raadt Minister Schipper van Volksgezondheid af om rauwe rucolakiemen, mosterdkiemen en fenegriekkiemen te eten. Dit door de besmetting in Frankrijk waar de soorten al volledig uit de handel zijn gehaald. Volgens de laatste berichten wordt Egypte als besmettingsbron aangewezen, maar het is nog maar afwachten of dit terecht is. Door de besmetting zijn niet alleen de telers van de groenten geraakt: ook de hele agrarische logistieke keten voelt het effect van de bacterie - van transportbedrijven en veilingen tot groentewinkels.
   

Salmonella
Het is niet voor het eerst dat dergelijke epidemieën zich voordoen. Zo was er in 2009 in de Verenigde Staten een uitbraak doordat pinda's besmet bleken te zijn met salmonella. Grote partijen pinda's moesten worden teruggehaald. Ook bij die uitbaak was de schade in meerdere opzichten groot. Het is belangrijk dat de industrie leert van eerdere gebeurtenissen. De schade zou aanzienlijk beperkt kunnen worden door relevante informatie beter te benutten.
  

Informatie monitoren
Om een dergelijke besmetting onder controle te krijgen is het essentieel dat de bron zo snel mogelijk wordt geïdentificeerd en verdere verspreiding wordt tegengegaan. Het is daarom belangrijk om in zo'n kort mogelijke tijd via de keten de afkomst van mogelijk besmette producten te achterhalen zodat verder onderzoek kan worden verricht en de bron kan worden bevestigd. Om dit proces zo snel mogelijk te laten verlopen is het essentieel om relevante informatie te monitoren en inzichtelijk te maken zodat hier direct op kan worden gereageerd. Zo ligt er bijvoorbeeld veel essentiële informatie verscholen bij voedseldistributeurs en verdere logistieke organisaties.

  

Gebieden isoleren

Ideaal gezien zouden zij problemen direct kunnen detecteren en de mogelijkheid hebben om er in zeer korte tijd op te reageren. Ook al is het wederom lastig gebleken om de voedselbron, zoals komkommers, taugé of rucola, volledig te isoleren; wel kunnen logistieke bedrijven geografische gebieden waar de epidemie uitbreekt isoleren en deze informatie combineren met informatie uit de distributieketen. Met het juiste inzicht in de bedrijfsprocessen binnen deze keten wordt sneller duidelijk waar in de distributieketen het besmette voedsel voorbij is gekomen. Dit vergroot de kans aanzienlijk op het achterhalen van de bron, zoals een verwerkingsfabriek, boerderij of distributiecentrum. Bovendien was het dan waarschijnlijk niet nodig geweest om de volledige import van diverse groentesoorten stop te zetten en grote partijen onbesmette groenten te vernietigen. Dat had de financiële schade wellicht kunnen beperken.

   

GFL helpt niet

Mede door de General Food Law, die in 2002 is ingevoerd, is veel belangrijke informatie uit de keten al beschikbaar. Deze wet schrijft namelijk voor dat voedselbedrijven in elke schakel moeten bijhouden waar grondstoffen vandaan komen, waarin ze worden verwerkt en waar het eindproduct zich bevindt. Het doel van de nieuwe regelgeving is het kunnen traceren van afwijkingen van voedselveiligheid en bij incidenten sneller en efficiënter verdachte producten uit de schappen terug kunnen halen. De gedachte is goed, maar helaas heeft het niet geholpen om de EHEC-besmetting tegen te gaan. Er zijn verdere maatregelen nodig zodat voedselbedrijven werkelijk snel kunnen regeren op incidenten.

 

Verschillende schakels

Het grootste probleem is waarschijnlijk dat de informatie verspreid is over verschillende schakels waardoor het niet geïntegreerd geanalyseerd kan worden waardoor er onvoldoende kennis is over de mogelijke bron(nen) van de EHEC-bacterie. Dit is ook in het belang van de bedrijven, want hoe sneller zij kunnen aantonen dat hun producten veilig zijn, des te sneller er weer geld verdiend kan worden. Snelheid is belangrijk bij dergelijke incidenten en kennelijk is het momenteel nog niet mogelijk om grote hoeveelheden informatie van voedselbedrijven en de verschillende schakels binnen de keten snel te analyseren en direct tot actie over te gaan. Om dit te bereiken moet een manier worden gevonden om de data die bij de verschillende bedrijven binnen de keten verscholen ligt te laten communiceren met elkaar zodat ketenbrede analyses kunnen worden gedaan.

 

Silo-vorming gegevens

De General Food Law is al een stap in de goede richting, maar er is meer nodig. De wetgeving heeft geleid tot een centraal waarschuwingensysteem. Echter, het verzamelen en rapporteren van alle informatie over de herkomst van producten en het inzetten van adequate systemen hiervoor wordt nog aan de markt over gelaten. Organisaties zijn ieder voor zich verantwoordelijk om voor hun deel van de keten herkomstinformatie te registreren en indien nodig te rapporteren. Dit leidt automatisch tot silo-vorming van gegevens.

   

Er is sinds de invoering van de General Food Law enorm veel veranderd op het gebied van integratie-denken en er kunnen grote stappen worden gezet zodat informatie beter wordt benut en sneller kan worden gereageerd op incidenten als de EHEC-besmetting. Data-silo's kunnen worden afgebroken door een common data-model te gebruiken. Dit model is nodig om betekenis te geven aan data en benodigde informatie uit verschillende data-silo's snel aan elkaar te correleren. In de telecomsector wordt bijvoorbeeld gebruik van gemaakt een ‘SID Framework' om gegevens tussen verschillende telecomaanbieders wereldwijd te kunnen delen voor grensoverschrijdend telefoonverkeer. In de voedselindustrie kan het model op soortgelijke manier worden ingezet om de communicatie tussen de verschillende registratiesystemen tot stand te brengen.

   

Standaardisatie

Een belangrijke eerste stap die moet worden gezet is standaardisatie. Hiermee wordt de weg vrijgemaakt voor het analyseren van data uit verschillende data-silo's wanneer incidenten zoals de EHEC-besmetting zich voordoen. Zo kan de herkomst van producten snel worden achterhaald. Tracken en tracen gebeurt natuurlijk al vaker bij voedselbedrijven. Denk aan recall-acties wanneer er bijvoorbeeld glassplinters zijn gevonden in een potje pindakaas. Hierbij is de ‘besmetting' meteen merkbaar en is ook direct de locatie van de informatie duidelijk die nodig is om een recall-actie op te zetten. Oftewel, je bent slechts één stap verwijderd van de data-silo zelf, in dit geval de industriële producent. Helaas is het in het geval van de EHEC-besmetting aanzienlijk complexer om besmette producten te achterhalen.

   

Allereerst hebben we bij het EHEC-incident te maken met een bacteriële, en dus levende en zich verspreidende, besmetting. Een bijkomend probleem is dat de besmetting aanvankelijk onzichtbaar is en effecten pas later optreden. Bij het achterhalen van de besmette producten loop je dus automatisch een vertraging op. Des te meer reden om snel te handelen en de herkomst van producten zo snel mogelijk te achterhalen. Wat het nog ingewikkelder maakt is dat binnen het MKB verschillende producten worden verwerkt tot een eindproduct dat de keten overstijgt. In het geval van een restaurant komen de producten vanuit verschillende ketens terecht op één bord, waardoor je verschillende stappen verwijderd bent van de producent waar de besmetting begonnen is.

   

Monitoren tweets

Het achterhalen van de oorzaak van de EHEC-besmetting is dus aanzienlijk complexer dan een reguliere recall-actie. Om de schade van de EHEC-besmetting te beperken is het essentieel om relevante informatie beter te benutten. Niet alleen informatie uit de voedselindustrie zelf maar bijvoorbeeld ook uit de zorgsector en informatie die beschikbaar is door social media zoals Twitter. Door het monitoren van tweets die gaan over griep, diarree en andere symptomen, kan al in een vroeg stadium zichtbaar worden waar mogelijke epidemieën zich voordoen. Het monitoren van griepepidemieën op Twitter wordt al gedaan. De volgende stap is dat alle beschikbare relevante informatie wordt gecombineerd, zodat deze kan worden geanalyseerd en er direct actie kan worden ondernomen in het geval van onverwachte veranderingen. Het mag duidelijk zijn dat dit makkelijker gezegd is dan gedaan, maar er kunnen nog grote stappen worden gezet. De technologie die hiervoor nodig is bestaat al.

   

Deze crisis toont hoe dan ook wederom aan dat de voedselindustrie dringend behoefte heeft aan de mogelijkheid om een dergelijke uitbraak snel te identificeren, isoleren en beheersen. Met het invoeren van de General Food Law is al een belangrijke stap gezet. Een logische vervolgstap zou zijn dat een body wordt opgezet die toeziet op het gebruik van een ‘Lingua Franca' bij de verschillende bedrijven, wat het mogelijk maakt om een gemeenschappelijke taal te ontwikkelen. Het wordt tijd dat zowel de industrie als overheden inzien dat verdere stappen nodig zijn om de schade door incidenten als de EHEC-besmetting te beperken.

door Bart Schouw 2 aug 2011 laatste update:26 mei 2012