12 okt 2012

Nieuws

‘Controle op Oost-Europese truckers schiet tekort’


De Inspectie Leefomgeving en Transport blijkt door onderbezetting zelden te controleren of Oost-Europese truckchauffeurs beschikken over de juiste de papieren voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. De vereiste diploma's zijn in het buitenland te koop zonder dat er iets voor hoeft te worden gedaan, meldt het Vara-onderzoeksprogramma Zembla vooruitlopend op de reportage ‘Explosief transport’ die vanavond wordt uitgezonden.
‘Controle op Oost-Europese truckers schiet tekort’

Om gevaarlijke stoffen te vervoeren moet een chauffeur een ADR-diploma hebben. Dat document is volgens het programma niet op echtheid te controleren. Ook is er geen Europese controle op de kwaliteit van de opleidingen. Een Poolse chauffeur zegt volgens het programma dat hij naar een vriend ging, hem geld gaf en zo het diploma kreeg.

Voldoende veiligheidsmaatregelen
De Inspectie Leefomgeving en Transport moet controleren of bij gevaarlijke transporten voldoende veiligheidsmaatregelen zijn genomen. Door onderbezetting zou minder dan een procent van alle transporten worden gecontroleerd, aldus Zembla.

Inspectie voldoet aan Europese normen
Een woordvoerder van de inspectie zegt in een reactie op de website Transportonline dat het ‘om risicogerichte inspecties gaat’. "We richten ons op wagens waarvan we vermoeden dat er iets mis mee is. Dan is het niet nodig alles te inspecteren. Wij voldoen aan de Europese normen wat het aantal controles betreft." Hij wijst er verder op dat ook de politie controles uitvoert.


Overtreders zijn Den Hartogh en Van den Bosch
Twee grote Nederlandse logistiek dienstverleners Den Hartogh uit Rozenburg en Van den Bosch uit Erp zouden Europese regelgeving overtreden door met illegale bedrijfsconstructies de Nederlandse cao te omzeilen. Via vestigingen in het buitenland laten ze Oost-Europese chauffeurs voor een veel lager loon werken.

Regels zijn onduidelijk
Ook zouden de chauffeurs per kilometer krijgen uitbetaald, wat verboden is omdat ze hierdoor sneller de rij- en rusttijdenwet overtreden. Directeur Peter van den Bosch zegt in de Zembla-uitzending dat het niet duidelijk hoe de regels in elkaar steken: ‘Vertel ons precies aan welke dingen wij moeten voldoen en wij zullen daar aan voldoen’.

Veelzeggend probleem
Volgens Edwin Atema van FNV Bondgenoten is dat niet het probleem. “Ze snappen wel hoe je op zo'n goedkoop mogelijke manier chauffeurs naar Nederland moeten krijgen, maar gewoon de regels die we met elkaar kunnen lezen, dat ze dat niet snappen, zegt alles over het gedrag van deze transporteurs.”

Chemieconcerns nemen geen verantwoordelijkheid
Grote chemieconcerns als Shell en Exxonmobil weigeren inmiddels veel Oost-Europese vrachtautochauffeurs omdat ze hun veiligheidstests niet halen. De vervoerders zouden dat oplossen door de goederen op te laten halen door een Nederlandse chauffeur, waarna een Oost-Europese chauffeur het transport op een parkeerterrein overneemt. De chemische bedrijven treden hier niet tegen op omdat hun verantwoordelijkheid bij de poort op zou houden.
Overigens constateert de inspectie geen extra overtredingen bij chauffeurs van Oost-Europese bedrijven.

Zorgelijke situatie
PvdA-Kamerlid Attje Kuiken, zegt tegenover Novum en Nu.nl, dat de situatie 'zeer zorgelijk' is. Ze wil opheldering over de rol van de inspectie en de rol van de vervoerders.
"Een 100 procent veilige situatie haal je nooit, maar ik wil wel weten of er bij de inspectie wel voldoende capaciteit is om deze misstanden te voorkomen en of dit voldoende prioriteit krijgt", aldus Kuiken.

door Bas Dijkhuizen 12 okt 2012