Op 2 oktober is het grote GS1 ‘Speed Docking’ event. Een ding heeft het project geleerd: stipt is belangrijker dan snel. Kleine onbetrouwbaarheden in de normtijden voor laden lossen bepalen uiteindelijk de efficiëntie van het transportnetwerk. Stipter laden en lossen betekent 10 procent minder vrachtwagens op de weg.
Logistiek managers zijn bezeten van tijd. Het lijkt wel altijd sneller te moeten; maak plaats, maak plaats, wij hebben ongelofelijke haast. Nog sneller leveren, nog harder op de snelweg en het spoor en nog versere producten in de schappen.
Behalen we met al die haast onder aan de streep ook echte verbeteringen? Worden ketens nu echt vlugger, verser en vollediger? Moet het naast snelheid niet vooral gaan over voorspelbaarheid en betrouwbaarheid? Niet de gemiddelde tijd telt, maar de uiterste tijd die iets kan duren.
Die laatste 5 procent
Veel faalkosten hangen samen met de laatste vijf procent orders waarmee wat aan de hand is. Je hebt al capaciteit geboekt bij de transporteur, maar een deel van de producten is nog niet klaar. Het management vond een servicegraad van 98 procent voldoende. Het resultaat is ‘foutvracht’; de vrachtwagen vertrekt halfvol.
Die Chinese leverancier levert gemiddeld binnen 2 dagen met luchtvracht, maar in 5 procent van de gevallen levert hij pas na 9 dagen, omdat er niet voldoende capaciteit is. Het resultaat: de veiligheidsvoorraad wordt bepaald door die uitschieter van 9 dagen, en niet door die gemiddeld 2 dagen.
Die klant waar het lossen van een vrachtwagen twee uur langer duurt dan gepland verstoort de hele transportplanning. Dat leerde het ‘speeddocking’ project van Mars en Heinz. Er rijden daardoor 10 procent teveel vrachtwagens in Nederland rond.
Illusie van tijdswinst
Ik vraag me echt af of het nog sneller rijden op snelwegen, van 100, naar 120 en straks 130 kilometer per uur, ons onder aan de finish echt tijdwinst opgeleverd. Of, wordt die tijdswinst straks teniet gedaan door langere wachten bij de steeds drukkere pompstations waar we vaker heen moeten? Of, veel vertraging door het grotere aantal kop-staart ongelukken. Dat is de illusie van tijdswinst. Dan kies ik liever voor een zekere 100 kilometer per uur. Hoeveel zou die betrouwbaarheid ons eigenlijk waard zijn?
Weet wat je meet
Mijn moeder riep altijd dat je kunt verdrinken in 30 centimeter water. In het beheersen van processen is dat ook zo. Het is verstandiger eerst de spreiding van in de normtijden aan te pakken, voordat je de gemiddelde normtijd probeert te versnellen. Met ‘process mining’ heeft Caroz snel inzichtelijke analyses uitgevoerd voor het Speed Docking project van Heinz en Mars.
Bedrijfsprocessen laten ‘digitale sporen’ na in de ICT-systemen. Dat noemen we ‘audit trails’. Dit geeft nuttige informatie over de spreiding in normtijden, waar ze in het proces optreden en waar de knelpunten zitten. Het vertelt je of het proces ook echt loopt zoals je dat bedacht hebt?
De moraal van het verhaal: verminder eerst de spreiding en verbeter dan de gemiddelde norm! Dat levert echt tijdswinst op.