Logistieke bedrijven die gebruik maken van ingeleend personeel van uitzendondernemingen kunnen aansprakelijk gesteld worden voor de loonheffingen en omzetbelasting die de uitzendonderneming niet heeft betaald. Maar tegenwoordig is het voor inleners mogelijk om een volledige vrijwaring te krijgen van deze 'inlenersaansprakelijkheid'. Pieter Tra en Alexander Rasink van Mazars schreven er een expertartikel over.
Ondernemingen die werknemers inlenen kunnen worden geconfronteerd met inlenersaansprakelijkheid. Deze risicoaansprakelijkheid – wettelijk vastgelegd in artikel 34 van de Invorderingswet 1990 – betekent dat de inlener aansprakelijk gesteld kan worden door de Belastingdienst voor de door de uitlener verschuldigde en onbetaald gebleven loonheffingen en btw. De inlener kan zo'n aansprakelijkstelling niet voorkomen maar wel maatregelen nemen om de hoogte van het bedrag waarvoor hij aansprakelijk gesteld wordt te beperken.
Eén van de bekendste maatregelen is het betalen van een deel van de factuur van de uitlener naar diens g-rekening. Deze betalingen hebben echter geen (volledige) vrijwarende werking. Daarom wordt aanvullend geadviseerd dat inleners slechts zaken doen met betrouwbare uitleners. Het keurmerk van ‘betrouwbaarheid’ kennen we tegenwoordig als de NEN-certificering, waarbij een onafhankelijk orgaan (de Stichting Normering Arbeid, SNA) toetst of de uitzendonderneming voldoet aan (onder meer) haar fiscale, sociale en arbeidsrechtelijke verplichtingen. Door de zware en brede toetsing wordt er in de praktijk veel waarde gehecht aan deze accreditatie. Echter, inleners zagen hun keuze voor een gecertificeerd bedrijf niet terug in de gewenste zekerheid omtrent beperking van de inlenersaansprakelijkheid. Daar is nu verandering in gekomen.
Voorwaarden voor volledige vrijwaring
Indien bij het inlenen van personeel wordt voldaan aan de volgende voorwaarden, dan loopt de inlener met ingang van 1 juli 2012 niet langer risico op een aansprakelijkstelling:
- De uitzendonderneming waarvan het personeel wordt ingeleend, voldoet aan de NEN 4400-1 of NEN 4400-2 norm en is in dit kader opgenomen in het register van de Stichting Normering Arbeid (SNA);De inlener van het personeel stort 25 procent van de factuurbedragen (inclusief omzetbelasting) op de geblokkeerde rekening (g-rekening) van deze uitzendonderneming. Indien de omzetbelasting is verlegd naar de inlener, dan kan wordt volstaan met een storting van 20 procent van de factuurbedragen;
- De stortingen op de g-rekening van de uitzendonderneming voldoen aan de voorwaarden waaronder sprake is van vrijwarende betalingen;
- De inlener moet de identiteit van het ingeleend personeel kunnen aantonen en dient dan ook te beschikken over kopieën van paspoorten of identiteitsbewijzen en indien van toepassing verblijfs- en/of tewerkstellingsvergunningen. Bovendien dient de inlener zijn administratie zo in te richten dat de gegevens die van belang zijn voor het vaststellen van de inlenersaansprakelijkheid (en de vrijwaring hiervan) kunnen worden teruggevonden. De NEN 4400-1 norm geldt alleen voor Nederlandse bedrijven. De NEN 4400-2 norm geldt voor buitenlandse bedrijven. Wanneer de uitzendonderneming uit het SNA-register wordt geschrapt, dan vervalt de vrijwaring van de inlenersaansprakelijkheid vanaf dat moment. Op de website van de SNA (www.normeringarbeid.nl) kunt u zich gratis aanmelden om te worden geattendeerd op het schrappen van uitzendondernemingen uit het register.
Beursgenoteerde uitzendondernemingen
Uitzendondernemingen die beursgenoteerd zijn in een OESO-land kunnen met ingang van 1 juli 2012 voor bedrijfsonderdelen die NEN 4400-1 of NEN 4400- 2 geregistreerd zijn, zekerheid stellen als alternatief voor stortingen op een g-rekening. In principe zal de uitzendonderneming hiervoor een bankgarantie moeten overleggen, waarop de belastingdienst een beroep kan doen indien de genoemde bedrijfsonderdelen de loonheffingen en/of omzetbelasting niet afdragen.
Overgangsregeling en oude jaren
De nieuwe regeling is nog niet van toepassing op stortingen vóór 1 juli 2012. Voor deze stortingen geldt dan nog alleen – indien aan alle voorwaarden is voldaan – een vrijwaring tot ten hoogste het bedrag dat op de g-rekening is gestort. Let wel: de nieuwe regeling geldt evenmin voor stortingen die betrekking hebben op werkzaamheden die zijn verricht vóór 1 juli 2012, maar waarvan de storting is gedaan na deze datum.